Elk jaar schrijf ik over aardappels. Tot vorig jaar kregen we een extreem natte zomer en ging een groot deel van de nationale aardappeloogst verloren door de aardappelziekte. Behalve de vroege rassen, die hadden er minder last van.

Wanneer je overweegt om zelf aardappelen te kweken, wacht dan niet te lang om het pootgoed uit te kiezen, zeker wanneer je op zoek bent naar een specifieke variëteit. Door je pootaardappelen al vroeg in het jaar te kopen, profiteer je niet alleen van een ruim aanbod, maar heb je bovendien nog voldoende tijd om de knollen te laten kiemen.

De juiste timing hangt af van het type pootaardappel en de weersomstandigheden.

De Ideale Grond Voor Aardappelen

De meeste grondtypen zijn geschikt voor aardappelen, maar ze doen het vooral goed in een vruchtbare, goed drainerende grond. Weet ook dat aardappelen het liefst een iets lagere zuurtegraad hebben (pH= 5-6). Ze zijn dan minder gevoelig voor schurft. Een aardappelveldje kan je daarom beter niet bekalken.

Bereid het perceel voor de aardappelen op dezelfde manier voor als de andere percelen in je moestuin.

Aardappelen Poten: De Juiste Timing

Wanneer kan je je aardappelen poten? Zodra de grond warm genoeg is en er geen nachtvorst meer wordt verwacht, kan het gekiemde pootgoed de grond in. Om het planten te vergemakkelijken, maak je de grond net voor het planten het beste nog even goed los. Bij het aanplanten doe je er goed aan voldoende kalium in het plantgat mee te geven, bijvoorbeeld in de vorm van DCM Tuinkali / Tuinpotas. Kalium bevordert immers de vruchtvorming en zorgt voor dikke, stevige en smakelijke aardappelen.

Plant de aardappelen in rijen. Zorg voor voldoende afstand tussen de rijen (± 70 cm), zo kan je je aardappelplanten achteraf gemakkelijker aanaarden. Maak plantgaten van zo’n 5 cm diep. In lichte grond (zandgrond) mogen ze zelfs iets dieper zijn (tot 10 cm). Respecteer een afstand van 30 tot 50 cm tussen de plantgaten. Leg vervolgens in elk plantgat een knolletje. Let erop dat de knolletjes met de mooiste scheut naar boven liggen. Vul de plantgaten verder aan met grond, druk zachtjes aan en geef water.

Na 4 weken is het loof al goed opgeschoten en moet je aanaarden.

Aardappelen Aanaarden en Bemesten

Een paar weken nadat je je aardappelen gepoot hebt, zie je meestal de eerste stengels met blaadjes boven de grond verschijnen. Zodra de bovengrondse stengels ongeveer 15 cm hoog zijn, is het tijd om je aardappelplanten aan te aarden. Dat betekent dat je de grond rond de stengels aan beide kanten van de plantrij gaat ophogen. De jonge stengels zullen hierdoor grotendeels bedekt worden met aarde. Indien er nog nachtvorst verwacht wordt, mag je ze zelfs volledig bedekken. Zo zorg je voor extra bescherming. Het aanaarden herhaal je het beste nog een tweetal keren, telkens na 3 à 4 weken.

Tijdens het aanaarden doe je er goed aan om ook meteen een kaliumrijke voeding toe te dienen. DCM Meststof Aardappelen is een puur organische voeding met een hoog kaliumgehalte. Het aanaarden van je aardappelplanten heeft zo zijn voordelen:

  • Je planten worden gestimuleerd om meer ondergrondse stengels en dus meer aardappelen te vormen.
  • Het extra laagje aarde beschermt ze bovendien tegen nachtvorst en zorgt ervoor dat de reeds gevormde knollen niet blootgesteld worden aan het zonlicht, waardoor ze groen zouden kleuren.
  • De opgehoogde grond warmt tevens sneller op en voert de regen beter af.

Vroege, Middenvroege en Late Aardappelen

Onze aardappels poot je al vroeg in het jaar, en oogst je daarom ook vroeg. Aardappels zijn er in allerlei soorten: verschillende kleuren, kruimige, vastkokende, ronde, ovale en ook vroege, middelvroege en late. Die laatste worden vooral geteeld om te bewaren voor de winter.

Vroege plantaardappelen kun je vanaf maart poten. Onderstaande kun je als richtlijn aanhouden:

  • Vroege aardappelen poten van begin maart tot half april. Oogsten na ca. 90 dagen
  • Middenvroege aardappelen poten van half maart tot eind april. Oogsten na ca. 100 dagen
  • Late aardappelen poten van begin april tot eind mei. Oogsten na ca.

Vroege aardappelen worden vroeg in het seizoen geoogst, nog voordat de meeste ziektes zoals Phytophthora (aardappelziekte) toeslaan. Middenvroege en late aardappelen lopen een groter risico op ziekten, vooral bij natte zomers.

Wij zelf kiezen de laatste jaren eigenlijk alleen nog maar vroege en halfvroege rassen: hoe langer de groeiperiode van een aardappelras is, des te meer kans is er voor de aardappelziekte (de pseudoschimmel Phytophthora infestans) om toe te slaan. Zeker op onze vette klei, waar veel regen in de zomer nog wel eens een probleem kan zijn. Gelukkig zien we steeds vaker rassen die meer resistent zijn tegen Phytophthora.

Op de foto hierboven zie je de Bleue d’Artois (midden), Escort (onder), Roseval (rozerood, bovenaan), Annabel (rechts), Frieslander (linksboven) en Kestrel (met paarse vlekjes, links). Voor elke gelegenheid is er dus wel een aardappel; Annabel en Roseval zijn erg geschikt voor bakken en salades, wat gladder, Escort en Frieslander zijn wat kruimiger en daardoor lekkerder voor stamppot maar ook als gewoon gekookte aardappel bij vlees en groenten. Bleue d’Artois is ook iets kruimig en omdat ze zo mooi paars blijft erg leuk in paarse aardappelsalade, gebakken maar ook een lilapaarse aardappelpuree.

Voorkiemen Voor Een Vroegere Oogst

Voorgekiemde aardappelen zullen sneller oogstklaar zijn. Ze hebben immers al scheutjes gevormd nog voor ze geplant worden. Om de pootaardappelen goed te laten kiemen, leg je ze het best naast elkaar in bakjes. Zet ze vervolgens gedurende een drietal weken op een koele plek (ca. 10° C) en zorg ervoor dat ze voldoende licht krijgen. In de tussentijd kan je het perceel voor de aardappelen alvast plantklaar maken.

Wil je sneller oogsten? Voorkiemen zorgt ervoor dat je aardappelen twee weken eerder klaar zijn.

Daarom kiemen we ze tot half maart binnenshuis voor. Zo krijgen ze al uitlopers, komen de planten eerder boven, en kun je ook eerder oogsten. Voor het voorkiemen heb je een laag bakje nodig, met eventueel wat keukenpapier om de aardappeltjes goed droog te houden. Kiem je voor meerdere vakken tegelijk, dan is een lege eierdoos heel handig.

Op de aardappels zie je al verschillende 'ogen': sommige nog heel klein, andere al iets groter. Zet de aardappels rechtop in het bakje - met deze ogen naar boven. De uitlopers worden het sterkst bij een temperatuur tussen de 10°C en 15°C.

Zet daarom het bakje op een lichte maar koele plek. Na 15 maart poot je de aardappels in je bak, mits de temperatuur boven de 8°C is.

Stappenplan Voor Het Poten Van Aardappelen

  1. Gaten maken: De afstand tussen de gaten bedraagt ca. 40 cm. De afstand tussen de rijen bedraagt ca. 60 cm. Maak gaten of geulen van ca.
  2. Aardappelen poten: Plant de pootaardappelen met de scheut omhoog. Je hebt 1 kg pootaardappelen nodig voor ca.
  3. Ruggen maken / aanaarden: Ca. 6 weken na het planten schuif je steeds meer grond tegen de plant aan (dit kan met behulp van een tuinfrees).
  4. Aardappelen spuiten: Na ca. 10 weken moeten de aardappels voor het eerst gespoten worden tegen aardappelziekte (Phythophtora) en de Coloradokevers.
  5. Aardappelen rooien: Oogsten kan met vroege aardappelen al vanaf juni (na 10-12 weken), afhankelijk van het weer. Voorgekiemde aardappelen zullen enkele weken vroeger zijn. Als je geen machine hebt kun je het beste rooien met een riek.

Extra Tips Voor Een Succesvolle Oogst

  • Aanaarden helpt om de knollen te beschermen tegen zonlicht en stimuleert een grotere oogst.
  • Heb je een kleinere tuin of een balkon? Goed nieuws: je kunt aardappelen ook kweken in potten. Zorg voor een pot van een doorsnede (en hoogte) van minimaal 30 centimeter zodat de aardappels lekker de ruimte hebben. Doe een of twee pootaardappelen in de pot, met de uitlopers naar boven en zet de pot op een zonnig plekje.
  • Aardappelen houden van een lekker zonnig plekje en veel water.

Watergeven bij Aardappels

Aardappels houden niet van natte voeten. Gebruik je onze waterreservoirs, dan krijgen ze daardoor genoeg vocht en hoef je niet ook nog van bovenaf water te geven. Zodra je de eerste plantjes op ziet komen, weet je dat het goed gaat. Dan is het tijd voor het volgende level.

Oogsten en Bewaren

Oogsten kan op verschillende manieren: net wat jij fijn vindt. Steek je handen in de aarde en haal voorzichtig de aardappelen uit de bodem of help het proces een handje met een spitvork.

labels: #Aardappel

Zie ook: