In de wereld van de wiskunde zijn er figuren die niet alleen uitblinken in hun vakgebied, maar ook een blijvende indruk achterlaten op de mensen om hen heen. Een van deze figuren is Aida Beatrijs (Ietje) Paalman-de Miranda, een vooraanstaande wiskundige die bekend stond om haar vermogen om complexe concepten op een begrijpelijke manier uit te leggen. Haar studenten herinneren zich haar vooral door haar gebruik van alledaagse voorbeelden, zoals taarten, om de abstracte principes van de wiskunde inzichtelijk te maken.

Een Jeugd in Suriname en een Carrière in Amsterdam

Hoe kwam een meisje van 17 uit Paramaribo ertoe om zich in Amsterdam op de wiskunde te storten? In een gesprek met Liesbeth Koenen, de biograaf van Hugo Brandt Corstius (die met Paalman en Schenks tante een hecht „driemanschap” vormde) vertelde ze enkel dat ze zich bij de Amsterdamse wiskundigen meteen als „een vis in het water” had gevoeld. Toch illustreert haar karakterisering van haar vriendschap met Brandt Corstius ook haar bijzondere positie: „wij waren allebei een beetje buitenbeentjes”. Bij de wiskundigen was het anders. Daar telde vooral of je goed was in het vak. En dat was Paalman.

Schenk kende Paalman-de Miranda al vanaf dat hij een klein jongetje was. Zijn tante, Judith van Witsen, was secretaresse bij de wiskundefaculteit van de Universiteit van Amsterdam en hecht met haar bevriend. Hij herinnert zich Paalman-de Miranda als ontzettend aardig en iemand die zich nergens op liet voorstaan.

Een Briljante Geest in de Wiskunde

Paalman-de Miranda hield zielsveel van haar vak, de zuivere wiskunde, en daarbinnen van de topologie en de verzamelingenleer. Die behoren tot de moeilijkste vakken in de wiskunde, zegt oud-student Dirk-Jan Schenk. Ze zijn ook heel abstract., maar Paalman-de Miranda maakte ze „met huis-tuin-en-keukenvoorbeelden zoals taarten” voor haar studenten inzichtelijk en begrijpelijk.

Brandt Corstius noemde haar „veel knapper dan ik”. Toen ze een uur na elkaar afstudeerden, op 23 november 1960, had hij al voorspeld dat Paalman-de Miranda dat cum laude zou doen.

Hoogleraar en Inspiratiebron

Nadat ze in 1966 van een dochter was bevallen, vroeg De Groot haar tijdens zijn kraamvisite om lector te worden. In 1980 werd ze hoogleraar zuivere wiskunde: „Als ik aan een probleem werk dat me boeit, ben ik er vaak dag en nacht mee bezig”, zei ze zelf. Daarnaast herinneren generaties studenten haar als de vrouw die hen in de zuivere wiskunde inwijdde - met een vrolijk en open oog voor de rest van de wereld.

Zo was Paalman-de Miranda, zeggen studenten die college van haar hebben gehad. Zij was allereerst een wiskundige die zielsveel hield van haar vak, de zuivere wiskunde, en daarbinnen van de topologie en de verzamelingenleer.

De bekende topoloog Johannes de Groot, bij wie ze aansluitend zou promoveren, regelde daarna dat Paalman-de Miranda anders dan gebruikelijk drie maanden vakantie kon opnemen. Zo kon ze Suriname bezoeken voordat ze aan een promotieonderzoek begon bij het Mathematisch Centrum in Amsterdam - bij De Groot die daar de afdeling zuivere wiskunde leidde en één van de toonaangevendste wiskundigen van Nederland was.

Persoonlijk Leven en Nalatenschap

Ze was intussen getrouwd met dr. Dolf Paalman, vele jaren hoofdapotheker in het Slotervaartziekenhuis. Medici vormen een ander slag mensen dan wiskundigen, zei ze later tegen Brandt-Corstius-biograaf Koenen. Wiskundigen staan veel minder „met beide benen op de grond”, omdat hun hoofd bij de wiskunde vertoeft. Met haar bescheiden vriendelijkheid en briljante verstand paste Paalman-de Miranda daar als vanzelfsprekend bij.

Paalman-de Miranda laat een zoon en een dochter en drie kleinkinderen achter.

labels: #Taart

Zie ook: