Er gaat niets boven een heerlijk gerecht met aardappelen. Aardappelen maken je gerecht helemaal af, of ze nu worden geserveerd met een warm stoofpotje of een knapperige visfilet. Zo eenvoudig als het lijkt, hebben ook aardappelen geheimen en aandachtspunten.
Waarom Geschilde Aardappelen Wassen?
Het wassen van geschilde aardappelen is belangrijk om ervoor te zorgen dat er geen modder, zand of ander vuil op de aardappelen achterblijft. Ze komen immers uit de grond. Het verwijdert ook een laag zetmeel.
Wassen voor het koken is belangrijk. Als je dat met schone handen hebt gedaan zou ik geen reden weten waarom je ze dan weer moest wassen. Ik ben zelf lui en was ze pas nadat ik ze heb geschild en in blokken heb gedaan. Dan hoef je ze maar een keer te wassen, voornamelijk om het vuil zand af te spoelen.
Je kan het doen, maar het hoeft niet. Het gaat niet om de bacterien, maar om het vrijgekomen zetmeel op het snijvlak. Dit zetmeel kan ervoor zorgen dat de aardappelen tijdens het koken gaan schuimen, maar vaak valt dit erg mee, en als het gaat schuimen, is het ook niet zo erg (blijf dan bij de pan als het begint te koken.
Rauwe geschilde en gewassen aardappels kunnen wel 2 dagen in een kom onder water in de koelkast bewaard blijven. Wel elke dag vers water erop doen. Ik neem ook altijd schoon water hoor. Ik denk niet dat je ze beter in het vieze water kunt laten staan. Waarom? Hoe langer je ze in het water bewaard, hoe meer ze hun vitamines verliezen. De vitamines blijven echt niet langer bewaard als het water vies is.
Tips voor het Koken van Aardappelen
- Koud water: Je moet je aardappelen al in de pan doen wanneer het water nog koud is.
- Zout: Geen zoutliefhebber? Je aardappelen wel! Ze zijn niet alleen lekkerder zo, maar zout wordt ook gebruikt zodat de minerale zouten van de groenten in de groenten zelf blijven.
- Gaatjes prikken: Vooral als je krieltjes met schil of een volledige aardappel wilt bakken, zijn gaatjes een goed idee. Anders loop je het risico dat je aardappel explodeert en dat moet je natuurlijk zien te voorkomen.
Verschillende Soorten Aardappelen
Wist je dat er verschillende soorten aardappelen bestaan? Zo niet, dan is het tijd om dit te ontdekken. Je aardappelpuree begint met de juiste aardappel. Kies voor een bloemige aardappel.
Voor elke gelegenheid is er dus wel een aardappel; Annabel en Roseval zijn erg geschikt voor bakken en salades, wat gladder, Escort en Frieslander zijn wat kruimiger en daardoor lekkerder voor stamppot maar ook als gewoon gekookte aardappel bij vlees en groenten.
Bleue d’Artois is ook iets kruimig en omdat ze zo mooi paars blijft erg leuk in paarse aardappelsalade, gebakken maar ook een lilapaarse aardappelpuree.
Aardappelen in het Dieet
Als kind at ik bijna elke dag aardappelen maar sinds de komst van pasta, rijst, mie, risotto, couscous, quinoa, gnocchi, orzo, bulgur en al die andere lekkere zetmeelhoudende producten is het hier wel iets minder geworden. Dat neemt niet weg dat we zeker nog 2 tot 3 keer per week aardappelen eten, gewoon gekookt of gebakken, als friet of juist puree, in stamppot, maaltijdsalade, of in stoofschotels of soepen. En dat zal niet snel veranderen.
Aardappelplant en Rassen
Van de aardappelplant eet je alleen de knol; de bladeren en bloemen zijn niet eetbaar. De aardappel behoort tot de groep Nachtschadefamilie (= Solanaceae, de Latijnse naam van een aardappel is Solanum tuberosum). Dat betekent dat ze familie is van bijvoorbeeld de aubergine, paprika, peper en tomaat maar ook van de tabaksplant (Nicotiana) en Petunia. En dat is handig en belangrijk om te weten i.v.m.
Er zijn vroege, middelvroege, middellate en late aardappelen. Wij zelf kiezen de laatste jaren eigenlijk alleen nog maar vroege en halfvroege rassen: hoe langer de groeiperiode van een aardappelras is, des te meer kans is er voor de aardappelziekte (de pseudoschimmel Phytophthora infestans) om toe te slaan. Zeker op onze vette klei, waar veel regen in de zomer nog wel eens een probleem kan zijn.
Gelukkig zien we steeds vaker rassen die meer resistent zijn tegen Phytophthora. En het is zeker niet de enige reden waarom we vroege en middelvroege rassen kiezen: doordat we ze eerder kunnen oogsten (vaak al rond eind juli) kunnen we het leeggekomen vak nog gebruiken voor het zaaien/telen van nieuwe groenten, zoals late stamsperzieboontjes, winterkolen, maar ook venkel, rucola, pluksla, herfst- en winterandijvie, koolrabi, raapstelen, etc., etc.
Op de foto hierboven zie je de Bleue d’Artois (midden), Escort (onder), Roseval (rozerood, bovenaan), Annabel (rechts), Frieslander (linksboven) en Kestrel (met paarse vlekjes, links).
Aardappelen Zelf Kweken
Aardappelen kunnen in principe worden gezaaid want er komen vaak na de bloei ronde zaadbolletjes in de planten: maar aardappelen zaaien is niet erg geschikt voor hobbyisten in verband met kruisingen, ziekten, etc. (bovendien levert een aardappel zaaien in dat jaar geen oogst op, alleen pootaardappelen om het jaar erop te planten). Aardappelen worden vooral gezaaid door veredelaars.
Ik heb wel eens een documentaire gezien waarin een veredelaar vertelde dat hij soms wel 2000 kruisingen maakte en zaaide en daar uiteindelijk amper een handvol nieuwe kruisingen goed genoeg waren om als nieuw ras op de markt te komen. Een hobbyist/moestuinder laat het zaaien/veredelen dus graag over aan de veredelaar en plant pootaardappelen.
Ik heb ook wel eens gezien dat mensen geen pootaardappelen pootten, maar gewoon een doorgesneden aardappel uit de supermarkt die al aan het uitlopen was; ook die groeiden best goed en leverden ook nog wel een leuke opbrengst op. Maar ze zijn natuurlijk niet getest op ziekten en schimmels, op aantal ogen (plaatsen waarop ze uitlopen), etc.). Zelf kopen we eigenlijk meestal pootaardappelen en dat bevalt ons het best.
Maar wat let je om, als je bijvoorbeeld op vakantie aardappelen van een bijzonder, lokaal en erg leuk/lekker ras tegenkomt, toch eens te proberen om de aardappelen koel te bewaren en in het voorjaar uit te poten. Wie weet wat het wordt!
Vroege aardappelen kunnen vanaf half ongeveer maart worden gepoot; dat is een gokje, want het loof is niet goed bestand tegen vorst. Door het gebruik van vliesdoek of het poten onder glas kun je de teelt nog iets vervroegen.
Als je late aardappelen wilt telen poot je deze tussen half april en half mei. Poot bij voorkeur zo vroeg mogelijk binnen de periode, in verband met de eerder genoemde aardappelziekte Phytophthora.
Phytophthora is trouwens een pseudo-schimmel die niet alleen bij aardappelen maar ook bij tomaten voorkomt (zoals eerder gezegd zijn ze nauw verwant). Ze verspreidt zich via vocht. Zorg daarom dus altijd dat je ernstig aangetaste planten van aardappelen en tomaten verwijdert zodat ze niet de andere planten aan kunnen steken.
Er zijn heel wat smaak- en structuurverschillen tussen aardappelrassen. Vroege rassen vormen over het algemeen minder blad dan late rassen en kunnen dan ook iets dichter bij elkaar worden geplant.
Aan de andere kant: teveel stikstofrijke voeding zorgt voor teveel blad en weinig/kleine aardappelen. De lijst is op volgorde van vroege naar late rassen.
Bij een ander oud ras, bijvoorbeeld de middelvroege tot middellate Bildtstar zie je ook lage cijfers voor resistentie tegen Phytophthora en dat zorgt voor meer risico, omdat je deze aardappelen later kunt oogsten, wanneer Phytophthora vaak al ernstige aantastingen kan veroorzaken.
Vergelijk de cijfers van de oude rassen even met nieuwere rassen waarbij in de veredeling de resistentie tegen Phytophthora heel belangrijk was/is. Zie bijvoorbeeld Vitabella, Camillo en Carolus, met een hoge resistentiecijfers in zowel loof als knol.
Oftewel; het loont echt de moeite om je er even in te verdiepen en een ras te kiezen dat een hoge mate van resistentie heeft; het kan in de zomer een grote teleurstelling voorkomen.
