Move over Dry January, hello Veganuary! In januari gaan verstokte vleeseters, flexitariërs, pescotariërs, vegetariërs en wat al niet meer aan ‘tariërs’ de uitdaging aan: een maand lang plantaardig eten. We snappen dat een volledig plantaardig dieet wellicht (nog) een stapje te veel is.

Hoewel World Animal Protection geen veganistische of vegetarische organisatie is, hebben we wel alles te maken met de gevolgen van vlees- en zuivelconsumptie. Minder dierlijke producten eten helpt talloze dieren een leven vol ellende te besparen. En dat is waar wij voor gaan; een wereld waarin dieren een fijn leven kunnen leiden. Volledig plantaardig eten is een geweldige manier om het leven van veel dieren te verbeteren, maar dat is voor consumenten wellicht een ontmoedigende opgave. Bij World Animal Protection zien we het dan ook niet zwart-wit. We zijn ervan overtuigd dat we gezamenlijk een grote impact kunnen maken door kleine individuele veranderingen.

De Impact van Vlees- en Zuivelproductie

Van de meer dan 70 miljard dieren die wereldwijd jaarlijks worden gefokt, brengen 50 miljard hun leven door op intensieve veehouderijen. Ze worden er meer als machines behandeld dan als levende, voelende dieren. Ze hebben een kort, ellendig leven en worden vaak opgesloten in kooien, kratten of hokken, waardoor ze geen kant op kunnen en hun natuurlijke gedrag niet kunnen uiten. Het landgebruik om veevoer te verbouwen neemt nu meer dan een derde van het aardoppervlak in beslag. Dat betekent dat er een enorm stuk aan leefgebied van wilde dieren is verdwenen. Geen wonder dat we diersoorten in een alarmerend tempo verliezen. Experts waarschuwen zelfs dat er een massaal uitsterven op komst is. Door minder vlees en zuivel te eten, help je dieren in het wild te beschermen tegen het lot van de al uitgestorven Balinese tijger.

Van al het water dat we gebruiken is 85% nodig voor ons eten en drinken, stelt het Voedingscentrum. Dierlijke producten dragen het meest bij: veehouderijen verbruiken zeer veel water. Zo is er 15.000 liter water nodig is om één kilo rundvlees te produceren. 15.000 liter! Voor een kilo varkensvlees is 6.000 liter water nodig en voor een kilo kaas 5.000 liter.

De vee-industrie is een van de belangrijkste oorzaken van klimaatverandering en ontbossing. De sector stoot meer broeikasgassen uit dan al het transport van de wereld bij elkaar. Het eten van minder vlees en zuivel is daarmee dé manier om de doelen van het Parijse Klimaatakkoord te bereiken. Talloze onderzoeken tonen de voordelen aan van het eten van planten ten opzichte van dierlijke eiwitten. Van het verminderen van het aantal kankergevallen en hartaandoeningen tot een langere algehele levensduur. Door meer plantaardig voedsel te eten, verbeter je je eigen gezondheid.

Er zijn bijna een miljard mensen die geen toegang hebben tot goed voedsel en water op de wereld. Hoe leg je die mensen uit dat er om één kilo rundvlees te produceren, 14,52 kilogram graan nodig is? Graan dat we zelf ook kunnen consumeren?

Banken, verzekeraars en pensioenfondsen investeren en beleggen in de vee-industrie. De vlees- en zuivelproductie is een stabiele keten. Eentje waar veel geld in omgaat en waar veel geld in te verdienen valt. Zolang de vraag naar vlees en zuivel groot is, levert deze industrie veel geld op. Hoe minder vlees en zuivel je dus eet, hoe minder geld de industrie oplevert en hoe minder er in de vee-industrie wordt geïnvesteerd.

De Toegankelijkheid van Plantaardig Eten

Plantaardig eten is toegankelijker dan ooit. Er zijn talloze plantaardige opties voor melk, burgers, eieren, kaas en yoghurt. De schappen in de supermarkt staan er vol mee, en tegenwoordig kun je ook bij veel restaurants terecht voor een vegetarische en plantaardige hap. Zelfs fastfoodketens bieden een vega(n)burger aan.

Tips om Duurzamer te Eten

Wil jij je eetpatroon veranderen om duurzamer te eten?

  1. Veganistisch eten: Als je veganistisch eet, dan eet je helemaal geen dierlijke producten. Je eet dus geen vlees, maar ook geen zuivel, kaas en eieren. De klimaatimpact van iemand die veganistisch eet is gemiddeld 50% lager dan iemand met een gemiddeld eetpatroon met vlees en zuivel.
  2. Volg de Schijf van Vijf: De gemiddelde Nederlander eet meer en ongezonder dan de Schijf van Vijf adviseert. Als je wel de Schijf van Vijf volgt, is dat beter voor je gezondheid én het klimaat.
  3. Vermijd voedselverspilling: Bij verspilling van eten is alle moeite voor de productie van het voedsel en alle milieu-impact op de omgeving die dit heeft gehad, voor niets is geweest. Zonde dus. Van al het eten dat verspild wordt (van boer tot bord), wordt 55% door mensen thuis verspild.
  4. Eet geen ingevlogen voedsel: Ingevlogen eten geeft heel veel broeikasgasuitstoot. Koop daarom geen kwetsbaar fruit dat snel bederft van ver weg; dit wordt meestal ingevlogen.
  5. Kies voor keurmerken: Twijfel jij wel eens of een keurmerk écht een verschil maakt? Wil je weten waar je op kunt letten als je vlees of vegetarisch eet? Of wat belangrijk is als je vis eet of groente en fruit?

Door de intensieve vorm van landbouw die in Nederland gangbaar is, staat de biodiversiteit onder druk. Boeren die duurzamer werken gebruiken geen of minder bestrijdingsmiddelen en kunstmest, telen bijvoorbeeld tegelijkertijd verschillende gewassen (in stroken) op de akker om plagen te voorkomen, gebruiken vooral dierlijke mest, schoffelen handmatig en trekken nuttige insecten aan. Op deze manier zorgen deze boeren voor een betere biodiversiteit op en in de bodem.

Wil je in de supermarkt keuzes maken om de biodiversiteit te helpen en de bodem gezond en vruchtbaar te houden? Het On the way to Planetproof-keurmerk heeft enkele duurzame landbouwtechnieken voor betere biodiversiteit en bodemkwaliteit als keuzemaatregel opgenomen.

De Stikstofcrisis en de Impact op het Milieu

De productie van vlees en zuivel trekt een zware wissel op het milieu en het klimaat. Dit wordt pijnlijk zichtbaar door de stikstofcrisis. Bij de teelt van landbouwgewassen en het houden van dieren komen CO2, methaan en lachgas vrij. Deze broeikasgassen dragen bij aan de opwarming van de aarde. Vlees en zuivel zijn de grootste boosdoeners. Bij de spijsvertering van koeien en andere herkauwers ontstaat methaan, een krachtig broeikasgas. We eten met z’n allen steeds meer vlees en zuivel, vooral in het Westen.

Tweederde van alle landbouwgrond ter wereld wordt gebruikt als weiland voor grazende dieren of de teelt van veevoer. Hiervoor is al veel natuur gesneuveld. Zo zijn in Zuid-Amerika miljoenen hectaren regenwoud en andere natuur vernietigd voor de teelt van soja of om runderen te laten grazen. Nederland importeert deze soja om onze gigantische veestapel te voeden. Ook importeren we Zuid-Amerikaans rundvlees.

Kijken we naar Nederland dan zien we hoe de stikstofcrisis ons pijnlijk met de neus op de feiten heeft gedrukt. Het grootste deel van het vlees en de zuivel die in onze vee-industrie wordt geproduceerd gaat linea recta de grens over. Terwijl de mest van al die dieren de lucht, het water en de bodem vervuilt, waardoor planten- en diersoorten uitsterven.

Geen wonder dat wetenschappers het er over eens zijn dat we om ons klimaat en onze natuur te beschermen drastisch minder dieren moeten gaan houden. En dat is mogelijk! Wij toonden aan dat een omslag naar ecologische kringlooplandbouw met 73 procent minder dieren niet alleen helpt in de aanpak van de stikstofcrisis, maar ook ander hardnekkige problemen oplost.

De productie van vlees, zuivel en eieren heeft naast de gevolgen voor klimaat en de gevolgen van stikstof voor onze natuur nog vele andere schadelijke gevolgen, bijvoorbeeld het gebruik van insecticiden, onkruidverdelgers en kunstmest die in het milieu terechtkomen. Ook onze gezondheid heeft te lijden onder de vee-industrie door het gevaar op besmettelijke dierziektes zoals Q-koorts en longziektes door fijnstof. Onderzoeksbureau Ecorys berekende dat de maatschappelijke kosten van de schade van de vee-industrie voor onze natuur, klimaat en gezondheid in 2018 optelde tot 6,6 miljard euro.

Ecologische landbouw met drastisch minder dieren is een cruciaal onderdeel van de aanpak van de stikstof- en de klimaatcrisis. Het voer dat biologisch gehouden dieren krijgen, is geteeld zonder het gebruik van schadelijke bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Redenen genoeg om het roer in de landbouw flink om te gooien naar een voedselsysteem dat goed is voor klimaat, natuur én boer.

Boeren dienen op een rechtvaardige manier te worden geholpen in deze noodzakelijke omslag, want veel boerenfamilies zijn nu afhankelijk van grote bedrijven en banken die de omslag naar een duurzaam landbouwsysteem blokkeren. Ook moeten zij eerlijk betaald krijgen voor duurzame inspanningen. Op deze manier kunnen we ook de achteruitgang van de boerenstand keren.

De stikstofcrisis maakt pijnlijk duidelijk dat het klimaat, natuur en dieren lijden onder de enorme vlees- en zuivelproductie.

Nederlandse Eetgewoonten

Uit onderzoek blijkt dat ongeveer de helft van Nederland niet meer dagelijks vlees eet. Minder vlees eten wordt steeds gewoner. Zo’n 40% van de Nederlanders noemt zichzelf inmiddels flexitariër en laat vlees dus vaker staan. Ook eten we met z’n allen minder rood en bewerkt vlees: in de periode 2019-2021 ging het om een daling van ruim 20% ten opzichte van 2007-2010. Ondanks dat er stappen in de goede richting worden gezet, is er ook nog veel winst te behalen.

Nederlanders eten minder vlees om verschillende redenen. Voor 22 procent is dat het klimaat. Hoogopgeleiden zeggen het vaakst minder vlees te eten omwille van het klimaat. Naarmate men ouder wordt, wordt het motief om minder vlees te eten duidelijker vaker het motief om minder vlees te eten. De redenen gezondheid en geen behoefte worden door hen vrijwel even vaak genoemd.

In Belevingen 2023 is voor het eerst ook de zuivelconsumptie onderzocht. De zuivelconsumptie verschilt het sterkst naar leeftijd. Jongeren eten minder vaak dagelijks of niet-dagelijks zuivel dan 50- tot 75‑jarigen en vooral 75‑plussers. Het verband tussen stedelijkheid en zuivelconsumptie is sterker voor vrouwen dan voor mannen. Stedelingen eten of drinken minder zuivel dan plattelandsbewoners.

Er is een verband tussen klimaat- en milieubewustzijn en de consumptie van zuivelproducten. Dit hangt grotendeels samen met leeftijd en stedelijkheid.

Vleesconsumptie in Nederland

  • Ongeveer de helft van Nederland eet niet meer dagelijks vlees.
  • 40% van de Nederlanders beschouwt zichzelf als flexitariër.
  • De consumptie van rood en bewerkt vlees is gedaald met ruim 20% tussen 2019-2021.

Vlees vervangen

Stel je eet nu volgens de Schijf van Vijf-adviezen het maximum van 500 gram vlees per week. Voor je gezondheid hoef je niet per se vlees te eten. Er zitten nuttige voedingsstoffen in vlees, zoals eiwit, ijzer en vitamine B1 en B12. Maar die voedingsstoffen kun je ook uit andere producten halen. Je kunt dus prima met minder of zonder vlees, als je het goed vervangt. Daarnaast is dierenwelzijn voor sommige mensen een belangrijke reden om minder of geen vlees te eten.

Vlees kun je goed vervangen door ei, peulvruchten (bonen zoals bruine, witte en kidneybonen, linzen, kikkererwten), tofu en tempé en ongezouten noten. Wissel af tussen die producten om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen. Als je eet volgens de adviezen van de Schijf van Vijf zonder vlees en dit vervangt door peulvruchten, noten en ei en 1 keer per week vis eet, dan verlaag je de klimaatimpact van jouw eten met ongeveer één derde. Natuurlijk bepaal jij hoeveel je wilt minderen, maar met elke dag minder verlaag je jouw impact op het klimaat.

Tips om Vlees te Verminderen

  1. Minder vlees, meer plantaardig: Probeer dan eens minder vlees te gebruiken in een gerecht en vul dat aan met een plantaardig product. Denk aan: een pastasaus met mager gehakt en linzen, rijst met minder kip en een handje cashewnoten, nasi met minder vlees maar wel pinda’s (of ei), een wrap met minder vlees en meer bonen.
  2. Kies vaker voor kip: Als je nu vaak rood vlees eet, zoals biefstuk of runderlappen, kies dan eens vaker voor kip. Dit helpt om de milieu-impact te verlagen. Van alle vleessoorten heeft kip het minste invloed op het klimaat, rundvlees het meest. Varken zit daar tussenin, maar dichterbij kip. Ook voor je gezondheid is het beter om niet te veel rood vlees te eten.
  3. Plan je maaltijden: Een weekplanning kan je helpen om minder vlees te eten. Maak een concreet plan. Hoeveel dagen per week wil je minder of geen vlees eten? Op welke dagen? En wat eet je op die dagen? Schrijf het op voor jezelf. Hang eventueel briefjes op als geheugensteuntje. Bijvoorbeeld: ‘zaterdag en maandag eet ik vegetarisch’ of ‘woensdag bonendag’.

De Impact van Voedingspatronen

Voeding met vlees en zuivel veroorzaakt meer dan twee keer zoveel broeikasgasuitstoot als voeding zonder vlees en zuivel. Dat blijkt uit onderzoek van Samantha Heerschop en Pieter van ’t Veer naar de milieu-impact van Nederlandse voedingspatronen.

PhD-student Samantha Heerschop en hoogleraar Pieter van ’t Veer bestudeerden de voedingsinname van duizenden Nederlanders en de bijbehorende milieu-impact. Uit hun berekeningen blijkt dat de gemiddelde broeikasgasuitstoot van voeding op een dag dat mensen vlees en zuivel consumeren gelijk staat aan 5,2 kilo CO2-uitstoot (tabel 1). Dat is ruim twee keer zoveel als de uitstoot op een dag waarop mensen geen vlees of zuivel gebruiken. Ook het waterverbruik ligt duidelijk hoger bij de eerste groep: 138 versus 111 liter per dag.

Als Nederlanders hun eetgewoonten verschuiven naar minder vlees en zuivel, kan dat dus helpen om de uitstoot en het waterverbruik terug te brengen. Door op één dag vlees te vervangen door bijvoorbeeld vegetarische burgers of peulvruchten, besparen mensen 26% uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen en ongeveer 19 liter water (tabel 2). Iemand die op één dag dierlijke zuivel inwisselt voor sojadrank, kokosmelk of andere plantaardige alternatieven, bespaart daarmee 16% uitstoot en bijna 10 liter water.

Tabel 1: Broeikasgasuitstoot en watergebruik (gemiddelden) op een dag dat mensen wel/geen vlees en wel/geen zuivel gebruiken

Consumptie CO2-uitstoot (kg) Watergebruik (liter)
Met vlees en zuivel 5.2 138
Zonder vlees en zuivel Minder dan met vlees en zuivel 111

Tabel 2. Besparing van broeikasgasuitstoot en watergebruik bij verschillende vervangers op 1 dag

Vervanging Besparing CO2-uitstoot Besparing Watergebruik
Vleesvervangers 26% 19 liter
Zuivelvervangers 16% 10 liter

Duurzame Voedselproductie

Voedingsmiddelen met een lagere klimaatbelasting gaan vaak hand in hand met een gezonde voeding. Dat een product milieubewust tot stand is gekomen, is niet altijd te zien. Op het moment dat een product in de winkel ligt, heeft het allerlei productiestadia doorlopen. Die productiestadia zijn de schakels van de voedselproductieketen, kortweg ‘voedselketen’ genoemd. Bij iedere productiefase wordt een hoeveelheid broeikasgassen uitgestoten.

Volgens Nederlands onderzoek is de landbouw voor ongeveer 40% verantwoordelijk voor de broeikasgasuitstoot van voeding. Het maken en transporteren van voedsel kost energie. Denk bijvoorbeeld aan het verwarmen, koelen en vriezen. Bij het gebruik van brandstof zoals gas, olie of kolen komt namelijk koolstofdioxide (CO2) vrij.

Om voedsel te kunnen verbouwen is water nodig. Dat kan regenwater zijn, maar ook vaak irrigatiewater uit de grond of rivieren. Dat is veel: ongeveer 70 tot 80% van ons totale zoetwatergebruik, waardoor het grondwaterpeil zakt. In de voedselproductie worden allerlei chemische stoffen gebruikt. Onder andere bestrijdingsmiddelen en (kunst)mest vervuilen de lucht, het water en de bodem. Vooral bij het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de open lucht kan een middel onbedoeld schade aanrichten in de natuur.

Eén op de drie vrachtwagens op de weg vervoert voedsel of hulpmiddelen om voedsel te maken. Vrachtwagens zorgen voor smogvorming en samen met vliegtuigen en in mindere mate boten en treinen dragen ze bij aan het broeikaseffect.

labels: #Vlees

Zie ook: