Het concept "Brood en wijn" heeft een diepe betekenis binnen het christendom, met name in relatie tot de eucharistie en het Avondmaal. Het vertegenwoordigt de essentiële elementen van de eucharistie.

Pesachmaaltijd en het Laatste Avondmaal

Vlak voor zijn sterven vierde Jezus met zijn leerlingen de pesachmaaltijd. Tijdens deze maaltijd herdenkt men de bevrijding van het volk Israël uit Egypte, waar zij slaven waren. Er wordt onder meer teruggedacht aan het bloed van het lam langs de deurposten, de ongezuurde broden (matzes) om snel te kunnen vluchten, de bitterheid van de tijd van slavernij. Het bloed van het lam langs de deurposten (zie Exodus 12) zorgde ervoor dat de eerstgeboren zonen en dieren van de Israëlieten bleven leven, terwijl die van de Egyptenaren stierven.

Het Pesachmaal dat hier gevierd wordt, werd elke veertiende dag van de maand Nisan - de eerste maand van het Joodse jaar - gevierd (door hedendaagse Joden nog steeds!), en herinnerde aan de uittocht uit Egypte van de Israëlieten. Het allereerste Pesachmaal, in Egypte, droeg God het volk op om een lam of bokje te slachten en het bloed aan hun deurposten te smeren. Het vlees moesten ze eten, samen met ongedesemd brood. Daarna begon de uittocht uit Egypte.

God droeg het volk in het Bijbelboek Exodus op dit feest te blijven vieren, ter nagedachtenis aan het verbreken van de Egyptische slavernij en het ingaan van de vrijheid van het beloofde land. Zoals het brood bij het Pesachmaal de redding uit de slavernij van Egypte symboliseerde, zo staat het brood tijdens het avondmaal symbool voor Jezus’ lichaam, dat ons redde uit de slavernij van de zonden, een geestelijk ‘Egypte’.

Brood als symbool voor Jezus’ lichaam

In de nacht dat de Heer Jezus werd uitgeleverd, nam hij een brood, sprak het dankgebed uit, brak het brood en zei: ‘Dit is mijn lichaam voor jullie. Doe dit, telkens opnieuw, om mij te gedenken.’ - 1 Korintiërs 11:23, 24 (zie ook Lucas 22:19).

  • Mattheus 26:26-28: Terwijl zij nu aten, nam Jezus brood en nadat Hij had gezegend, brak Hij het en gaf het aan de discipelen en zei: Neemt, eet, dit is mijn lichaam.
  • Lukas 22:19-20: En Hij nam brood en nadat Hij had gedankt, brak Hij het en gaf het hun en zei: Dit is mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt; doet dit tot mijn gedachtenis.

Dat het brood symbool staat voor het lichaam van Christus is overduidelijk. Het is juist dat lichaam van Jezus Christus dat Hij geofferd heeft voor onze zonden (Hebreeën 10:5-10). Doordat Hij de wil had om Zijn lichaam te offeren, zijn wij geheiligd. Het offer dat de Heere Jezus bracht met Zijn lichaam was voor onze zonden. Juist doordat Hij onze zonden en onze straf droeg, kunnen wij nu zonder schuld voor God staan.

Wanneer wij het brood eten, beelden wij uit dat wij samen deel hebben aan het (geofferde) lichaam van Christus (1 Korinthe 10:16b). De gemeenschap die wij met het lichaam van Christus hebben, wordt dus uitgebeeld in het brood dat wij eten. Het ‘met Hem gestorven zijn’ heeft betrekking op ‘het dood zijn van ons oude leven’ en ‘het met Hem opgestaan zijn’ heeft betrekking op ‘het nieuwe leven’ (Romeinen 6:3-5).

Wijn als symbool voor Jezus’ bloed

In het Oude en het Nieuwe Testament is het nuttigen van bloed absoluut verboden. Bloed staat voor levenskracht, het leven zelf. In de relatie tussen God en mens is bloed het enige dat vergeving, verzoening en redding brengt. Alleen door middel van dierenoffers was volkomen verzoening, een compleet herstelde relatie tussen God en mens, mogelijk.

Tijdens de pesachmaaltijd: ‘nam Jezus een beker, sprak het dankgebed uit en gaf hun de beker met de woorden: ‘Drink allen hieruit, dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden.’ (…) Nadat ze de lofzang hadden gezongen, vertrokken ze naar de Olijfberg.’ - Matteüs 26:27-28, 30. Met deze woorden maakt Jezus duidelijk dat Hij zelf het Lam is dat geslacht moet worden, zodat de relatie tussen God en mens volledig hersteld kan worden. Hij zelf zal zijn lichaam geven als een offer, zodat dierenoffers daarna niet meer nodig zouden zijn.

Met zijn bloed werd er ook een nieuw verbond gesloten. In de tijd van het Oude Testament vergaf God mensen hun zonden als ze dieren offerden. Hiermee werd het verbond dat God met de mens gesloten had bekrachtigd, zoals in Exodus 24:8 te lezen is. Dit is het Oude Verbond, het offeren van dieren. Het Nieuwe Verbond deed zijn intrede toen Jezus zijn eigen bloed gaf, in onze plaats - en dus in de plaats van al die offerdieren. Omdat Hij volmaakt is, was zijn bloed voor eens en voor altijd voldoende.

Dat de beker symbool staat voor het bloed van Christus is overduidelijk. Om goed te begrijpen wat de betekenis is van het ‘bloed van het Nieuwe Verbond’, is het belangrijk om te weten wat ‘het bloed van het Oude Verbond’ betekent. Bij een verbond werkt het net zoals bij een testament dat wij vandaag de dag nog kennen. Het testament is pas van kracht als de testamentmaker gestorven is. Daarom wordt een verbond ook met bloed ingewijd, als teken dat de testamentmaker dood is. Het bloed van de dieren diende als plaatsvervangend voor de dood van de testamentmaker van het Oude Verbond.

Zoals het bloed van de dieren dus een bewijs was van de dood van de testamentmaker en daarmee dus het oude testament van kracht werd, zo is het bloed van Christus dus het bewijs van de dood van de Testamentmaker en dus de bekrachtiging van het Nieuwe Verbond. Door Zijn dood is het Nieuwe Verbond van kracht geworden.

Het andere aspect van het bloed van Christus is dat het vergoten werd tot vergeving van zonden. Er is natuurlijk veel meer te schrijven over Brood & Beker, maar het belangrijkste aspect is dat wij ons goed bewust zouden zijn van wat wij uitbeelden als wij eten van het brood en drinken van de wijn. En dat is dat wij eten en drinken van het offer van Christus dat Hij aan Onze Vader aanbood. En juist doordat wij daarvan eten, bevestigen wij Zijn verlossingswerk en onze eenwording met Hem.

Waarom Wijn?

Wijn speelt een centrale rol in de christelijke liturgie, vooral in verband met het Laatste Avondmaal. Op de avond voor zijn kruisiging deelde Jezus een maaltijd met zijn discipelen, waarbij hij wijn nam en deze aan hen gaf met de woorden: "Dit is mijn bloed van het verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden". Dit moment markeert de instelling van de Eucharistie, een sacrament dat tot op de dag van vandaag wordt gevierd in kerken over de hele wereld.

Nieuw verbond

Tijdens de pesachmaaltijd legde Jezus dus uit wat er zou gaan gebeuren. Hij zou sterven, en door zijn dood zou een nieuw verbond worden gesloten tussen God en mensen. Het oude verbond was gebaseerd op de wet: wanneer de mensen deden wat God had gezegd in zijn geboden, dan konden zij in harmonie leven. Maar het lukte mensen niet om zich aan de wetten te houden, daarom werd er elk jaar met pesach (pasen) een lam geslacht om alle zonden te vergeven.

Het nieuwe verbond werd door Jezus ingesteld, zodat offers niet meer nodig zijn. Door Jezus’ offer zijn mensen vrijgesproken van schuld en schaamte. Jezus gaf zijn leerlingen de opdracht om steeds opnieuw het avondmaal te vieren, om hem te gedenken. Daarom wordt het nu nog steeds in de kerk gevierd.

Betekenis van het woord eucharistie

Het woord eu-charis-teo is samengesteld uit de woorden ‘eu’, dat goed betekent, en ‘charis’. Charis heeft meerdere betekenissen, namelijk genade, geschenk, gratis en vreugde. Door het vieren van eucharistie, het avondmaal, bedank je God dus eigenlijk voor het goede geschenk dat Jezus ons heeft gegeven: vrijheid dankzij zijn offer. Doordat hij stierf aan het kruis, door zijn offer kunnen mensen vrij zijn van schuld, schaamte, onreinheid, gebondenheid. Het bloed van Jezus (gesymboliseerd door de wijn) nam niet alleen onze zonde weg, maar ook alle andere obstakels om tot God te naderen. Het bevrijdt ons uit slavernij, zoals de Israëlieten werden bevrijd uit Egypte.

Verschil eucharistie en heilig avondmaal

Zowel in het protestantse avondmaal als in de rooms-katholieke eucharistie wordt het sterven van Jezus herdacht. Het grote verschil is dat het avondmaal een geestelijke gebeurtenis is: wijn en brood zijn de symbolen. Volgens de rooms-katholieke worden het brood (de hostie) en de wijn letterlijk het lichaam en bloed van Jezus. Daarom mag er ook niets verspild worden en worden de brood en het wijn op een speciale manier bereid.

Brood en wijn heeft in het christendom verschillende betekenissen. Ze symboliseren de lichaamsdelen en het bloed van Jezus, cruciaal tijdens de Eucharistie en het Laatste Avondmaal, en vormen de basis van het geloof. In de Protestantse traditie vertegenwoordigen ze de uiterlijke tekens in het Avondmaal. In de context van het Avondmaal zijn brood en wijn de uiterlijke tekenen die het lichaam en bloed van Christus vertegenwoordigen . Protestantse tradities benadrukken dat gelovigen deze elementen ontvangen als een teken van hun verbondenheid met Christus. In de katholieke kerk ondergaan de substanties van brood en wijn een transformatie en worden ze het lichaam en bloed van Christus. Deze transformatie is essentieel voor het sacrament.

Viering van het Heilig Avondmaal

Het Heilig Avondmaal is een van de twee sacramenten in de Protestantse Kerk, naast de Heilige Doop. Voor veel gelovigen vormt het een cruciaal moment van gemeenschap met Christus en andere gelovigen. Wereldwijd vieren christenen het Heilig Avondmaal, dat ook wel de Maaltijd van de Heer wordt genoemd. Zij komen samen rond de Tafel van de Heer en nuttigen brood en wijn. Door het vieren van dit sacrament ervaren zij Gods aanwezigheid en ontvangen zij Zijn genade.

Gemeenten die behoren tot de Protestantse Kerk vieren het sacrament van het Heilig Avondmaal ten minste viermaal per jaar, maar veel gemeenten vieren het vaker. Het Heilig Avondmaal wordt gevierd in de eredienst op zondagen en veelal tijdens hoogtijdagen (feestdagen). Voor het vieren van het Heilig Avondmaal wordt de avondmaalstafel (in de Lutherse traditie ook wel altaar of altaartafel genoemd) gedekt als de Tafel van de Heer met brood en wijn.

De voorganger (predikant) citeert bij het breken van het brood en het gieten van de wijn de zogenaamde instellingswoorden. Dat zijn de woorden die Jezus uitsprak tijdens het Laatste Avondmaal. Daarbij spreekt de voorganger bij het reiken van de gaven aan de gemeenteleden de passende uitdelingswoorden, waarbij hij of zij veelal wordt geholpen door ambtsdragers (bij voorkeur diakenen). Iedereen die zich geroepen weet door de persoonlijke uitnodiging van Christus tot deelname aan het sacrament van het Heilig Avondmaal ontvangt de tekenen van brood en wijn.

Er zijn verschillende liturgische vormen waarmee de gemeenten die behoren tot de Protestantse Kerk het Heilig Avondmaal bedienen. In een deel van de gemeenten komen de gemeenteleden naar voren naar de avondmaalstafel om het Heilig Avondmaal te ontvangen. In andere gemeenten wordt het Heilig Avondmaal aan gemeenteleden op hun eigen plaats in de kerk bediend, waarbij brood en wijn worden doorgegeven door de banken- of stoelenrijen.

In sommige gemeenten mogen alleen belijdende leden deelnemen, terwijl andere gemeenten iedereen uitnodigen die zich door Christus geroepen voelt. Voor gemeenten die zich verbonden weten met de hervormde en gereformeerde tradities vormt het afleggen van de openbare geloofsbelijdenis vaak een voorwaarde om deel te nemen aan het Heilig Avondmaal. Deze gemeenten laten alleen belijdende gemeenteleden toe tot het sacrament. Andere gemeenten laten ook doopleden toe die (nog) geen openbare belijdenis van het geloof hebben afgelegd.

Volgens deze tradities worden gemeenteleden enkel door de doop (en het afleggen van de openbare geloofsbelijdenis) opgenomen in Zijn gemeenschap. Ten slotte zijn er ook gemeenten die onvoorwaardelijk iedereen die zich door Christus geroepen weet toelaten tot het sacrament van het Heilig Avondmaal. Dit betreft voornamelijk de gemeenten die zich verbonden weten met de lutherse traditie. Deze traditie stelt dat de kerk als gemeenschap ontstaat als antwoord op Christus’ uitnodiging in Woord en Sacrament.

labels: #Brood

Zie ook: