Lactulose siroop is een geneesmiddel dat wordt gebruikt als laxeermiddel. Het helpt bij obstipatie door de ontlasting zachter te maken, waardoor de stoelgang makkelijker gaat. Daarnaast wordt lactulose gebruikt bij de behandeling en preventie van (pre)coma hepaticum, een complicatie van leverziekte.

Hoe werkt lactulose?

Lactulose is een synthetisch derivaat van lactose. Het wordt nauwelijks geabsorbeerd in de dunne darm. In de dikke darm (colon) wordt lactulose door de darmflora omgezet in laagmoleculaire organische zuren, zoals melkzuur en azijnzuur. Deze omzetting heeft verschillende effecten:

  • Verlaging van de pH: De productie van zuren verlaagt de pH in de dikke darm.
  • Osmotische veranderingen: De zuren en lactulose zelf trekken water aan in de dikke darm.

Deze effecten bevorderen de peristaltiek (darmbeweging) en normaliseren de consistentie van de ontlasting. Obstipatie wordt opgeheven en het fysiologische ritme van het colon hersteld.

Bij hepatische encefalopathie veroorzaakt lactulose een daling van het ammoniakgehalte in het bloed door verlaging van de pH in het colon en afname van de proteolytische flora.

Wanneer wordt lactulose gebruikt?

Lactulose wordt gebruikt voor:

  • Symptomatische behandeling van obstipatie.
  • Wanneer zachte ontlasting gewenst is (zoals bij aambeien of na een operatie aan colon of anus).
  • Hepatische encefalopathie: ter behandeling en preventie van (pre)coma hepaticum.

Dosering voor volwassenen

De gebruikelijke dosering voor volwassenen is:

  • Obstipatie: 30 ml per dag. Na enkele dagen de dosering aanpassen naar de onderhoudsdosering.
  • Hepatische encefalopathie: Volgens het Kinderformularium van het NKFK zijn de doseergegevens: 600-2000 mg/kg lichaamsgewicht per dag in 1-2 doses (max. 66 g per dag). In de praktijk kunnen soms ook hogere doses gegeven worden.

Onderhoudsdosering individueel instellen op basis van de defecatie (max. 2 à 3 keer per dag zachte ontlasting).

De stroop kan onverdund of verdund met vloeistof worden ingenomen. De lactulosestroop gelijk doorslikken, niet in de mond houden.

Het kan tot 48 uur duren alvorens normale ontlasting optreedt. Het is belangrijk om lactulose regelmatig in te nemen en tijdens de behandeling veel te drinken (1,5-2 liter per dag).

Belangrijke waarschuwingen en voorzorgsmaatregelen

  • Diabetes: Lactulose EG mag bij normale dosering door personen met suikerziekte worden ingenomen. Houd bij diabetespatiënten met (pre)coma hepaticum rekening met het gehalte aan suikers in lactulose.
  • Vochtinname: Voldoende inname van vocht is noodzakelijk (1½-2 liter per dag), bij patiënten met vochtverlies bij wie dehydratie schadelijk kan zijn (nierinsufficiëntie, ouderen) alleen toepassen onder medisch toezicht.
  • Geen verbetering: Wanneer gebruik bij chronische obstipatie na enkele dagen geen verbetering geeft, (opnieuw) de arts raadplegen.
  • Buikpijn: Bij (hevige) buikpijn met onbekende oorzaak tevens een arts raadplegen om o.a. perforatie of obstructie van de darm uit te sluiten.
  • Chronisch gebruik: Chronisch gebruik of misbruik kan leiden tot diarree en een verstoring van de elektrolytenbalans.
  • Incontinentie: De defecatiereflex kan verstoord raken door lactulosegebruik. Bij toediening als retentieklysma kunnen fecale incontinentie (als gevolg van het laxerende effect) en peri-anale irritatie optreden.
  • Lactasedeficiëntie: Bij lactasedeficiëntie rekening houden met het gehalte aan lactose.
  • Gastro-cardiaal syndroom: Als bij een gastro-cardiaal syndroom (Roemheld-syndroom) symptomen van meteorisme of zwelling optreden, de dosering verlagen of de behandeling staken. Patiënten met dit syndroom mogen lactulose alleen gebruiken na het raadplegen van een arts.

Wanneer mag u Lactulose EG niet gebruiken?

U mag Lactulose EG niet gebruiken in de volgende gevallen:

  • U bent allergisch voor één van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten.
  • Indien u een galactose- of lactosevrij dieet moet volgen, daar deze suikers deel uitmaken van de samenstelling van Lactulose EG.
  • In geval van buikpijnen van onduidelijke oorsprong en intestinale obstructie.

Bijwerkingen

Zoals elk geneesmiddel kan ook Lactulose EG bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

De volgende bijwerkingen kunnen voorkomen:

  • Zeer vaak (> 10%): diarree.
  • Vaak (1-10%): flatulentie, buikpijn, misselijkheid, braken.
  • Soms (0,1-1%): verstoring van elektrolytenbalans, als gevolg van diarree.
  • Zelden (0,01-0,1%): hypernatriëmie (bij hepatische encefalopathie).

In het begin van de behandeling kan men een beetje opgeblazenheid voelen. Buikkrampen kunnen ook optreden. Meestal verdwijnt dit gevoel bij het voortzetten van de behandeling. Bij hoge dosissen kan misselijkheid en braken voorkomen. Indien diarree optreedt, moet de dosis worden verlaagd.

Interacties met andere geneesmiddelen

Lactulose EG kan geneesmiddelen, waarvan de vrijstelling afhankelijk is van de pH in het colon, inactiveren. Geneesmiddelen die uitdroging (dehydratatie) kunnen verergeren (bijv. diuretica: geneesmiddelen die de urineproductie bevorderen) moeten bij diarree worden vermeden; de Lactulose EG dosering moet verlaagd worden tot de diarree verdwenen is.

Zwangerschap en borstvoeding

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Adviseer bij obstipatie in eerste instantie voldoende inname van vocht en vezels, en voldoende beweging. Indien een dieet met extra vezels niet volstaat, is psyllium een alternatief. Bij de medicamenteuze behandeling van functionele obstipatie is een osmotisch laxans eerste keus. Verhoog bij onvoldoende effect zo nodig tot de maximale dosering of combineer met, of schakel over op een contactlaxans of ander osmotisch laxans. Overweeg als defecatie 3 dagen uitblijft ondanks optimale orale therapie, rectale medicatie ter lediging van het rectum. Fecale impactie kan medicamenteus of manueel worden verwijderd. Als medicatie de voorkeur heeft, overweeg een (micro)klysma of een hoge dosis macrogol (met of zonder elektrolyten).

Teratogenese: Geen aanwijzingen voor schadelijkheid. Farmacologisch effect: Onwaarschijnlijk aangezien de systemische blootstelling aan lactulose verwaarloosbaar is. Overgang in de moedermelk: Onwaarschijnlijk. Farmacologisch effect: Onwaarschijnlijk aangezien de systemische blootstelling aan lactulose verwaarloosbaar is.

Samenstelling van Lactulose EG

Lactulose EG is verkrijgbaar in verschillende vormen:

  • Lactulose EG 670 mg/ml, siroop:
    • De werkzame stof is lactulose, overeenkomend met 670 mg/ml.
    • Kleinere hoeveelheden van andere begeleidende suikers, nl. lactose, epilactose, galactose, tagatose en fructose kunnen aanwezig zijn.
    • De andere stof in Lactulose EG siroop is gezuiverd water.
  • Lactulose EG 10 g, poeder voor drank (zakjes):
    • De werkzame stof in Lactulose EG is lactulose, overeenkomend met 10 g per zakje.
    • Kleinere hoeveelheden van andere begeleidende suikers, nl.
Leeftijdsgroep Dosering
Volwassenen 30 ml per dag
Kinderen van 7-14 jaar 15 ml per dag
Kinderen van 1-6 jaar 10 ml per dag
Zuigelingen 5 ml per dag

Raadpleeg bij twijfel altijd uw arts of apotheker voor persoonlijk advies.

labels:

Zie ook: