Etiquette regels zijn eigenlijk gedragsregels voor aan tafel. We noemen ze ook wel tafelmanieren. Ongeacht of je in een restaurant of bij iemand thuis bent, gelden er etiquette over hoe je je dient te gedragen aan tafel. Toch kan het schelen of je in een chic restaurant zit of de pub om de hoek. In minder formele situaties kunnen sommige etiquette achterwege blijven. Toch is het belangrijk om de verschillende etiquette in je achterhoofd te houden.

Algemene fatsoenregels aan tafel

Laten we beginnen met enkele fatsoenregels. Regels die ongeacht formeel of informeel diner gelden aan tafel.

  • Met volle mond praten kan echt niet. Slik altijd eerst je eten door voordat je iemand beantwoord of een gesprek aan gaat.
  • Is het eten warm? Ga dan niet als een gek op het eten blazen. Het ziet er niet erg charmant uit en is onfatsoenlijk.
  • Te veel eten opscheppen is ook iets dat we gevoelsmatig nogal graag doen. Maar netjes is het niet. Schep niet te veel op er volgt vast nog wel een tweede ronde.

Etiquette vóór het diner

Voor een zakelijk of formeel diner wordt verwacht dat je op tijd komt. Zorg altijd dat je ruim op tijd aanwezig bent. Houd rekening met drukte in het verkeer. Als je binnenkomt groet je de gastheer en gastvrouw. Wel kun je hen bedanken voor de uitnodiging. Een uitgebreid gesprek voeren is nu nog uit den boze. Als je partner en kinderen ook mee zijn en zij nog nooit eerder kennis hebben gemaakt, stel je hen aan de gastheer en gastvrouw voor. Volgens etiquette hoor je bij een formeel diner nooit met lege handen aan te komen.

Etiquette tijdens het diner

Eet je thuis aan tafel gezellig met je eigen gezin of met vrienden dan gelden er vaak andere regels dan wanneer je een zakelijk diner hebt. Vooral als het dan ook nog met een voornaam iemand is, of als er op hoogwaardig niveau zaken worden gedaan. In dit blog bespreken we alle etiquetteregels. Zowel vóór het diner, tijdens het diner als na het diner. Bij formele etentjes eet of drink je niet eerder tot dat de gastheer of vrouw dit aangeeft. Ligt er een servet op tafel? Dan hoor je deze gevouwen op je schoot te leggen. Voor elke gang ligt er apart bestek op tafel, want na een voorgerecht even je mes en vork aflikken en gebruiken voor de volgende gang is niet zoals het hoort. Gebruik het bestek vervolgens van buiten naar binnen. Je werkt als het ware naar je bord toe. Dus als er tijdens de eerste gang soep wordt geserveerd, dan ligt de soeplepel aan de buitenkant. De vorken liggen links van het bord en de messen rechts. De lepels liggen rechts van het mes. Houd je vork altijd in je linker- en het mes in je rechterhand. Dessertbestek ligt altijd boven het bord. Zodra het dessert wordt geserveerd mag je het betreffende bestek verplaatsen.

Voordat je drinkt veeg je eerst je mond met het servet af. Zo worden vetvlekken op het glas voorkomen. Not done is het bestek zo neerleggen dat ze met het handvat op tafel liggen en het mes of de vork op de rand van het bord. Wil je even een pauze inlassen maar daarna nog wel weer verder eten? Leg dan het mes en de vork kruislings op je bord. Ben je klaar met eten? Leg als je klaar bent je bestek diagonaal (van links boven naar rechtsonder) op het bord.

Specifieke regels tijdens het diner

  • Servetgebruik: Zodra je gaat zitten, plaats je je servet direct op je schoot. Veeg hier je vingers en je mond aan af, maar nooit je neus. Het servet mag op meerdere plaatsen liggen: links van het bord, onder de vorken, of op het onderbord. Zodra je aan tafel gaat leg je het stoffen servet - niet helemaal uitgevouwen - op schoot. Belangrijk om te weten is dat het servet niet gebruikt dient te worden als slab of zakdoek. Je mond deppen is wel toegestaan.
  • Bestekgebruik: Als gast gebruik je je bestek van buiten naar binnen. Messen en lepels liggen rechts, vorken links van het bord. Altijd van buiten naar binnen, dus naar het bord toe, in de volgorde waarin we ze bij de maaltijd nodig zullen hebben. De vorken liggen links van het bord en de messen rechts. De lepels liggen rechts van het mes. Houd je vork altijd in je linker- en het mes in je rechterhand. Dessertbestek ligt altijd boven het bord. Zodra het dessert wordt geserveerd mag je het betreffende bestek verplaatsen.
  • Drinken: Houd je wijnglas vast aan de steel. Bij het tafeldekken zet je de wijnglazen rechtsboven: aan de binnenkant van het wijnglas het waterglas, precies boven de messen. Als er meerdere gangen geserveerd worden, is het dichtstbijzijnde glas bedoeld bij de eerste gang, etc.
  • Eten doorgeven: Hang ook nooit over tafel om iets te pakken. Vraag gewoon even aan een andere tafelgenoot om het aan te geven. Mocht er iets doorgegeven worden, dan doe je dit altijd naar rechts.

Omgang met gerechten

  • Soep: Nooit koud blazen, natuurlijk, gewoon laten afkoelen.
  • Brood: Als er brood en boter bij de maaltijd wordt geserveerd gebruik je het botermesje om de boter op je boter en broodbordje te doen. Breek het brood met je handen, nooit snijden!
  • Vlees: Verder is prakken 'not done' en vlees snij je hapje voor hapje.

Minder bekende afspraken

  • Je mond afvegen voordat je drinkt.
  • Het bestek op de juiste manier rangschikken.
  • Ook het bestek voor het toetje klaarleggen.
  • Ook bijvoorbeeld niet opstaan voor de telefoon die rinkelt.

Na het diner

Een diner wordt meestal afgesloten met een lekker dessert en vaak wordt er ook nog koffie en thee geschonken na de maaltijd, met eventueel een digestief. Goed om te weten is dat glazen voor dessertwijn vaak pas op tafel worden gezet als het toetje geserveerd wordt en digestiefglazen komen ook pas na afloop van de maaltijd op tafel. Hetzelfde geldt voor koffie- en theeservies. Na het diner leg je de servet links voor je op tafel, nooit in je bord. En last but not least: Schuif je servies nooit van je af als je klaar bent met eten.

Organiseer je zelf een formeel etentje?

Organiseer je zelf een formeel etentje? Een tafel hoort zo mooi mogelijk gedekt te zijn. Als je een diner organiseert is dat ook wat je wilt. Een mooi gedekte eettafel zorgt ervoor dat het eten zo mooi mogelijk uitkomt en er smakelijker uitziet. Gebruik een chique damast tafelzeil of kies voor een rustig ogend, het liefst effenkleurig tafelkleed. Zorg dat het tafelzeil of het tafelkleed aan alle kanten van de tafel minstens 20 cm overhang heeft. Zet de borden netjes op tafel en leg er een servet bij. Let op: Er horen geen beschadigingen in de borden te zitten. De servetten kun je mooi vouwen.

Het bestek leg je als volgt neer: de vork leg je links van het bord. Aan de rechterkant leg je direct naast het bord het mes. Deze dient met de snijkant naar het bord te liggen. Daarnaast komt de soeplepel. Natuurlijk hoef je niet elk etentje helemaal volgens etiquette uit te voeren. Het ligt vaak aan de mensen die je uitnodigd, de reden van de uitnodiging en waar jij je zelf prettig bij voelt. Het is in ieder geval prettig om wat regeltjes te weten zodat je ze kunt toepassen op momenten wanneer jij dat nodig acht.

Tafel dekken

Wijnglazen horen van rechts naar links te staan in de volgorde waarin ze bij de maaltijd zullen worden gebruikt. Het glas voor water staat uiterst links of achter de wijnglazen.

Legenda
a. b. Bord
c. d. e. f. g. h. i.
Vork t.b.v.
Vork t.b.v.
Mes t.b.v.
l. m. n.

Informele situaties

In een informele situatie zoals thuis, gelden vaak ook bepaalde afspraken, die vooral bij de opvoeding van kinderen extra aandacht krijgen. Een belangrijke afspraak is bijvoorbeeld aan tafel blijven zitten totdat de laatste klaar is met eten. Toch wordt dit in vele gezinnen niet toegepast, omdat dit voor kinderen vaak niet haalbaar is. Kinderen hebben een kortere spanningsboog en hebben vaak geen behoefte aan lang natafelen, terwijl ouders na een lange dag werken en elkaar niet gezien te hebben, dit juist wel graag doen. Wellicht is de regel om de hele maaltijd aan tafel te blijven zitten en vragen of je van tafel af mag als je klaar bent met eten de beste middenweg. Zo blijft de sfeer tijdens het eten gezellig en kunnen ouders nog even natafelen, terwijl de kinderen nog even kunnen spelen. Andere belangrijke afspraken zijn handen wassen en naar het toilet gaan voordat er gegeten wordt, eten met bestek, vragen om dingen die aan de andere kant van de tafel staan door te geven en niet praten met een volle mond. In de thuissituatie zijn het daarbij vooral de ouders die in belangrijke mate bijdragen aan het goede voorbeeld dat zij zelf geven.

Bij iemand anders thuis eten

Vaak is bij iemand anders thuis eten ook een informele situatie, toch gelden hier andere regels dan in je eigen huis. Zo is het belangrijk om te wachten met eten totdat de gastheer/vrouw begint met eten of aangeeft dat er begonnen mag worden. Voedsel hoort eerst goed gekauwd en geslikt zijn alvorens er een slok van het drinken genomen mag worden. Mocht het tijdens het eten toch nodig zijn om van tafel te gaan, excuseer je dan. De reden wordt op zo’n moment nooit gezegd of gevraagd. Indien je klaar bent met een gerecht, doe dan de soeplepels, theelepels en dessertlepels aan de rand van je bord. Deze mogen nooit in je kom of kop blijven staan.

Restaurant etiquette

In een restaurant is het gebruikelijk om te wachten tot je een tafel aangewezen krijgt, toch kan het voorkomen dat er in een buurtrestaurant zelf een tafel gekozen mag worden. Officieel is dit niet correct en horen klanten altijd verwelkomd te worden. Mocht niemand naar je toe komen dan zoek je zelf een tafel en ga je zitten. Tijdens het serveren blijf je recht zitten. Serveren van voedsel gebeurd links (behalve soep) en afruimen gebeurt dan rechts. Dranken worden altijd rechts geserveerd. Na het bestellen wordt overbodig bestek afgeruimd of extra bestek bijgelegd. Het bestek wordt altijd van buiten naar binnen gebruikt. Je servet ligt tijdens het hele diner op je schoot. Afhankelijk van de grootte van de servet vouw je deze helemaal uit of laat je hem dubbel gevouwen met de open kant naar je toe. Na het diner leg je de servet links voor je op tafel, nooit in je bord. Voor het wenken van een ober hoor je je hand te heffen vanuit je oksel. Uitgebreid zwaaien of knippen met je vinger is niet gepast. Smakelijk eten zeggen of vragen of het gesmaakt heeft is dat ook niet, omdat dit suggereert dat er twijfel over het eten kan bestaan. Beter is het om te vragen of alles naar wens is, op zo’n moment kunnen er irritaties geuit en weggenomen worden. Mochten er dingen zijn die ongewenst zijn, dat kunt u de ober hier zo onopvallend mogelijk van op de hoogte brengen. Ook betalen dient zo onopvallend mogelijk te geschieden.

Fooi geven

In Nederland is standaard 15 % bedieningsgeld inbegrepen in de rekening. Toch wordt ook in Nederland meestal wel wat fooi gegeven ± 10% van de rekening. Fooien voor matige bediening zijn absoluut niet nodig.

labels:

Zie ook: