Om inzicht te krijgen in uw bloeddruk, kan uw arts u vragen om thuis uw bloeddruk te meten. Het is van groot belang voor een weloverwogen behandeladvies om de bloeddruk zorgvuldig te meten. In de behandeling van hoge bloeddruk geeft een gemiddelde van de thuis gemeten bloeddruk een beter beeld dan de metingen in de spreekkamer.
Stappen voor een correcte bloeddrukmeting
Het is belangrijk om een correcte bloeddrukmeting uit te voeren om betrouwbare resultaten te verkrijgen. Hieronder volgen de stappen die u kunt volgen:
Stap 1: Ontspannen voor de meting
Het is belangrijk dat u een half uur voor de meting:
- Niet rookt
- Geen koffie drinkt
- U niet enorm inspant
Zorg dat u 5 minuten voor de meting rustig gaat zitten.
Stap 2: Bloeddrukband plaatsen
- Meet aan de arm die u het minst gebruikt: als u met rechts schrijft, dan meet u aan de linkerarm.
- Ontbloot uw bovenarm: stroop de mouwen van dunnere kleding op, een vest of trui kunt u beter uittrekken.
- De bloeddrukband moet ter hoogte van uw hart zitten, dit is ongeveer 2 centimeter boven de elleboog.
Stap 5: Check uw bloeddruk
Na het meten van uw bloeddruk is het belangrijk om uw waarden te bewaren. Zo kunt u ze gemakkelijk vergelijken als u opnieuw meet of deze wilt bespreken met de huisarts.
Aanbevelingen en overwegingen bij bloeddrukmetingen
Evalueer de bloeddruk door middel van meerdere spreekkamermetingen. Doe een 24-uurs meting (voorkeur) of een geprotocolleerde thuismeting om een witte-jas-hypertensie uit te sluiten. Voel de pols bij het meten van de bloeddruk om personen met atriumfibrilleren op te sporen.
Er zijn verschillende voor- en nadelen verbonden aan de verschillende bloeddrukmeetmethodes. Een spreekkamermeting is weinig belastend maar valt vaak hoger uit en is minder consistent dan een ambulante of dertigminuten meting. Een 24-uurs bloeddrukmeting is betrouwbaar maar wordt door sommigen als belastend ervaren. Een geprotocolleerde thuismeting is minder belastend, maar vraagt wel van de patiënt dat hij een week lang volgens protocol 2x per dag de bloeddruk meet en geeft geen informatie over de nachtelijke bloeddruk. De BP30-meting heeft als voordeel, dat het in 30 minuten klaar is, maar voor een patiënt zou het een nadeel kunnen zijn dat hij 30 minuten alleen in een kamer zit. Ook de dertig minuten meting geeft geen informatie over de nachtelijke bloeddruk. De bloeddruk gemeten over de nacht blijkt een sterker voorspeller te zijn dan bloeddruk overdag.
Voor de praktijk is een 24-uurs meting en geprotocolleerde thuismeting relatief makkelijk uitvoerbaar. Beide vergen wel een goede instructie aan de patiënt. Bij de BP30-meting hoeft de patiënt, buiten rustig blijven zitten, niets te doen. De meting neemt echter wel veel tijd en ruimte in beslag. Dit kan in de organisatie een probleem zijn.
Let op: geautomatiseerde apparaten zijn niet goedgekeurd voor bloeddrukmeting bij patiënten met boezemfibrilleren. In de praktijk blijkt dat spreekkamermetingen niet altijd optimaal worden uitgevoerd. De patiënt dient namelijk eerst 5 minuten te zitten in een rustige omgeving. De juiste manchet moet worden gebruikt aan de arm waarvan bekend is dat die de hoogste waarde geeft en er dienen ten minste 2 metingen gedaan te worden met een tussenpoos van 1 tot 2 minuten.
Bloeddrukwaarden en interpretatie
Het is bekend welke waardes van de 24-uurs bloeddrukmeting en de geprotocolleerde thuismeting overeenkomen met de 140 mmHg spreekkamermeting. Voor de hogere bloeddrukken is daar minder onderbouwing voor en is geprobeerd een schatting te maken mede aan de hand van de Amerikaanse bloeddrukrichtlijn (Whelton, 2017) en op basis van consensus van experts.
Indien ambulante bloeddrukmetingen niet haalbaar zijn, kan een BP30-meting worden overwogen. De werkgroep adviseert de bloeddruk te bepalen aan de hand van meerdere metingen volgens onderstaand stroomschema. Indien de bloeddruk slechts licht verhoogd is, kan deze rustig geëvalueerd worden over een periode van weken tot maanden. In dit schema is als uitgangspunt de spreekkamermeting 140 mmHg gekozen als streefwaarde. De belangrijkste indicaties voor het meten van de bloeddruk zijn het schatten van het risico op hart- en vaatziekten en het bepalen of streefwaarden al dan niet behaald zijn.
Verschillende meetmethoden
In de praktijk kunnen verschillende soorten bloeddrukmeetmethode toegepast worden. Zo zijn er onder andere de 24-uurs ambulant bloeddrukmeting (ABPM) en de geprotocolleerde thuismeting (HBPM) (zie tabel 1). Een spreekkamerbloeddrukmeting (OBPM) is een bloeddrukmeting door een gezondheidszorgmedewerker. Dit kan zowel handmatig of elektronisch zijn. Een elektronische bloeddrukmeting (AOBP) is een bloeddrukmeting, waarbij de eerste meting wordt gedaan door een gezondheidszorgmedewerker.
Bij de 24-uurs bloeddrukmeting (ABPM) krijgt de patiënt een automatische bloeddrukmeter mee. Bij de geprotocolleerde thuismeting (HBPM) meet de patiënt een week lang, meestal ’s morgens voor het ontbijt en ’s avonds 2 uur na het eten, de bloeddruk met een automatische bloeddrukmeter (telkens tweemaal). Er bestaan ook andere meetprotocollen voor HBPM, maar bovengenoemde variant is het meest bestudeerd.
BP30-meting: Onderzoek en resultaten
De BP30-meting is een meting van de bloeddruk om de vijf minuten voor een totaal van 30 minuten terwijl de patiënt zit en niet gestoord wordt. De uiteindelijk geregistreerde waarde is het gemiddelde van de laatste zes metingen. Als referentie werd de laatst gemeten spreekkamerbloeddruk genomen voordat een BP30-meting plaatsvond.
Scherpbier (2011) onderzocht de overeenstemming tussen een BP30-meting en een gestandaardiseerde spreekkamermeting. In twee huisartsenpraktijken werden opeenvolgende patiënten, waarbij een bloeddrukmeting tijdens afspraak geagendeerd was, gevraagd om aan het onderzoek deel te nemen.
Van der Wel (2011) nodigde elke patiënt van 18 jaar of ouder doorverwezen voor een 24-uurs ABPM-meting uit. De BP30-meting vond voorafgaand aan de 24-uurs ABPM-meting plaats. Alle BP30-metingen vonden plaats tussen 11 uur en 15 uur in een rustige kamer in een diagnostisch centrum. De bloeddruk werd gemeten aan de niet-dominante arm met vijf-minutenintervallen. De gemiddelde bloeddruk werd door de laatste zes metingen bepaald. De gemiddelde dag ABPM werd berekend uit de lezingen van 9 uur tot 21 uur.
Culleton (2006) vergeleek de BP30-meting met het daggemiddelde van de 24-uurs ABPM-meting. Volwassen patiënten met hypertensie bij wie een ABPM aangevraagd zou worden, kwamen in aanmerking voor de studie. De BP30-meting vond om de vijf minuten plaats gedurende 25 minuten. Het gemiddelde van de bloeddruk werd gebaseerd op de laatste vijf metingen. Het is onbekend hoe de 24-uurs ABPM-meting werd verkregen.
