Zoals heel Nederland oliebollen eet met oudjaar, zo eet heel Leiden hutspot tijdens Leidens Ontzet. Hutspot is onlosmakelijk verbonden met Leidens Ontzet. De maaltijd is dit jaar ook opgenomen in de lijst Nederlands erfgoed.

De Geschiedenis van Leidens Ontzet

Op 3 oktober viert en herdenkt Leiden het Leidens Ontzet. Tijdens het Leidens Ontzet eten de inwoners van Leiden traditioneel hutspot, haring en wittebrood. De traditie verwijst naar het einde van het Spaanse beleg van de stad op 3 oktober 1574. Maar wat gebeurde er ook alweer tijdens het Leidens Ontzet en waarom eten de Leidenaren op die dag traditioneel haring, witbrood en hutspot?

De Rol van Leiden in de Tachtigjarige Oorlog

We gaan terug naar het jaar 1574. Een paar jaar eerder kwamen de Nederlanden, onder leiding van Willem van Oranje, in opstand tegen het Spaanse rijk van koning Filips II. Het was de start van een langdurig conflict, dat de geschiedenisboeken inging als de Tachtigjarige Oorlog. Om de Nederlandse opstand de kop in te drukken, stuurde de Spaanse koning de hertog van Alva naar Nederland. Leiden bleef eerder in het conflict nog loyaal aan Spanje, maar koos in juni 1572 toch de kant van Willem van Oranje en de opstandelingen. Als reactie hierop trok de hertog van Alva richting Leiden.

Het Beleg van Leiden

In oktober 1573 stond Alva bij de stadspoorten van Leiden. Zijn strategie? De stad hermetisch afsluiten en de bevolking uithongeren. De Leidenaren kwamen dit Eerste Beleg van Leiden redelijk goed door. Het stadsbestuur had de belegering verwacht en er was volop voedsel en drank ingeslagen. Bovendien vertrokken de Spanjaarden al snel om mee te vechten bij de Slag op de Mookerheide.

De vrijheid in Leiden bleek van korte duur. De Spaanse hertog keerde eind mei 1574 onverwachts terug. Mét vijfduizend man aan versterking. Deze keer was Leiden minder goed voorbereid. Naast een tekort aan voedsel, had de stad onvoldoende wapens om de stadsmuren te verdedigen.

Tijdens dit Tweede Beleg stierven veel Leidenaren van de honger en aan de pest. De Spanjaarden verwachtten dat de stad zich snel over zou geven. En hoewel sommige inwoners hier ook voorstander van waren, weigerde het stadsbestuur zich gewonnen te geven. De bevrijding van Leiden kwam een paar maanden later. Willem van Oranje en de watergeuzen bereikten Leiden, nadat ze eerder de dijken doorbroken hadden. In de nacht van 2 op 3 oktober 1574 stortte een deel van de stadsmuur van Leiden in, waarna de Spanjaarden besloten weg te vluchten uit de stad.

Traditionele Kost: Haring, Witbrood en Hutspot

De watergeuzen hadden haring en witbrood meegenomen voor de Leidenaren. Vandaag de dag wordt dit nog steeds traditioneel gegeten tijdens het Leidens Ontzet op 3 oktober. Daarnaast is ook hutspot vaste prik. Waarom? Het verhaal gaat dat een Leidse jongen, Cornelis Joppensz, op 3 oktober een pot met wortelen, ui, vlees en pastinaak vond in een verlaten Spaans legerkamp. Een recept dat we nu kennen als hutspot.

Na het Ontzet van Leiden door de watergeuzen op 3 oktober 1574, werd in de door de spaanse belegeraars ijllings verlaten Lammenschans bij Leiden een ketel met Hutspot aangetroffen. Sindsdien wordt er traditioneel op 3 oktober in Leiden Hutspot gegeten.

De Legende van de Hutspot

Volgens de overlevering trok een kleine jongen, Cornelis Joppensz, op 3 oktober naar de Lammenschans, ruim een kilometer ten zuiden van de stadswallen. Maandenlang hadden hier Spanjaarden gebivakkeerd, maar die hadden inmiddels de benen genomen, uit angst voor het oprukkende water en de opstomende watergeuzen. In het verlaten legerkamp zou Joppensz een kookpot met wortelen, uien, vlees en pastinaken hebben aangetroffen. Dit maaltijdje werd bekend als hutspot.

'Terwijl de Leidenaren in 1574 door ziekte en ondervoeding stierven, aten de Spaanse soldaten in hun kampen rond de stad hun buiken rond. Dit zware lijden verklaart waarom na de bevrijding een metalen kookpot uitgroeide tot het belangrijkste symbool van Leidens Ontzet', aldus Jori Zijlmans, conservator van de Lakenhal. 'Waarschijnlijk zat in die kookpot die werd gevonden veel rundvlees.' Wat er zeker niet in zat waren aardappels, die kwamen pas in de 18de eeuw in Nederland op het menu. 'En', vertelt Zijlmans, 'alle akkervelden in de omgeving van Leiden stonden al sinds de zomer onder water. Die prak van peen, ui en aardappelen slaat zo aan, dat het de basis vormt van de populaire hutspot van vandaag, legt Zijlmans uit.

Hutspot Eten: Een Traditie

Niet alleen Leidenaren eten op 3 oktober hutspot. Ook oud-Leidenaren, en zeker die daar hun studietijd hebben doorgebracht, gooien op die dag een peen-ui mengsel in de pan, om er een goede hutspot van te maken.

Veel koks geven hun eigen twist aan het peen-ui mengsel. Zo staat bij de Leidse journalist Janice Deul normaal de hutspot van schoonmama op tafel. 'Met karbonaadje en niet met klapstuk.' Dit jaar komt er een variant die ze graag met ons deelt. 'Wel tof vind ik dat 3 oktober echt door iedereen wordt gevierd. Jong, oud, allerlei etniciteiten en sociale groeperingen', aldus Deul.

Ingrediënten en Verhoudingen voor Hutspot

In principe kan je een verhouding, peen, aardappel, ui aanhouden van één staat tot één staat tot een half. Dus bij een kilo peen, neem je een kilo aardappels en een halve kilo ui. Als je meer van wortel dan van ui houdt, pas je het naar verhouding aan.

De hutspotmaaltijd die traditioneel op 2 oktober duizenden Leidenaren eten, wordt sinds jaar en dag in Wassenaar bij slagerij Groeneveld gemaakt. Het recept is simpel: je hoeft slechts 1300 kilo aardappelen, 1200 kilo peen en uien, 700 kilo klapstukjus, aangevuld met kookvocht en bouillon met een schone betonmixer te mengen.

Recept Ideeën voor Hutspot

Hier zijn enkele recept ideeën om je eigen twist aan de hutspot te geven:

  • Janice Deul's Variant: Knoflook, gember, wortels, drie uien, aardappels schillen en in gelijke stukken snijden. Kook dit in een grote pan met wat cayenepeper en het bouillonblokje gaar in ongeveer 15-20 minuten. Giet het af en maak er met de stamper een hutspot van. Bak de gehakte ui in een klontje boter of olijfolie samen met de spekjes uit. Schil de banaan en snij hem in plakjes, Bak de bananenplakjes uit in 3 eetlepels (olijf)olie. Verwarm de worst.
  • Michelinsterwaardige Hutspot: Ingrediënten: 8 tenen knoflook, 8 takken tijm, 600 gram winterpeen, 350 gram aardappels, 60 gram banaan sjalot, 30 gram bieslook, 60 gram sambai azijn (azijn op basis van ossenstaart). Bereiding: Winterpeen met schil 3 uur garen op 150 graden Celsius in BBQ. Aardappel met knoflook, tijm en zout 1 uur lang poffen op 220 graden Celsius in oven. Snijd ondertussen de bieslook en sjalot in kleine stukjes, leg apart. Lepel inhoud winterpenen en aardappels eruit, geblakerde schillen weggooien. Boter smelten in pan, sjalot erbij, geheel mag niet verkleuren. Inhoud winterpenen en aardappels bij de sjalot en boter voegen. Voeg als laatst de sambai azijn en bieslook toe, eet smakelijk!

Het Leidse 3 Oktober Feest

Het Leidse 3 Oktober Feest is niet compleet zonder Hutspot ! Speciaal hiervoor is door Het Leidse Winkeltje een uniek en overheerlijk Hutspotpakket samengesteld, waarmee in een handomdraai een zeer smakelijke Hutspot op tafel staat.

Inhoud van het Hutspotpakket:

  • Aardappelpuree (2 zakjes)
  • Wortelen (Pot a 425 gram)
  • Rundstoofvlees (425 gram)
  • 2 flinke uien
  • Hutspotkruiden (zakje a 10 gram)
  • Boekje Het Leidens Ontzet Hutspotrecept met 5 traditionele- en originele Hutspotrecepten en de bereidingswijze voor het maken van het traditioneel op 3 oktober in Leiden gegeten voedsel.

Bereidingstijd : 15 minuten ! Serveertip : roer er twee eetlepels mosterd door voor net iets meer pit. Het is ook een origineel cadeau, Bedankje, relatiegeschenk, en promotiepakket. Hoeveelheid voor 4 porties.

Helden van Leidens Ontzet

De Boisotkade, het Van der Werfpark, de Jan van Houtkade en de Doezastraat. In Leiden zijn talloze verwijzingen naar de helden van Leidens Ontzet. Wat voor rol speelden ze in het verhaal?

  • Lodewijk van Boisot of Louis Boisot was admiraal van de Zeeuwse geuzenvloot tijdens de Tachtigjarige Oorlog. In opdracht van Prins Willem van Oranje staken de geuzen in september 1574 de dijken bij Rotterdam en Capelle aan den IJssel door. Door een kerende wind met stormkracht liepen in de nacht van 2 op 3 oktober 1574 de polders rond Leiden onder.
  • Jan van Hout was stadssecretaris van Leiden en de rechterhand van stadscommandant Jan van der Does ten tijde van de Spaanse belegering. Hij behoorde tot de harde kern van het stadsbestuur, die weigerde de stad over te geven, ook al lagen honger en pest op de loer. Het is ook aan Van Hout te danken dat we nog steeds het beleg en ontzet van Leiden vieren en herdenken. Vanaf 1578 organiseerde hij jaarlijks in oktober een tiendaagse jaarmarkt. Deze 3 oktoberviering zou later uitgroeien tot de belangrijkste en bekendste Leidse traditie.
  • Van der Does, ook wel Janus Dousa genoemd, was heer van Noordwijk en Kattendijke. In 1572 verhuisde hij met zijn gezin naar Leiden. Hier was hij stadscommandant en bevelhebber tijdens het beleg van Leiden in 1574. Toen Willem van Oranje na de overwinning op de Spanjaarden de stad een universiteit schonk, werd Dousa lid van de voorbereidingscommissie.
  • Willem Corneliszoon was organist en luitspeler in de Pieterskerk en werd vooral beroemd om zijn rol bij het ontzet van Leiden. Samen met zijn broers smokkelde hij postduiven de belegerde stad uit, op dat moment de enige mogelijke manier van communicatie met de buitenwereld. Zo kon geuzenleider Boisot op 28 september een brief naar de stad sturen en laten weten dat de dijken doorgestoken waren. Vier jaar na Leidens Ontzet kreeg Willem Corneliszoon het recht om zich Van Duyvenbode te noemen.
  • Magdalena Moons: volgens de overlevering de heldin van Leidens Ontzet. Magdalena was de geliefde van de Spaanse legeroverste Francisco de Valdéz. Ze woonde in Den Haag, maar had in 1574 heel wat vrienden en familieleden in het bezette Leiden wonen. De uitgehongerde stad stond op het punt zich over te geven, maar Magdalena wist Valdéz ervan te overtuigen zijn aanval nog even uit te stellen. In ruil daarvoor zou ze met hem trouwen. Dit bleek het keerpunt in de belegering van de stad.
  • Welke Leidenaar kent niet het verhaal van de weesjongen Cornelis Joppensz die in de vroege morgen van 3 oktober 1574 de stad uit sloop om een kijkje te nemen bij de schans Lammen? De Spanjaarden waren inmiddels gevlucht voor het opkomende water, maar wat hij wel vond, was een ketel met hutspot.

De Geuzen

Geuzen waren aanvankelijk Nederlandse edelen, tegenstanders van de Spaanse koning Filips II. Later verwees de term naar de strijders die over land of water de Spanjaarden bevochten. Aan het begin van de Nederlandse Opstand tegen de Spaanse koning gedroegen de watergeuzen zich op zee als zeerovers en maakten ze de kustdorpen onveilig. Later werden de geuzen steeds beter georganiseerd. Door de Geuzenopstand die begon met de herovering van Den Briel in 1572 en het feit dat Prins Willem van Oranje zich bij de geuzen aansloot, stegen deze opstandelingen in aanzien. Om Leiden van de Spaanse bezetting te bevrijden, staken de geuzen dijken door. In de nacht van 2 op 3 oktober 1574 zorgde een storm ervoor dat de polders rond de stad onder water liepen en de Spaanse soldaten op de vlucht sloegen.

Herdenking en Viering

Nog ieder jaar op 3 oktober wordt in de Pieterskerk een herdenkingsdienst gehouden. Deze dag staat in Leiden sowieso volledig in het teken van de historische gebeurtenissen. Veel mensen zijn vrij, er zijn feesten in de stad en men eet, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat, natuurlijk hutspot, haring en wittebrood. Met name in de negentiende eeuw kregen de herdenkingen een extra impuls.

Leiden Viert Feest

Op twee en drie oktober vieren wij dat Leiden in 1574 werd bevrijd van de Spanjaarden. Voor veel Leidenaren is dit dé dag om naar uit te kijken. Er is een uitgebreide kermis, een grote optocht, een overvloed aan hutspot en er wordt haring met wittebrood gegeten.

De ochtend van 3 oktober begint traditiegetrouw met de reveille. Van oudsher een oproep om troepen wakker te maken. Nu is het een moment waarop Leidenaren en andere belangstellenden samenkomen om de viering van het Leidens Ontzet officieel te starten. Na de reveille is er ieder jaar het uitdelen van haring en witbrood.

De Spaanse Belegering in Detail

Na het uitbreken van de Nederlandse Opstand, bleef Leiden aanvankelijk trouw aan de Spaanse landsheer Filips II. Vanaf juni 1572 koos de stad echter de kant van Willem van Oranje en de protestantse opstandelingen. De Spanjaarden accepteerden dat niet zonder meer. De beruchte Hertog van Alva trok naar Leiden en belegerde de stad. Alva had er echter niet op gerekend dat het Leidse stadsbestuur grote voorraden voedsel en drank had ingeslagen, omdat men een belegering aan had zien komen.

Tussen maart en mei 1574 werd het Beleg van Leiden gestaakt omdat de Spanjaarden hun troepen moesten verplaatsen voor de Slag op de Mookerheide. Leiden dacht dat het met een terugkeer van de Spanjaarden wel zou meevallen en sloeg dit keer geen voorraden in. Dat bleek een grote vergissing. Eind mei 1574 keerden de Spanjaarden namelijk met een troepenmacht van ongeveer vijfduizend man terug naar Leiden. Dit tweede beleg was voor de stad veel zwaarder.

De Spaanse belegeraars kregen al snel door dat de stad het zwaar had. Het leek een kwestie van tijd voor de Leidenaren zich zouden overgeven. In de stad waren er inderdaad stemmen te horen die pleitten voor een overgave. Veel stedelingen stierven immers door de honger en de pest. Verschillende belangrijke stadsbestuurders, waaronder burgemeester Pieter van der Werff, wilden echter standhouden. Ook stadssecretaris Jan van Hout en de aanvoerder der troepen Jan van der Does verzetten zich tegen een overgave.

Ondertussen probeerde opstandelingenleider Willem van Oranje vanuit Delft een bevrijdingsoperatie op poten te zetten. Na lang overleg besloten de Staten van Holland op aandringen van Willem van Oranje op 1 augustus 1574 om een groot deel van Holland, tussen Maas en Oude Rijn, onder water te zetten. Alleen zo kon de stad gered kon worden. Dat deze inundatie ten koste ging van veel boeren in het gebied werd op de koop toe genomen. Gelijkertijd werd bij Rotterdam een Zeeuws-Hollandse vloot bijeengebracht.

Toen het water in Holland genoeg gestegen was, voer men op 10 september vanaf de Rotte het ondergelopen land op en probeerden de geuzen zo Leiden te bereiken. Dat verliep allemaal niet razendsnel en onderwijl crepeerden de inwoners van Leiden. Met postduiven verstuurde geuzenleider Louis de Boisot ondertussen berichten naar de stedelingen om hen te laten weten dat de redding nabij was. In werkelijkheid rukten de schepen tergend langzaam op. Pas op 29 september bracht een storm redding. Deze stuwde het Maaswater dusdanig op dat de stad Leiden daadwerkelijk per schip bereikt kon worden. De Spanjaarden gaven hun beleg vervolgens definitief op. Op 3 oktober 1574 werd Leiden zo ontzet.

De geuzen trokken de stad via het Vliet binnen en hadden haring en wittebrood meegenomen, om de ergste honger van de bevolking te stillen. Een dag later bezocht Willem van Oranje de stad. Hij liet zich kritisch uit over de stadsbestuurders die nagelaten hadden de stad goed te bevoorraden. Korte tijd later bepaalde de opstandelingenleider dat Leiden een universiteit kreeg. In de oprichtingsakte werd nog vermeld dat dit uit naam van de Spaanse koning Filips II gebeurde.

Bij aanvang van het tweede Beleg van Leiden had de stad ongeveer achttienduizend inwoners. Daarvan kwamen er naar schatting zesduizend om het leven, met name ouderen en armen die geen middelen hadden om aan voedsel te komen.

De Traditie in Stand Gehouden

Even lijkt het erop dat 3 oktober als feestdag in het water komt te vallen. In 1823 besluit de gemeenteraad van Leiden namelijk dat het ontzet voortaan gevierd moet worden op zondag. Dat ‘scheelt’ de stad een vrije dag. Studenten van de Leidse Studenten Vereniging Minerva komen hiertegen in opstand en roepen op om te protesteren. Met succes; want nog altijd is 3 oktober voor veel mensen in Leiden een vrije dag.

Van der Werff was wellicht minder standvastig dan zijn mede-stadsbestuurders Jan van Hout en Jan van der Does, maar liet zich toch door hen overtuigen.

Leiden in last - Leidens ontzet, 3 oktober 1574 (ets van onbekende artiest).

Met dit klassieke citaat van de Romeinse staatsman Cato de Oude gaf Leiden aan niets te geloven van de goede bedoelingen van de Spanjaarden. Vermoedelijk was het een idee van Jan van der Does om dit gevatte antwoord naar de Spanjaarden te sturen.

Francisco de Valdez

labels: #Ei

Zie ook: