Bergen op Zoom, een stad in het westen van de provincie Noord-Brabant, draagt een geschiedenis met zich mee die diep geworteld is in de Nederlandse en Europese annalen. Wat ooit begon als een strategische nederzetting, groeide uit tot een belangrijk markiezaat en later een bruisende stad met een veelzijdige identiteit. Van de vroegste Romeinse nederzettingen tot de moderne industrie, Bergen op Zoom heeft vele transformaties ondergaan, elk met zijn eigen unieke verhaal en impact op de stad zoals we die vandaag kennen.
De Naam Bergen op Zoom
De vraag hoe Bergen op Zoom vroeger heette, roept vaak beelden op van een heel andere naam, maar de geschiedenis vertelt een genuanceerder verhaal. De stad stond niet bekend onder een radicaal andere naam, maar de status en betekenis ervan zijn in de loop der eeuwen wel veranderd. Oorspronkelijk was Bergen op Zoom de hoofdplaats van een gelijknamig markiezaat, een heerlijkheid die in 1533 werd verheven tot een markgraafschap. Voordat het een markgraafschap werd, was het deel van het Land van Breda, en na een splitsing in 1287 ontstond het Land van Bergen op Zoom als een afzonderlijke heerlijkheid.
De naam zelf kent diverse verklaringen: 'bergen' zou kunnen verwijzen naar een haven of de hoogteverschillen van de Brabantse Wal, terwijl 'Zoom' de rand van diezelfde Brabantse Wal zou kunnen aanduiden, of afkomstig is van 'soma', wat moeras betekent. Interessant is dat het later gegraven vaartje De Zoom geen invloed heeft gehad op de naamgeving.
Het Markiezaat Bergen op Zoom: Een Adellijke Erfenis
De geschiedenis van het markiezaat is onlosmakelijk verbonden met adellijke families, met name de Van den Berghs. Hoewel de officiële spelling van het woord markizaat zonder 'e' is, wordt het in verband met Bergen op Zoom meestal met een 'e' geschreven. Bijna driekwart eeuw, van 1599 tot 1671, droegen leden van de familie Van den Bergh de titel van markies of markiezin van Bergen op Zoom. Echter, gedurende een groot deel van deze periode was het gebied niet daadwerkelijk in hun bezit. Dit kwam voort uit de Tachtigjarige Oorlog. Toen de stad Bergen op Zoom in 1577 de Staatse kant van Willem van Oranje koos, bleven de toenmalige markies en markiezin trouw aan Spanje. Dit leidde ertoe dat de Oranjes het bestuur van het markiezaat overnamen.
Graaf Herman van den Bergh werd bij zijn huwelijk in 1599 met Maria Mencia van Wittem, de dochter van de vorige markies en markiezin, alleen in naam markies. Haar ouders waren vroeg overleden, en de stad was in handen van de Oranjes. De situatie veranderde met het ingaan van het Twaalfjarig Bestand in 1609, dat bepaalde dat de markies het vruchtgebruik (de inkomsten) van het markiezaat kreeg, terwijl het politieke gezag bij de Oranjes bleef. Pas met de Vrede van Münster in 1648 kreeg de markies ook het politieke gezag terug.
De opvolging van de markiezen kende een complexe lijn. Na het overlijden van graaf Herman en markiezin Maria Mencia in respectievelijk 1611 en 1613, volgde hun dochter Maria Elisabeth Clara hen op, hoewel zij nog maar drie jaar oud was. Zij trouwde in 1625 met haar neef Albert van den Bergh. Na haar overlijden in 1633 ontstond onenigheid over de erfenis. Zowel haar man Albert als haar nicht Maria Elisabeth van den Bergh (dochter van Hendrik van den Bergh) maakten aanspraak op Bergen op Zoom. Uiteindelijk werd in 1644 besloten dat het graafschap Bergh voor Albert was en het markiezaat voor Maria Elisabeth. Deze Maria Elisabeth wordt aangeduid als Maria Elisabeth II, om haar te onderscheiden van haar voorgangster, Maria Elisabeth I (Maria Elisabeth Clara).
Maria Elisabeth II werd in 1649 ingehuldigd en haar overlijden in 1671 betekende het einde van de directe lijn van geboren Van den Berghs in Bergen op Zoom. Haar dochter Henriëtte Francisca, uit haar huwelijk met Eitel Frederik V van Hohenzollern-Hechingen, volgde haar op. Er waren plannen voor een huwelijk met haar achterneef Frederik Frans van den Bergh om Bergh en Bergen op Zoom weer te verenigen, maar zijn vroege overlijden verhinderde dit. Het markiezaat vererfde uiteindelijk in de familie van haar man en ging in 1698 definitief voor Bergh verloren. Toch bleven de graven van Bergh de markiezentitel voeren, zelfs meer dan een eeuw nadat het markiezaat officieel geen Berghs bezit meer was, wat de historische betekenis en het prestige van de titel onderstreepte.
In 1801 werd het markiezaat uiteindelijk aangekocht door de Bataafse Republiek en verloor het al zijn rechten.
SABIC in Bergen op Zoom: Een Pijler van de Moderne Economie
In de hedendaagse economie speelt Bergen op Zoom een belangrijke rol door de aanwezigheid van SABIC, een wereldwijde leider in de productie van geavanceerde materialen. SABIC in Bergen op Zoom richt zich op de productie van diverse kunststofproducten, voornamelijk plastic korrels. De locatie van SABIC in Bergen op Zoom is indrukwekkend in omvang en faciliteiten, wat de diepgang en schaal van hun activiteiten aantoont. In Bergen op Zoom maken we verschillende kunststofproducten, voornamelijk plastic korrels. Uit de SABIC-productportfolio is LEXAN™ resin (polycarbonaat) hiervan de bekendste.
Het terrein van SABIC omvat acht fabrieken, een uitgebreide technologieafdeling voor onderzoek en ontwikkeling, een moderne bedrijfsbrandweer voor veiligheid, een arbodienst, een eigen fitnesscentrum voor medewerkers, en diverse kantoorgebouwen. Bovendien beschikt SABIC over een eigen haven, cruciaal voor de aanvoer van grondstoffen. De Europese Supply Chain activiteiten en de commerciële organisatie van SABIC zijn eveneens in Bergen op Zoom gevestigd, wat de strategische positie van deze locatie benadrukt.
De visie van SABIC Bergen op Zoom is gericht op het behouden van een toppositie in de branche, met speerpunten die naadloos aansluiten bij de bredere strategie van de Innovative Plastics Business Unit en SABIC als geheel. Veiligheid staat hierbij altijd op nummer één, gevolgd door hoge standaarden voor betrouwbaarheid, duurzaamheid en kwaliteit van zowel producten als personeel. SABIC onderhoudt ook een goede relatie met inwoners, instanties en bedrijven in de gehele regio, wat hun verantwoordelijkheid als grote werkgever en buurman onderstreept.
Wie is een Inwoner van Bergen op Zoom?
De gemeente Bergen op Zoom telt op 25 juli 2024 ongeveer 70.000 inwoners, waarmee het de negende gemeente van Noord-Brabant en de 55ste gemeente van Nederland is. Hoewel de verstrekte informatie niet expliciet vermeldt hoe een inwoner van Bergen op Zoom wordt genoemd (een 'demoniem' zoals 'Amsterdammer' of 'Rotterdammer'), geeft het wel een beeld van de bevolking en de historische ontwikkeling van de gemeenschap. De stad is gelegen op en naast de Brabantse Wal, een overgangsgebied tussen een polderlandschap in het westen en een zandrug met landgoederen en natuurgebieden in het oosten. De ligging aan de Zoom, een waterloop ten noorden van de binnenstad, draagt eveneens bij aan de identiteit van de stad.
Een opvallende sociale groep die zich in de 19e en 20e eeuw in Bergen op Zoom ontwikkelde, waren de hoveniers. Deze families, vaak afstammelingen van katholieke 'immigranten' uit de Vlaamse Kempen en West-Brabant, vormden een aparte klasse in de stad. Zij waren gespecialiseerd in het kweken van een zeer divers assortiment aan groenten en fruit, voornamelijk voor de behoeften van de militaren die in de stad gelegerd waren. Om deze kennis binnen de families te houden, vonden er bij voorkeur huwelijken tussen deze hoveniersfamilies onderling plaats, wat leidde tot het ontstaan van een specifieke stand in de stad. Bekende hoveniersfamilies waren onder meer Franken, Verdult, Nuijten, Hopmans en Musters.
Van Handelsstad tot Garnizoensstad: Een Dynamische Geschiedenis
Bergen op Zoom heeft een rijke geschiedenis die teruggaat tot de Romeinse tijd, toen ter hoogte van de huidige Sint-Gertrudiskerk een offerplaats bestond. De stad zelf ontstond op een zandrug in een veengebied en ontwikkelde zich tot een belangrijk vooruitgeschoven bastion voor de hertog van Brabant tegen de expansie van Zeeland en Holland. Tussen 1198 en 1212 verkreeg Bergen op Zoom stadsrechten, hoewel de exacte datum onbekend is door een grote stadsbrand in 1397 die bijna de hele stad verwoestte. Een tweede grote brand in 1444 legde opnieuw een groot deel van de stad in de as, wat leidde tot verdere stadsontwikkeling en de aanleg van nieuwe markten en straten.
Als handelsstad op de grens van het graafschap Zeeland, het graafschap Vlaanderen en het hertogdom Brabant, floreerde Bergen op Zoom. Het had een bloeiende laken- en aardewerknijverheid. De Oosterschelde fungeerde als de toegang tot Antwerpen, en Bergen op Zoom profiteerde van twee jaarlijkse jaarmarkten die aansloten op de internationale markten van Antwerpen, waar Engels laken, wol en meekrap werden verhandeld.
Echter, vanaf 1530 verminderde het belang van Bergen op Zoom als handelsstad, deels door de Sint-Felixvloed die leidde tot verzanding van de Oosterschelde, en deels door de troebelen van de Tachtigjarige Oorlog. De stad transformeerde geleidelijk in een garnizoensstad. Haar strategische positie maakte haar een doelwit, zoals bleek uit het Beleg van 1588 door Parma en het hernieuwde Beleg van 1622 door Spinola. Beide belegeringen werden afgeslagen, mede dankzij bevoorrading vanuit zee en de inzet van de Schotse Brigade, gebeurtenissen die zelfs werden bezongen in het bekende lied 'Merck toch hoe sterck'.
De vestingwerken werden ingrijpend gemoderniseerd tussen 1698 en 1713 door Menno van Coehoorn, waardoor Bergen op Zoom deel ging uitmaken van de West-Brabantse waterlinie. De stad stond bekend als 'La Pucelle' (de Maagd) omdat ze nog nooit door een vijandelijke mogendheid was veroverd. Deze reputatie werd echter doorbroken in 1747, toen de Fransen tijdens de Oostenrijkse Successieoorlog de stad innamen na een beleg. Deze gebeurtenis is zo significant dat de naam BERG-OP-ZOOM te vinden is op de Arc de Triomphe in Parijs. Grote delen van de stad, waaronder de Sint-Gertrudiskerk, liepen zware schade op.
In 1867 werd de vesting opgeheven en ontmanteld, hoewel een militair garnizoen en erfgoed nog lange tijd bleven bestaan, met kazernes en een militair hospitaal. Recentelijk werd nog een deel van het onderaardse gangenstelsel van het Ravelijn "Antwerpen" ontdekt, een uniek restant van de Coehoorn-vestingwerken.
Overzicht van Historische Rollen van Bergen op Zoom
| Periode | Primaire Rol | Belangrijke Ontwikkelingen |
|---|---|---|
| Romeinse Tijd - 13e Eeuw | Ontstaan & Vroege Vestiging | Offerplaats, zandrug nederzetting, onderdeel Land van Breda, ontstaan Land van Bergen op Zoom (1287), stadsrechten. |
| 14e - begin 16e Eeuw | Handelsstad | Stadsbranden (1397, 1444), ommuring, havenkwartier, laken- en aardewerknijverheid, jaarmarkten. |
| Midden 16e - 19e Eeuw | Garnizoensstad | Sint-Felixvloed, Tachtigjarige Oorlog, belegeringen (1588, 1622), modernisering vestingwerken (Coehoorn), Franse inname (1747), opheffing vesting (1867). |
| 19e - 20e Eeuw | Industrialisatie & Modernisering | Hoveniers, ijzergieterijen, suikerfabrieken, spoorwegaansluiting, WWI vluchtelingen, WOII bevrijding, Deltawerken. |
| Heden | Moderne Economische Hub | Aanwezigheid van SABIC, focus op kunststofproductie, logistiek centrum. |
Moderne Ontwikkelingen en Infrastructuur
De 20e eeuw bracht nieuwe uitdagingen en kansen voor Bergen op Zoom. Tijdens de Eerste Wereldoorlog speelde de stad een belangrijke rol als aankomstplek voor vluchtelingen, voornamelijk uit België. De industrialisatie kwam op gang met ijzergieterijen, diverse suikerfabrieken, en een melasse-spiritusfabriek. De opening van het spoorwegstation en de opheffing van de vestingwerken, die stadsuitbreiding mogelijk maakten, zorgden voor economische impulsen. Een Engels reisverslag uit 1884 beschreef Bergen op Zoom echter nog als een "propere, saaie kleine stad", wat aangeeft dat de stad in landelijk opzicht lange tijd in de periferie bleef.
De bevrijding van Bergen op Zoom vond plaats op 27 oktober 1944 door Canadese militairen, en de stad herbergt een Canadese militaire begraafplaats voor meer dan 1000 gesneuvelden. Na de Tweede Wereldoorlog onderging de stad verdere modernisering. Tussen 1959 en 1964 werd de Theodorushaven aangelegd, en nieuwe industrieën zoals GE Plastics (nu onderdeel van SABIC) en Philip Morris vestigden zich in de omgeving. Delen van de Oude Haven werden gedempt, en hoewel een ambitieus stadsplan uit 1960 niet volledig werd gerealiseerd, leidde het wel tot de aanleg van de Westersingel en de bouw van nieuwe faciliteiten.
Van groot belang voor de huidige geografische en economische structuur van Bergen op Zoom waren de uitvoering van de Deltawerken en de aanleg van het Schelde-Rijnkanaal in 1975. Deze projecten leidden tot de bouw van dammen zoals de Oesterdam (1979-1986) en de Markiezaatskade (1980-1983). Hierdoor verdween de open verbinding met de Oosterschelde, wat resulteerde in het ontstaan van nieuwe watergebieden zoals het Markiezaatsmeer, het Zoommeer en de Binnenschelde. Ondiepten zoals Molenplaat en Bergse Plaat werden drooggelegd, waarbij Molenplaat een natuurgebied werd en op de Bergseplaat een woonwijk verrees.
Culturele en Religieuze Diversiteit
De religieuze geschiedenis van Bergen op Zoom is rijk en divers. De oudste kerk is de Sint-Gertrudiskerk, waarvan het bestaan teruggaat tot de 13e eeuw. Deze kerk, oorspronkelijk katholiek, was van 1580 tot 1966 in handen van de hervormden en is sinds 1987 weer katholiek. Naast de Sint-Gertrudiskerk zijn er diverse protestantse kerken, zoals Kerkelijk Centrum "De Ark" en de Ontmoetingskerk (voorheen gereformeerd, nu PKN). Ook de Evangelisch-Lutherse kerk en de Emmauskerk (voorheen Gereformeerde Kerken vrijgemaakt, nu Nederlandse Gereformeerde Kerken) zijn aanwezig, evenals nieuw-apostolische en Jehova's Getuigen gemeenschappen.
Sinds begin 18e eeuw kende Bergen op Zoom ook een Joodse gemeenschap, met een begraafplaats sinds 1783 en een synagoge sinds 1832. In de moderne tijd is de stad eveneens een thuisbasis voor de Islamitische gemeenschap, vertegenwoordigd door twee moskeeën: de Moskee El Feth en de Turkse Ul…
De Rol van de Hoveniers en Tuinders
P.A.W. van Caam & A.P. Vlak voor de ontwikkelingen van de suikerfabrieken, de gieterijen en de haardenfabrieken in Bergen op Zoom tegen het einde van de 19e en begin 20e eeuw, bestond 2/3 van de Bergse bevolking uit hoveniers en tuinders gezinnen. De bekendheid en de teelt ervan steeg tot duizelingwekkende hoogtes. Het land rond de stad leende zich niet alleen perfect voor deze groente, maar ook voor een grote variatie in groenten en fruit. Het was een behoorlijke vakgroep binnen de tuinderij. Aardbeien, bonen, koolsoorten, zomerpeen, appels en peren deden een forse duit in het inkomenzakje. Dat was hard nodig want de stad groeide sterk na de ontmanteling van de vesting.
Vele kleine lappen grond (veelal in of direct gelegen bij de stad) brachten genoeg op om de grote hoveniers-families te onderhouden….al was het sappelen! In het eerste decennium van de 20e eeuw werd de tuinders aangeraden zich te organiseren in vakgroepen en zo ontstonden de vak- en activiteiten groepen…in Bergen op Zoom wel voornamelijk gebaseerd op de katholieke grondslag. De inbreng van de christelijke groepen was er wel maar in mindere mate.
De grootste ontwikkelingen waren de oprichting van de Boerenleenbank en een veiling. De veiling was onderdeel van de R.K. Boerenbond. Dat leidde tot een splitsing in de hoveniersorganisatie. Het leidde tevens tot de oprichting van een tweede veiling, die van de Hoveniers- en Koopmansbond, bijgenaamd de Rode Veiling. De hoveniers en tuinders werden door hun vakbonden steeds meer behoorlijk voorgelicht en het gevolg was dat er cursussen ontstonden voor opleiding en bijscholing. Hiervan werd volop gebruik gemaakt en dat vertaalde zich weer in een groeiend aantal gevarieerde produkten.
Er ontstonden daardoor o.a. de toneelgezelschappen en zangverenigingen. En er kwam ook meer tijd om muziek te maken. De twee veilingen leefden tot aan de WO2 naast elkaar, totdat in 1954 voorzichtig werd geopperd om de veilingen los te koppelen van de bonden. Na rijp beraad was deze ontkoppeling een feit. Hierna werd overgegaan tot de oprichting van een geheel nieuwe veiling met een moderne structuur. Dit kreeg in 1960 zijn beslag door de opening van een totaal nieuw veilinggebouw aan de Moerstraatsebaan.
Na de WO2 was het voor veel hoveniers erg moeilijk hun oude gronden terug te krijgen. Veel grond rond de stad was verwoest door de bezetters. Zij legden een verdedigingsgordel rond een deel van de stad die veel goede tuinbouwgrond kostte. Na de oorlog werden lang niet alle gronden teruggegeven, want de stad zat dringend om uitbreiding verlegen. De nieuwste generaties hoveniers en tuinders zijn nog steeds erg trots op hun vak. Wel is er de ontwikkeling naar meer specialisatie gekomen en is het veldwerk voor een fors deel verplaatst naar de kassencomplexen. De ontwikkelingen van de supermarkten zijn hieraan wel debet. Dat is ook de reden dat de veilingen landelijk meer gaan samenwerken en daardoor smelt de Bergse veiling samen met de Bredase vanaf 1 januari 1990.
Franken Fruit: Een Modern Fruitbedrijf met Historische Grondslag
Nu ziet men steeds meer de boeren, zowel in de landbouw als veeteelt, hun eigen producten weer volop aanprijzen en ook weer zelf verkopen. Zo ook Franken Fruit, een fruitbedrijf in Bergen op Zoom. Wij telen fruit en groenten in de vollegrond, van appels en kersen tot snijbonen en venkel. Onze producten verkopen wij van medio juni tot en met eind november in het winkeltje op ons bedrijf. Alleen in deze periode, omdat wij geloven in de smaak en kwaliteit van verse producten. Bijzonder is dat u een groot aantal van onze producten zelf mag plukken.
Onze grootvader had grond aan wat nu de Holleweg is. Grenzend aan zijn land had de familie Nijsse een boomgaard. Toen in de jaren ‘70 de familie Nijsse ermee stopte, gaven zij een deel van het land terug aan wat nu Brabants Landschap is. Het ander deel werd opgekocht omdat de A58 over hun land kwam te lopen. Ook werd toen ziekenhuis Lievensberg (tegenwoordig Bravis) gebouwd.
Voor de familie Nijsse was de oppervlakte van de boomgaard te klein geworden en zij stopten met het bedrijf. Dit was voor onze vader/man Rienus Franken de gelegenheid om het bedrijf uit te breiden. Hij ging het overgebleven gedeelte van de familie Nijsse erbij pachten. Rienus breidde het bedrijf uit naar twaalf hectare, bleef aan de schuur zijn producten verkopen en startte met het zelf plukken van fruit.
Toen Rienus in 2012 onverwacht overleed, besloten zijn vrouw en kinderen het bedrijf voort te zetten, uit liefde voor het vak en hun man/vader.
Dagelijks kunt u aan de Fruitkar terecht voor zelfbediening. Deze staat altijd goed gevuld met appelen, peren en appelsap. Afhankelijk van het seizoen en de oogst zijn er aan de Fruitkar meerdere vruchten te verkrijgen. In de zomermaanden kunt u aan de Fruitkar ook terecht voor zomerfruit zoals aardbeien, pruimen, kersen en diverse bessen. In de fruitkar staat van alle producten een matige hoeveelheid. In onze boerderijwinkel hebben wij een ruimer aanbod producten. Ook kunt u bij ons terecht voor mandjes met streekproducten en fruit. In de boerderijwinkel worden mandjes met streekproducten aangeboden uit verschillende prijsklassen. Deze mandjes kunt u direct meenemen.
U kunt uw mandje zelf samenstellen door uw wensen tijdig telefonisch door te geven. Fruitmandjes en mandjes met streekproducten kunt u tevens buiten de openingstijden van de winkel op afspraak afhalen. In deze zelfbedieningswinkel worden diverse producten van de eigen boerderij verkocht, maar ook andere mooie regionale producten.
labels:
Zie ook:
- Ontdek Hoe Je Gesneden Groenten Lang Vers Houdt met Deze Simpele Bewaartips!
- Fruit op Taart: Creatieve Ideeën en Heerlijke Combinaties
- Pannenkoek met fruit: een heerlijke en gezonde traktatie!
- Ontdek Verrukkelijke Serveersuggesties voor Koude Poffertjes: Heerlijke Recepten en Inspirerende Ideeën!
- Ontdek het Ultieme Truffeljus Recept voor Perfecte Gegrilde Steak!




