De publicatie in 1934 van Anton de Koms Wij slaven van Suriname markeert een cesuur in de geschiedschrijving over Suriname. Het was de eerste keer dat de Surinaamse geschiedenis werd geschreven vanuit het antikoloniale, radicale gezichtspunt van de onderdrukten. Met dit boek wilde De Kom de Surinamer zijn trots teruggeven.
Zwart zelfbewustzijn, zelfrespect, organisatie en proletarische eenheid zijn kernbegrippen in Wij slaven van Suriname - dat we kunnen typeren als een mengeling van een historische studie, egodocument en politiek manifest. Geen volk kan tot volle wasdom komen dat erfelijk met een minderwaardigheidsgevoel belast blijft.
De betekenis van Wij slaven van Suriname ligt in een uitvoerige beschrijving van de Surinaamse geschiedenis, gezien door de ogen van een revolutionair, die haar gebruikt om aan te tonen dat de slavernij, hoewel in 1863 officieel afgeschaft, tot het begin van de jaren dertig van de twintigste eeuw nog niet voorbij was. In zijn geschiedschrijving combineerde De Kom een weergave van de historische feiten met persoonlijke waardeoordelen, die neerkomen op een felle aanklacht tegen het koloniaal systeem van uitbuiting.
Hij heeft het niet enkel over de slaven uit de slaventijd, maar ook over ‘wij’ die na de afschaffing van de slavernij nog steeds als slaven leven. Door het heden te koppelen aan het verleden stijgt het boek ver uit boven de beschrijving van de harde historische feiten, zodat het tot op de dag van vandaag de lezer raakt. Met Wij slaven van Suriname staat Anton de Kom aan het begin van een traditie van aanklachten tegen slavernij en kolonialisme in het Caraïbisch gebied.
Duidelijk is dat De Kom zich heeft laten inspireren door Multatuli en Albert Helman. Wij slaven van Suriname is een met multatuliaanse en helmaniaanse passie geschreven aanklacht tegen het Nederlandse kolonialisme in Suriname. Met zijn requisitoir sloot De Kom aan bij de aanklacht van Helman in de epiloog van diens debuutroman Zuid-Zuid-West (1926), waarin hij de verwaarlozing van Suriname door Nederland hekelde.
Waar Helmans aanklacht nauwelijks enige beroering wekte in Nederland, ging dit met Wij slaven van Suriname geheel anders. Het boek werd een soort ‘contrageschiedenis’ van Suriname, die de ellendige belevenissen van de slaven, hun afstammelingen en contractarbeiders centraal stelde.
Het Leven van Anton de Kom
Over de persoon van Anton de Kom is inmiddels een lijvige en lezenswaardige biografie verschenen. Anton de Kom werd op 22 februari 1898 geboren in Paramaribo als oudste van zes kinderen van een gouddelver die nog als slaaf was geboren. Na de mulo behaalde Anton zijn diploma in de boekhouding en werkte hij in Suriname als kantooremployé bij de Balata Compagnie Suriname en Guyana.
Op 1 augustus 1920 besloot hij naar Nederland te vertrekken. In januari 1921 trad De Kom als vrijwilliger in dienst van het tweede regiment Huzaren in Den Haag - gezien zijn latere militante, antikoloniale houding een opmerkelijke stap, die echter ingegeven werd door financiële nood (Boots & Woortman 2009: 41-44). Na een jaar verliet hij de Huzaren, waarna hij verschillende betrekkingen vervulde als assistent-accountant bij een Haags adviesbureau en als vertegenwoordiger bij een koffie-, thee- en tabakshandel in Den Haag. Dit laatste bedrijf ontsloeg hem in oktober 1931 bij een reorganisatie wegens een te grote belangstelling voor de politiek.
Rond 1926 kwam De Kom in linkse kringen terecht. Zijn politieke denken kreeg een belangrijke impuls door zijn contacten met de nationalistische beweging van Indonesische studenten in Nederland onder leiding van Mohammed Hatta. Hij werd nooit lid van de communistische partij in Nederland, maar was wel actief in communistische kring.
Veelal onder de naam ‘Adek’ schreef hij artikelen voor De Tribune, De Communistische Gids en het begin jaren dertig opgerichte arbeiderscollectief Links Richten. Ook werd hij lid van de Liga tegen Imperialisme en Koloniale Onderdrukking, een mantelorganisatie van de communistische partij in Nederland, en van de Bond van Surinaamse Arbeiders in Nederland. Met Surinaamse arbeidersleiders als Louis Doedel en Theo de Sanders onderhield hij contact. Zijn artikel ‘Terreur in Suriname’ in De Tribune van 10 september 1932 werd in Suriname als vlugschrift verspreid.
Terugkeer naar Suriname en Verbanning
Al in 1930 overwoog De Kom terug te keren naar Suriname. In dat jaar benaderde hij gouverneur Rutgers, die op verlof was in Nederland, met het verzoek op gouvernementskosten naar Suriname te mogen gaan om daar in de kleine landbouw te beginnen. Vanwege zijn revolutionaire reputatie werd dit verzoek afgewezen. Eind 1932 vertrok De Kom alsnog naar Suriname, op eigen kosten met zijn inmiddels vier kinderen tellende gezin, met de bedoeling zich daar te vestigen. Directe aanleiding voor de overtocht was het bericht dat zijn moeder op sterven lag (zij zou overigens op 4 januari 1933 overlijden, nog vóór zijn aankomst).
De komst van De Kom in 1933 moet worden gezien tegen de achtergrond van een beginnende politisering van de arbeidersbeweging in Suriname, wat samenhing met het uitbreken van de economische wereldcrisis in 1929, die ook Suriname niet onberoerd zou laten. In oktober 1931 gingen demonstrerende werklozen over tot vernielingen, het plunderen van winkels, het openbreken van bruggen en dergelijke. Na dit ‘Hongeroproer’ maakten organisaties en personen zich ideologische, veelal aan het socialisme verwante, uitgangspunten eigen.
De Koms terugkeer wekte sensatie, die voor een niet gering deel was toe te schrijven aan de opzienbarende maatregelen die tegen hem genomen werden. Bij zijn aankomst was een grote politiemacht op de been. Hij werd continu bewaakt en hij kon geen voet verzetten zonder dat enkele politieagenten hem volgden. Vanwege de grote toeloop naar dit adviesbureau greep het bestuur in.
Op 31 januari 1933 werd De Kom gearresteerd wegens poging tot misdrijf tegen de veiligheid van de staat. Het bericht ging als een lopend vuurtje door de stad; op straat bleef het lang onrustig. Duizenden arbeiders stroomden de stad binnen en eisten De Koms vrijlating. Bij vrijlatingsacties op 5, 6 en 7 februari vielen twee doden en 23 gewonden. Op 10 mei 1933, na drie maanden gevangenschap, werd De Kom zonder proces naar Nederland verbannen.
Verzet en Overlijden
Terug in Nederland voltooide De Kom Wij slaven van Suriname. Door de grote werkloosheid en vanwege zijn radicale imago kon hij geen werk vinden in Nederland. Hij belandde in de steun. Intussen bleef hij schrijven. Tijdens de bezetting werkte hij voor het verzetsblad De Vonk. Maar op 7 augustus 1944 werd De Kom door de Duitsers gearresteerd, getransporteerd naar het concentratiekamp Neuengamme en ten slotte naar Sandbostel, waar hij omstreeks 24 april 1945 overleed.
Zijn stoffelijke resten werden in 1960 bijgezet op de erebegraafplaats te Loenen. In maart 1982 kreeg De Kom postuum van de Nederlandse regering het Verzetsherdenkingskruis. De universiteit van Suriname werd in 1983 naar hem vernoemd. In april 2004 werd het plein bij het stadsdeelkantoor Amsterdam Zuidoost (Bijlmer) omgedoopt tot het Anton de Komplein. 61 jaar na zijn dood, op 24 april 2006, werd eveneens in Amsterdam Zuidoost een bronzen standbeeld van hem onthuld. Sinds 2007 organiseren het Verzetsmuseum Amsterdam en Art. 1, de landelijke vereniging ter voorkoming en bestrijding van discriminatie, jaarlijks de Anton de Kom-lezing.
