Waaggebouwen hebben een belangrijke rol gespeeld in de Nederlandse geschiedenis, vooral in steden die floreerden door handel. Een van de eerste rechten die een stad verkreeg, was het recht om een waag te exploiteren. Handelswaren boven de tien pond die per gewicht verkocht werden, moesten in de stadswaag worden gewogen. Deze verplichting was ingesteld om sjoemelen tegen te gaan. Immers, wanneer de stad zich als marktplaats en handelsstad wilde profileren, moest men ervoor zorgen dat de handel eerlijk verliep. Voor het wegen moest waaggeld betaald worden, een vorm van accijns die de stad een bron van inkomsten opleverde.
Dat veel waaggebouwen aan een gracht liggen, is geen toeval; vroeger werden veel goederen per schuit vervoerd en aan de grachtzijde van de waag waren dan ook grote gevelopeningen ten behoeve van het laden en lossen.
De Waag in Gouda: Een Historisch Perspectief
Gouda is één van de weinige steden waar het oude stadhuis midden op de Markt staat. En pal tegenover het Stadhuis staat de Waag en rechts daarvan De Zalm. Van origine is de Waag zoals wij deze nu kennen niet het oorspronkelijk gebouw. Deze staat er ‘pas’ sinds 1667 en is hier ter plekke gebouwd. Zijn voorganger stond op een andere plaats en is in de veertiende eeuw gebouwd. Tijdens die tijd floreert Gouda vanwege zijn handel in onder andere bier en lakens. In die tijd hebben we nog veel platteland rondom de stad. Groente, fruit en de Goudse Kaas - niet gemaakt in Gouda overigens - wegen ze in de Waag voor ze het verhandelen.
Veel Gouwenaars kennen de Waag vooral in combinatie met de Kaasmarkt. Kaas is dan ook het product dat het meest gewogen is in de Waag. Vooral vanuit de omgeving, met name de Krimpenerwaard, brengen boeren hun kaas naar onze stad. Om ervoor te zorgen dat de boeren de kazen voor een eerlijke prijs verkopen, worden deze gewogen. De weegschaal en de geijkte gewichten herinneren ons aan deze tijd. Tegenwoordig is alles gemoderniseerd en wordt de weegschaal niet meer gebruikt. Toch heb je er vast en zeker als kind wel eens op gestaan als de Waag open was voor publiek.
De Relatie met Herberg de Zalm
Naast de huidige Waag vinden we Brasserie-Bar de Zalm, maar dit is niet altijd zo geweest. De Zalm is namelijk van origine een herberg en is de officiële naam De Oude Salm. Daarnaast noemen andere de herberg ook de Vergulde Salm. De herberg staat er al voordat de Waag in 1667 gebouwd wordt. Deze is namelijk sinds 1551 in handen van Claes Meeuwszoon van Borwijn Jacobs.
Er is dan nog geen sprake van de gevelsteen met daarop de tekst ‘Niet te hooch, niet te laech, van passe’. Daarvoor moeten we echt naar het jaar 1667. Op dat moment is herberg de Salm in handen van Anthony Witbols. Hij wil zijn herberg renoveren, waarbij het stadsbestuur akkoord gaat. Maar daar is wel één eis aan verbonden, namelijk dat zijn nieuwe herberg niet hoger mag zijn dan de dakgevel van de Waag. In datzelfde jaar begint ook de bouw van de Waag zoals wij die nu kennen. Aangezien Anthony Witbols zich redelijk gepasseerd voelt, maakt hij een speciale gevelsteen.
Waarom deze eis?
In 1667 krijgen zij het weegrecht van de Rekenkamer van Holland. Als gevolg hiervan besluiten ze een nieuwe Waag te laten bouwen. Zo breken ze de oude Waag met enkele aansluitende panden af om ruimte te maken voor het huidige pand. In die tijd was het dus niet mogelijk om aan beide kanten langs de Waag te kunnen lopen. Vandaar dus de eis dat de Zalm en geen enkel andere gebouw, behalve het Stadhuis, hoger mag zijn dan de Waag.
Waagdragers en Hun Rol
Binnen de waag en van de waag moesten de goederen waarvan officiële weging vereist was, van de ene naar de andere plaatst worden gebracht. Dat deed de waagdrager. Hij bracht de goederen van de ene naar de andere plek, woog ze, bracht ze weer terug of sloeg ze op. Waagdragers waren doorgaans verenigd in het waagdragersgilde.
Controleurs en Sociale Voorzieningen
In 1389, toen Amsterdam aan hertog Albrecht gelden geleend had, kreeg zij daarvoor in ruil het privilege op bepaalde goederen accijns te heffen, welke goederen dan in de waag gewogen moesten worden. In 1616 is de coöperatie van de arbeiders van het Waagdragersgilde in contracten vastgelegd. Dat waren dus voor deze arbeiders sociale voorzieningen. Daartoe moest iedere arbeider een entreegeld van 30 stuivers en een jaarcontributie van 24 stuivers betalen, waar een weerstandskas uit gevormd werd.
Waagmeesters en Hun Verantwoordelijkheden
De waagmeester was verantwoordelijk voor het wegen en het innen van weeggelden. Het recht op een waag was een van de stadsrechten en handelaren werden verplicht producten zoals kaas, boter, landbouwproducten (zoals meekrap), tabak en vele andere producten in de stadswaag te laten wegen. Een waag bevorderde de eerlijke handel, onmisbaar voor de stad als betrouwbaar handelscentrum.
Groente en Fruit de Waag in 's-Heerenberg
Een hedendaags voorbeeld van de naam "De Waag" in relatie tot groente en fruit vinden we in 's-Heerenberg. Groente en Fruit de Waag is een winkel gevestigd aan de Molenpoortstraat 4, nadat het eerder op nummer 22 zat. De Molenpoortstraat zelf heeft een rijke geschiedenis, hoewel recenter dan de Gouda Waag, met diverse winkels en bedrijven die er door de jaren heen gevestigd zijn.
De Rotterdamse Waag: Een Diepere Duik
In de Middeleeuwen hadden markten een veel grotere betekenis dan nu. Voor de bepaling van het gewicht van handelsgoederen werden in de meeste steden wagen ingesteld en ter vaststelling van het volume maatregelen ter meting (de maat) getroffen). Tegelijk met het baljuw- en dijkgraafschap van Schieland wist Rotterdam onder leiding van haar pensionaris Johan van Oldenbarnevelt in 1576 ook nog andere rechten te verkrijgen. Daarbij waren die van waag en maat. Het recht van de waag ging naar de stad over voor een bedrag van 8.294 gulden.
Hennep en de Waag
In het jaar 1612 blijkt er een waaghuis 'op de Botersloot' te staan, alwaar de pachter of een ander 'bekwaam persoon' op maandagmiddag en dinsdags - marktdagen - de waag moest bedienen voor de kopers van hennep, schijfgaren, geslagen want en dergelijke. De vezels van hennep vormden de grondstof voor touw en zeildoek en waren daarmee voor het scheeprijke Rotterdam van het allergrootste belang.
De waagmeester, waagwegers, waagarbeiders, waagkruiers en ander personeel hadden de beschikking over een kantoor dan wel verblijfplaats, terwijl de collecteurs van zowel de waagbelasting van de provincie Holland als van de stad Rotterdam met boekhouders en andere bedienden hun fiscale taak in afzonderlijke ruimten verrichtten.
labels:
Zie ook:
- Welke Groente Past Perfect bij Jouw Hamburger? Ontdek Het Hier!
- Slowcooker Recepten: Aardappel, Groente & Vlees - Makkelijk & Heerlijk!
- Gezonde Groente Pannenkoeken voor Kinderen: Makkelijk Recept!
- Brood Bakken op Pizzasteen: Tips & Het Beste Resultaat!
- Ontdek de Beste Broodje Döner in Zwolle: Onmisbare Recensies en Tips!