In beide studies was de bloeddruk gemeten volgens de BP30-meting significant lager dan de bloeddruk gemeten op de spreekkamer. Ook de resultaten uit de studies van der Wel (2011) en Culleton (2006) zijn weergegeven in tabel 2. In de studie van Van der Wel (2011) was de BP30-meting vergelijkbaar met de ABPM-meting gedurende de dag, terwijl in de studie van Culleton (2006) de bloeddruk gemeten met een BP30-meting significant lager was dan het dag gemiddelde ABPM-meting.
Postprandiale hypotensie: Lage bloeddruk na het eten
Onlangs heeft u te horen gekregen dat uw klachten mogelijk veroorzaakt worden door een stoornis in de bloeddrukregeling; postprandiale hypotensie. Kortweg betekent dit een daling van de bloeddruk na het eten.
Hoe werkt het?
Na het eten krijgt het hart minder bloedtoevoer omdat het bloed naar de darmen stroomt voor de vertering. Bij postprandiale hypotensie zakt uw bloeddruk meer dan 20 Mm/hg binnen een of twee uur na de maaltijd. Het komt vaak voor bij ouderen en bij patiënten met onder andere diabetes mellitus, hartfalen, Parkinson en Alzheimer dementie. We kunnen deze daling vaststellen door de bloeddruk te meten voor de maaltijd (maximaal een half uur van te voren) en drie kwartier na de maaltijd.
Wat zijn de klachten?
Uw klachten ontstaan doordat enkele organen in het lichaam te weinig bloed toegevoerd krijgen. De oorzaak van postprandiale hypotensie is nog niet geheel duidelijk.
Adviezen bij postprandiale hypotensie
Voor orthostatische hypotensie en postprandiale hypotensie gelden dezelfde adviezen (zie betreffende folder). In overleg met uw arts kunt u bekijken of het mogelijk is om te minderen of te stoppen met bloeddrukverlagende medicijnen. Drink cafeïne-houdende dranken (koffie) na de maaltijd. Het is beter om maaltijden te spreiden over de dag. Als de klachten veel invloed hebben op uw doen en laten, kunt u ervoor kiezen om na de maaltijd een uurtje te gaan liggen. Het is aan te raden om tussen de maaltijden een stukje te lopen. Dit activeert het sympathische systeem.
Treed er geen verbetering op, ook al volgt u alle bovenstaande adviezen? Dan kunnen we bekijken of u in aanmerking komt voor bepaalde medicamenten. Hiermee starten kan alleen in overleg met de geriater en uitsluitend als er geen contra-indicaties zijn. Het moet ook echt zo zijn dat bovenstaande adviezen niet geholpen hebben. Breng zelf geen veranderingen aan in uw bloeddrukverlagende medicatie.
Praktische tips voor thuis meten
Bij sommige mensen is de bloeddruk thuis vaak lager dan bij uw huisarts (gemiddeld 5 punten lager).Meet u bij een thuismeting een keer wat hogere bloeddruk, bijvoorbeeld 160/100? Noteer de bloeddruk en de situatie van het moment. Bijvoorbeeld op een werkdag, na het avondeten, in het weekend en voor het slapen gaan.
Tabel 1: Schattingen van corresponderende bloeddrukmetingen
| Meetmethode | Streefwaarde | Absolute behandelindicatie |
|---|---|---|
| Spreekkamermeting | 140 mmHg | 180 mmHg |
| 24-uurs meting | (Schatting) | (Schatting) |
| Geprotocolleerde thuismeting | (Schatting) | (Schatting) |
labels:
Zie ook:
- Zoutloze Recepten voor Hoge Bloeddruk: Heerlijke & Gezonde Opties
- Hoge Bloeddruk Dieet Recepten: Gezond & Lekker Eten
- Ontdek De Beste Hoge Bloeddruk Recepten Voor Een Gezond Dieet!
- Ontdek de Leukste Kindvriendelijke Lunchplekken in Maastricht voor Gezinnen!
- Recepten met Varkenswangen: Heerlijke Inspiratie!