Wij slaven van Suriname: Een Diepere Duik
Vanaf het begin kende het manuscript een turbulente geschiedenis. Het eerste deel behandelt het donkerste hoofdstuk uit de Surinaamse geschiedenis, met als centrale thema's het wrede systeem van slavernij, de seksuele uitbuiting van slavinnen, de wrede straffen, de verschillende gouverneurs die Suriname gekend heeft en het verzet van Marronleiders als Araby, Baron, Bonni en Juli Coeur. In zijn beschrijving van de toestanden onder de slavernij is De Kom niet gespeend van ironie.
Voor het tijdperk van de slavernij verrichtte De Kom geen origineel bronnenonderzoek maar baseerde hij zich hoofdzakelijk op een aantal bekende naslagwerken over Suriname (zie de bijdrage van Hoogbergen in dit themanummer), deels ook op verhalen van zijn grootmoeder die nog de slavernij had meegemaakt. In dit eerste deel trekt De Kom fel van leer tegen het koloniale geschiedenisonderwijs in Suriname, dat in het teken stond van de heldendaden van Piet Hein, Michiel de Ruyter en Cornelis Tromp.
In het tweede deel beschrijft De Kom de Verelendung van de voormalige slaven en de contractarbeiders.
Opvallend is dat De Kom niet aanzet tot gewapende opstand of een klassenstrijd van de proletariërs, hoezeer hij ook de strijd van de Marrons tegen het koloniale gezag bewondert. In het laatste deel bespreekt De Kom op vrij neutrale wijze zijn aankomst in Suriname, die al vanaf de eerste dag gepaard ging met wantrouwen en tegenwerking van de zijde van het koloniaal bestuur, gevolgd door zijn arrestatie en uitzetting uit Suriname.
Zijn faam was hem vooruitgesneld naar Suriname. Hij beschrijft hoe hij op de kade werd opgewacht door een duizendkoppige menigte ‘als op een feestdag in zondagskleding gestoken’, hoe hij dag en nacht geschaduwd werd door enkele rechercheurs, en hoe langs zijn adviesbureau (een tafeltje onder een boom op het erf) ‘de parade der ellende’ passeerde (De Kom 1972: 162-173).
De koloniale geschiedenis zou De Kom na 1934 doodzwijgen of hem hooguit aanduiden als een oproerkraaier. In de naoorlogse periode zou Van Lier met zijn sociaalhistorische studie Samenleving in een grensgebied (1949) een belangrijk stempel drukken op de beeldvorming rond de gebeurtenissen in 1933 en de publicatie van Wij slaven van Suriname.
Niet verwonderlijk is dan ook de voorzichtige manier waarop Surinaamse nationalisten verenigd rond Wie Eegie Sanie (WES) en de Partij Nationalistische Republiek (PNR) in de jaren vijftig en zestig zouden omgaan met de persoon De Kom en zijn gedachtegoed. Hoewel zijn boek in deze kringen ijverig werd bestudeerd, zou, onder invloed van de Koude Oorlog, in het openbaar nimmer gerefereerd worden aan de persoon van Anton de Kom en zijn denkbeelden. De Koms activiteiten werden namelijk geassocieerd met het communisme en in die hoek wensten de nationalisten niet gezet te worde...
labels:
Zie ook:
- Stoofvlees met Friet: Het Ultieme Comfort Food Recept
- Friet Frituren: De Perfecte Tijd voor Knapperige Frietjes!
- Zoete Aardappel Friet Frituren: Krokant en Lekker!
- Ontdek Het Ultieme Paardentaart Recept: Makkelijk Zelf Maken Met Deze Onweerstaanbare Ideeën!
- Ontdek de Lekkerste Rum en Ananassap Cocktails voor een Tropisch Feest!