En zo puzzelen wij elke winter dus weer welke aardappelrassen we willen; zoekend naar een goede opbrengst op onze kleigrond, goede resistentie tegen phytophthora, etc. Elk jaar komen er weer nieuwe rassen op de markt, en daarom kiezen we bijna elk jaar wel weer andere rassen die we eens willen proberen.
Hoewel aardappelen op alle grondsoorten gekweekt kunnen worden hebben ze een voorkeur voor een neutrale tot iets zure grond (de ideale pH voor kleigrond is 6 en voor zandgrond is 5).
Aardappelen zijn redelijk gulzige planten maar de behoefte aan kalium (voor de ontwikkeling van de knollen) is relatief hoog ten opzichte van de behoefte aan stikstof (voor bladgroei).
We geven een kleine hoeveelheid samengestelde organische meststof wanneer we de aardappelen poten. En als de aardappelen bovengronds komen leggen we de paardenmest met stro weer terug tussen de aardappelplanten. De scherpe stoffen zijn dan allang verdwenen en het werkt als een natuurlijk soort mulchlaag (het geeft langzaam voeding af, composteert, houdt onkruidgroei tegen en zorgt ervoor dat het vocht beter verdeeld in de grond blijft en die grond niet zo snel uitdroogt. Zo kunnen de pootaardappelen in het eerste stadium groeien.
Rond mei geven we vervolgens nog wat kalium (bijvoorbeeld vinassekali) voor de ontwikkeling en groei van de knollen. In plaats van mest met stro kun je natuurlijk ook bladeren, halfrijpe compost, etc. gebruiken als mulchlaag.
Teveel stikstof, door een verkeerde bemesting met een meststof met een hoog stikstofgehalte - zoals bloedmeel of kunstmest kalkamonsalpeter, chilisalpeter, etc.) kan veel loof maar weinig en kleine aardappelen geven. Daarnaast is de kans op phytophthora en aantasting door de coloradokever groter.
Samengevat; het beste resultaat geeft een matige algemene basisbemesting met een kleine tot gemiddelde hoeveelheid stikstof (afhankelijk van de algemene voedingstoestand van je grond) en een wat grotere extra kalibemesting halverwege de teelt.
Op een zure zandgrond is het raadzaam om wat kalk te gebruiken want bij een te lage pH kan er magnesiumgebrek optreden; bladeren worden dan geel, terwijl de nerven groen blijven. Daardoor kan de plant te vroeg afsterven waardoor er minder aardappelen geoogst kunnen worden.
Een vruchtwisseling van minimaal 1 op 4 jaar is belangrijk om ziekten, plagen, aaltjes, Phytophthora en schimmels zoveel mogelijk te voorkomen.
Aardappelen laten na de oogst een grond met een goede structuur na; na de aardappeloogst is de grond zelfs hier op onze vette klei mooi los en rul en nog zeer geschikt voor een nateelt (bijvoorbeeld voor op-het-nippertje-late stamsperzieboontjes, venkel, koolrabi, herfstandijvie, postelein, sla, etc.).
Deze aardappelen hebben op hun grotere oppervlak meer ogen = meer stengels = meer aardappelen. Maar dei aardappelen zullen doorgaans dan ook wel iets kleiner van formaat zijn.
Door het pootgoed uit te spreiden in bakjes en die een paar weken lang op een koele en zo licht mogelijke (maar niet zonnige) plaats te zetten kunnen de aardappelen al wat uitlopen op de ogen.
Zelf leggen we (voor vroege en middelvroege aardappelen) zo rond half tot eind februari de aardappelen in de doosjes waarin je eieren koopt; zo ligt elke pootaardappel goed gescheiden van de rest, kan er voldoende licht bij, is er weinig kans op zweten of schimmel door vocht. De ideale temperatuur daarbij is 10°C.
Als je lange witte scheuten op je aardappelen krijgt, dan hebben de bakjes met pootaardappelen te warm en/of te donker gestaan. Het nadeel van die lange waterige scheuten is dat ze de pootaardappel veel energie kosten en ze breken heel gemakkelijk bij het poten.
Liever geen scheuten dan te lange, dunne en waterige scheuten.
Kort voor de teelt maak je de grond daarom goed los, dat maakt het poten ook gelijk makkelijker.
Algemene Informatie over Aardappelen
De aardappel is een cultuurgewas dat net als de tomaat, paprika en tabak behoort tot de nachtschadefamilie. De aardappel is een plant die energie opslaat in de vorm van zetmeel in ondergrondse knollen. De plant slaat het zetmeel op in voor de mens eetbare stengelknollen, die, net als de plant zelf, aardappel of aardappel worden genoemd. De aardappel is wereldwijd het belangrijkste voedingsgewas na rijst, tarwe en maïs.
Aardappelen zijn voedzame knollen die ondergronds aan de aardappelplant groeien. Buiten Nederland wordt de aardappel soms gezien als groente. De aardappel bevat dan ook diverse vitamines en mineralen die in pasta en rijst niet voorkomen.
Het aardappelras, kooktype en de kwaliteit bepaalt waarvoor de aardappel geschikt is. Vastkokende aardappelen zijn prima geschikt om te bakken en te koken, te wokken of voor in een salade. (Iets) kruimige aardappelen zijn geschikt voor stamppot, puree, soep of soufflé.
Naast onbewerkte, verse aardappelen zijn er allerlei bewerkte aardappelproducten te koop. Zoals aardappelkroketjes, aardappelpuree, aardappelschijfjes, aardappelpartjes, chips, frites en rösti. Aan deze producten wordt vaak zout toegevoegd. Ook worden ze vaak voorgebakken. Op het etiket is te zien hoeveel (verzadigd) vet en zout er in een product zit. Doordat sommige producten gefrituurd worden, bevatten ze meer vet en dus meer calorieën.
De aardappelen die in de winkel te koop zijn, komen meestal uit Nederland. Doordat ventilatie- en koelapparatuur tegenwoordig van goede kwaliteit is, zijn aardappelen zelf na een half jaar in de opslag nog van goede kwaliteit. Daardoor kun je dus het hele jaar aardappelen van Nederlandse bodem in de winkel zien liggen. In het voorjaar kun je ook aardappelen uit landen rond de Middellandse Zee kopen, denk aan Malta, Israël, Egypte en Portugal.
Nieuwe aardappelrassen worden gemaakt door ze met elkaar te kruisen.
Aardappelen bevatten koolhydraten, vooral in de vorm van zetmeel. Ook leveren aardappelen vezels, vooral in de schil. Aardappelen bevatten vitamine C en vitamine B6, en in kleinere hoeveelheden ook andere B-vitamines. Daarnaast zit er in aardappelen kalium en in kleinere hoeveelheden ook calcium en fosfor. Tot slot zitten er ook bioactieve stoffen in aardappelen.
Aardappelen staan in de Schijf van Vijf omdat ze een goede bron zijn van koolhydraten en voedingsstoffen en veel worden gegeten in het Nederlands voedingspatroon. Ze zijn een aanvulling op brood en graanproducten.
Nederlanders eten gemiddeld 64 gram aardappelen en aardappelproducten per dag. Mannen eten meer aardappelen (75 gram) per dag dan vrouwen (53 gram). Gemiddeld eten Nederlanders op 3 dagen in de week aardappelen. Ouderen eten meer aardappels dan jongeren.
Bewaren en Schoonmaken van Aardappelen
Bewaar aardappelen op een droge, koele plaats buiten de koelkast. Open de zak waarin ze worden verkocht. Zo kunnen de aardappelen lucht krijgen en wordt voorkomen dat ze snel uitlopen. Aardappelen moeten stevig aanvoelen. Aardappelen waar je in kunt knijpen zijn te oud en niet meer lekker.
Om gekookte aardappelen te bewaren en verspilling te voorkomen, kun je ze het beste gewoon in de koelkast bewaren. Als je van plan bent om de aardappelen langer te bewaren, kan je ze ook in de vriezer bewaren.
Het is zonde om gekookte aardappelen weg te gooien als je ze niet meteen opeet. Je kunt ze beter hergebruiken door er bijvoorbeeld gebakken aardappels van te maken. Op die manier hoef je een andere dag minder verse aardappelen te koken.
Schil aardappels vlak voor gebruik, anders verkleuren ze. Schil de aardappelen met een scherp keukenmesje of dunschiller. Snijd of steek met de punt van het mesje of de speciale ontpitter op de dunschiller de pitten of gekleurde plekken uit de aardappel. Snij de aardappel in stukken en was ze met water. Bewaar de geschilde aardappelen niet in koud water, ze verliezen dan vitaminen.
Kook of bak je de aardappelen in hun schil, schrob ze dan met een borsteltje in een ruime bak met koud water schoon en spoel ze na. Verwijder wel de pitten en de gekleurde of beurse plekken.
Bereiding van Aardappelen
Schil de aardappelen, snijd ze in stukken en was ze. Leg de aardappels in de pan en voeg naar smaak zout toe. Schenk zoveel water in de pan dat de aardappels tot ongeveer de helft onderstaan.
Leg het deksel op de pan en breng alles op hoog vuur aan de kook.
Nu gaat de kooktijd in. Draai het vuur zo laag dat het water nog net blijft koken. Kook de aardappels in de aangegeven tijd gaar.
Giet de aardappels af, schud ze een paar keer in de pan p, zodat ze iets uitdampen.
Smaak van Aardappelen
Aardappelen hebben een vrij neutrale smaak, waardoor ze een veelzijdig ingrediënt zijn dat goed samengaat met verschillende smaken en bereidingswijzen. Over het algemeen hebben ze een milde, aardse smaak met een lichte zoetheid, vooral als ze gekookt zijn.
De exacte smaak van aardappelen kan variëren van ras tot ras. Sommige rassen zijn iets zoeter, terwijl andere een meer uitgesproken aardse smaak hebben. Het kookproces kan ook de smaak en textuur van aardappelen beïnvloeden. Gekookte aardappelen hebben meestal een zachte textuur en een subtiele zoete smaak, terwijl gebakken of geroosterde aardappelen een knapperige buitenkant kunnen hebben en een romige binnenkant met een licht geroosterde smaak.
Gezondheidsvoordelen van Aardappelen
Naast zetmeel bevatten aardappelen vitaminen, mineralen en vezels. Ze zijn rijk aan vitamine C, een antioxidant. Vroeger waren aardappelen een levensreddende voedselbron omdat de vitamine C scheurbuik tegenging. Een andere belangrijke voedingsstof in aardappelen is kalium, een elektrolyt dat helpt bij de werking van ons hart, spieren en zenuwstelsel. De aardappelschil bevat vezels, die belangrijk zijn voor de spijsvertering.
Sommige aardappelsoorten, vooral die met een andere kleur, bevatten meer voedingsstoffen die goed zijn voor de gezondheid. In het algemeen geldt: hoe donkerder de aardappel, hoe meer antioxidanten hij bevat.
Zoete aardappelen zijn een goede bron van vitamine A, een belangrijke voedingsstof voor de immuniteit en de gezondheid van de ogen. Paarse aardappelen zijn rijk aan antioxidanten, waaronder anthocyanen, die hartziekten en kanker kunnen voorkomen en de gezondheid van de hersenen kunnen bevorderen.
Ongeschilde Aardappelen in de Supermarkt
Aan het aantal zakken met ongeschilde aardappelen in de supermarkt te zien, schillen we nog steeds graag zelf. Marjan Skotnicki-Hoogland, managing director van CêlaVíta, vraagt zich af: ‘Waarom schilt u nog?’ Uit een rondvraag van Nederland Voedselland blijkt dat er aan de geschilde aardappelen in de supermarkt een aantal vooroordelen kleven. Ze zouden minder vers zijn dan aardappelen die we zelf schillen. Klopt dat wel, en wanneer spreken we eigenlijk van ‘vers’?
Het toevoegen van gemak is een trend in de supermarkt. Er wordt van alles aangeboden dat al gesneden en gewassen is, zodat je thuis in de keuken zo min mogelijk hoeft te doen.
Terwijl die producten van de groente- en fruitafdeling langzaam worden ingeruild voor een zak, blijft de zak ongeschilde aardappelen onverminderd populair. Ook al kost het extra tijd om ze te schillen.
Een groepje mensen had ook steekhoudende redenen om aardappelen mét schil te kopen: dat zou lekkerder zijn. Maar die culinaire voorkeur en de perceptie van de gezondheid van de nog aanwezige aardappelschil, is niet het enige dat we tegenkomen. Het woord ‘vers’ valt opvallend vaak.
Volgens Van Boekel heeft het allemaal met gevoel te maken. ‘Het woord ‘vers’ appelleert aan iets dat we belangrijk vinden. In onze ogen is het goed en gezond. Geschilde, gewassen en voorgekookte aardappelen zijn net zo vers als tafelaardappelen.
Skotnicki-Hoogland valt de levensmiddelentechnoloog bij. ‘De perceptie van wat vers is, is aan het verschuiven. En daarnaast bestaat er geen formele definitie van wat het betekent. Kijk maar eens in de supermarkt. Daar vind je verse pasta, verse soep, verse pizza. En er ligt ook verse spinazie in blokjes - in de diepvries.
Daarom vindt Skotnicki-Hoogland het vooroordeel over geschilde aardappeltjes niet kloppen. ‘De geschilde, gewassen en voorgekookte aardappelen die wij verkopen, zijn net zo vers als tafelaardappelen die je zelf schilt. We voegen alleen maar gemak en tijdswinst toe’, zegt de managing director. ‘We wassen de aardappelen in Veluws bronwater, en schillen en snijden ze alvast in blokjes of partjes. Verder gebeurt er niets mee. 100% puur, zonder toevoegingen.
Aardappelen met Schil Eten
Aardappelen hoeven niet per se geschild te worden, zeker om te bakken en voor ovenbereidingen is schillen niet nodig. Eet aardappelen alleen in de schil als ze vers en onbeschadigd zijn. Gebruik eventueel een scrubhandschoen om de schil van de aardappelen schoon te maken. Of kook de aardappelen in de schil, laat ze dan even ’schrikken’ in ijskoud water als ze gekookt zijn. De schil gaat er dan gemakkelijker af.
Duurzaamheid
Koken is wat betreft bereiding minder klimaatbelastend dan oven of frituur.
De druk op het milieu is laag bij de Nederlandse aardappelteelt als het gaat om broeikasgassen en landgebruik. Voor het telen van biologische aardappelen worden geen chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen en kunstmest gebruikt.
Voor de teelt en de opslag van aardappels is niet veel energie nodig. De opbrengst per hectare is hoog.
Houdbaarheid
Op aardappelen hoeft geen houdbaarheidsdatum te staan. Gemiddeld zijn ze in huis 2 tot 4 weken houdbaar. Na een tijd bewaren neemt wel de kwaliteit af. Aardappelen blijven langer houdbaar op een donkere plaats. Licht bevordert de vorming van de natuurlijke gifstof solanine.
Bewaar aardappelen op een koele plek, tussen 8 en 10°C. Te hoge temperaturen zorgen voor uitlopers. Van te lage temperaturen krijgen aardappelen een zoete smaak.
De kwaliteit controleer je door te kijken en te ruiken. Aardappelen zijn goed als ze een stevige mooie, heldere gele (of rode) huid hebben.
Groene Plekken en Uitlopers
Zie je groene plekken op je aardappelen of hebben ze uitlopers? Soms hebben aardappelen groene plekken of uitlopers. Dit betekent dat de aardappelen de gifstof solanine bevat. Dit is een stof die behoort tot de glycoalkaloïden en kan zorgen voor misselijkheid en buikklachten. Door aardappelen donker te bewaren kan dit voorkomen worden.
Bestrijdingsmiddelen en Kiemremmers
Wanneer aardappelen tijdens de winter opgeslagen worden kunnen er kiemremmende middelen gebruikt worden.
Tijdens de teelt en opslag van aardappelen worden bestrijdingsmiddelen gebruikt. Bijvoorbeeld tijdens de teelt om de aardappelziekte phytophtora te voorkomen en kiemremmende middelen tijdens de opslag om de aardappelen goed te kunnen bewaren. Er zijn strenge eisen ten aanzien van het gebruik van bestrijdingsmiddelen en ook hoeveel er maximaal mag achterblijven op het product.
Tabel: Eigenschappen van Aardappelrassen
Deze tabel geeft een overzicht van enkele bekende aardappelrassen en hun eigenschappen. De resistentie tegen Phytophthora is aangegeven op een schaal, waarbij hogere cijfers een betere resistentie betekenen.
| Aardappelras | Vroegheid (Schaal) | Resistentie tegen Phytophthora (Loof) | Resistentie tegen Phytophthora (Knol) | Geschiktheid |
|---|---|---|---|---|
| Annabel | Vroeg | Hoog | Hoog | Bakken en Salades |
| Roseval | Vroeg | Laag | Gemiddeld | Bakken en Salades |
| Frieslander | Middelvroeg | Gemiddeld | Gemiddeld | Stamppot |
| Escort | Middelvroeg | Gemiddeld | Gemiddeld | Stamppot |
| Vitabella | Vroeg | Hoog | Hoog | Algemeen Gebruik |
| Camillo | Middelvroeg | Hoog | Hoog | Algemeen Gebruik |
| Carolus | Middelvroeg | Hoog | Hoog | Algemeen Gebruik |
labels: #Aardappel




