Galmijten kunnen grote schade aanrichten in gewassen en planten, en voor telers vormen ze een steeds terugkerend probleem. Zeer kleine mijten geven veel schade in de teelt van diverse bloemen, planten en zachtfruit.
Deze kleine insecten zijn niet alleen moeilijk te vinden, maar ook lastig te bestrijden met traditionele methoden. Gelukkig biedt stikstof, en specifiek de BPC-gen van Presscon, een innovatieve en milieuvriendelijke oplossing. In dit artikel beantwoorden we de belangrijkste vragen over galmijt en leggen we uit hoe stikstof kan helpen bij de bestrijding.
Wat zijn galmijten?
Ze zijn maar 0,2 mm groot, de gal- en weekhuidmijten die zorgen voor grote problemen in de teelt van uiteenlopende gewassen. Zo zorgt de tomatenroestmijt voor verkleuring van tomaten. Bij bramen zorgen galmijten voor een slechte afrijping van de vrucht. En bij amaryllissen, bromelia’s en gerbera’s treedt bloemschade op door de mijten.
Schade door galmijt
De aanwezigheid van galmijt is vaak te zien aan de symptomen die zij veroorzaken op planten. De overeenkomst? De bestrijding van deze mijten is lastig, omdat ze zo klein zijn en niet met het blote oog waarneembaar. Galmijten prikken door de cellen van een bol heen. Dit leidt tot paarse aftekeningen op de bol en witte strepen op de bloem zelf. Bij ernstige besmetting komt er zelfs helemaal geen bloem aan de bol.
Zijn galmijten schadelijk voor mensen of dieren?
Nee, galmijten zijn uitsluitend schadelijk voor planten en vormen geen risico voor mensen of dieren.
Traditionele bestrijding vs. Biologische aanpak
Het bestrijden van galmijten is uitdagend vanwege hun kleine formaat en hun verborgen leefwijze in de plantstructuren. Traditionele chemische bestrijdingsmiddelen zijn vaak inefficiënt tegen galmijten en hebben bovendien negatieve effecten op het milieu en op nuttige insecten in de kas. Een innovatieve en biologische aanpak biedt echter een oplossing, namelijk: de inzet van stikstof via de BPC-gen van Presscon.
De voordelen van stikstof bij galmijtbestrijding
Ja, met innovatieve oplossingen zoals stikstoftechnologie (bijvoorbeeld de BPC-gen van Presscon) kun je galmijten biologisch bestrijden. Door het verdrijven van zuurstof verstikken de galmijten. Dit voorkomt schadelijke effecten op het milieu en andere nuttige insecten.
Alternatieve methoden voor galmijtbestrijding
Hoewel het mogelijk is om zwaar aangetaste bladeren te verwijderen en te vernietigen, is dit meestal niet voldoende om de hele populatie uit te roeien.
Natuurlijke vijanden van galmijten
Bij biologische bestrijding is het probleem dat de roofmijtensoorten die momenteel beschikbaar zijn, te groot zijn. Daardoor komen zij niet op de plekken waar deze mijten verblijven. In de natuur zijn er echter rovers die wel aangepast zijn om deze kleine mijten te eten. Dat was de aanleiding voor onderzoekers van Wageningen Plant Research om op zoek te gaan naar geschikte natuurlijke vijanden van deze probleemmijten.
Inheemse galmug veelbelovend
Er zijn binnen dit onderzoek zowel exotische als inheemse roofmijtsoorten gevonden die geschikt kunnen zijn als natuurlijke bestrijder. De meest veelbelovende resultaten gaf een kleine galmug, de Trisopsis tyroglyphi, die tijdens het onderzoek voor het eerst is gevonden in Nederland. De larven van deze mug bleken goede predatoren van zowel gal- als weekhuidmijten. Nadelen van deze galmuggen is dat ze zeer kwetsbaar zijn en maar 4 dagen leven.
Uiteenlopende resultaten per teelt
Per teelt verschilden de resultaten van de inzet van deze galmug als biologische bestrijder. Bij amaryllissen voedden de muggen zich in de bol met de mijten, maar mislukte een blijvende vestiging van de mug. Bij de bromeliateelt vestigde de mug zich in de bloemen, maar werd bestrijding van de mijten nog niet aangetoond. Bij tulpen was er volop succes, maar dan moest de galmug wel worden bijgevoerd met een voermijt. Al met al lijkt de galmug een interessante nieuwe bestrijder voor weekhuid- en galmijten in tulp en bromelia. Goed nieuws is dat de kweek van deze galmuggensoort makkelijk en relatief goedkoop is. Ook is er al een ontheffing voor gebruik van deze muggen in de praktijk.
Pronemite: Een innovatieve biologische bestrijder
Biobest is winnaar van de Bernard Blum Award voor het meest innovatieve biologische bestrijdingsproduct. Biobest omschrijft Pronemite als een veelbelovende doorbraak. Het product vertegenwoordigt een nieuwe familie van nuttige mijten. Het is de eerste goed werkende biologische bestrijder van galmijt, het eerste commerciële product dat schimmelziekten aanpakt met mijten en het eerste commerciële organisme dat tegelijkertijd een belangrijke plaag én een problematische ziekte op biologische wijze kan bestrijden in bedekte teelten.
Standing army strategie
Met ons voedingssupplement Nutrimite bouwen telers preventief grote populaties van deze mijt op. Het is bewezen dat zo’n ‘standing army’ in het gewas, een infectie en verspreiding van galmijt en/of echte meeldauw kan voorkomen, zo stelt Biobest. Biologische bestrijdingsprogramma’s zullen volledig veranderen, omdat herhalingsbehandelingen met insecticiden of fungiciden nu niet meer nodig zijn.
Duurzame productie met Pronemite
Pronemite zorgt niet alleen voor een duurzamere productie, maar opent ook de deur voor andere biologische bestrijdingsmiddelen, waarvan het volledige potentieel momenteel nog wordt beperkt door het veelvuldige gebruik van pesticiden. Met het nieuwe product als hart van een compleet biologische bestrijdingsstrategie, komt een residu-arme of zelfs residuvrije toekomst snel dichterbij. Volgens Biobest is al bewezen dat dit product in de praktijk werkt. In de commerciele fase wordt nu samengewerkt met Europese aardbeien- en tomatentelers om het biologische bestrijdingsprogramma verder te optimaliseren.
De tomatengalmijt (Aculops lycopersici)
De tomatengalmijt (Aculops lycopersici, in oude publicaties ook wel Vasates lycopersici, Vasates destructor of Phyllocoptes destructor genoemd) behoort tot de familie Eriophyidae. Deze mijt produceert geen gallen, maar leeft vrij op tomatenplanten. Aculops lycopersici is oorspronkelijk afkomstig uit Australië. Deze mijt is een plaag in tomaten in alle gebieden waar dit gewas wordt geteeld.
Levenscyclus en uiterlijk
Alle stadia van de tomatengalmijt zijn uitermate klein en lastig waar te nemen. Ze zijn langwerpig (torpedovormig), zacht en gesegmenteerd. Het lichaam lijkt uit twee delen te zijn opgebouwd: de kop met de monddelen en de rest van het lichaam.
- Eieren: bij benadering 0,05 mm in doorsnede, crèmeachtig wit en worden na verloop van tijd vlekkerig geel.
- Nimfen: Twee nimfenstadia, doorschijnend wit en ongeveer 0,1 mm groot.
- Adulten: Crèmekleurig tot oranjegeel, wigvormig en zeer klein (circa 0,17 mm groot).
Schade veroorzaakt door tomatengalmijt
Er ontstaat schade doordat de mijten aan plantencellen zuigen. Aangetaste bladeren zijn licht gekruld en krijgen een zilverkleurig schijnsel aan de onderkant. Later worden ze broos en bruin. Ernstig aangetaste tomatenbladeren en stengels verliezen hun haren. De aangetaste stengels krijgen een roestbruin uiterlijk. In ernstige gevallen kunnen ze knakken. Ook de vruchten kunnen worden aangetast. Wanneer dit het geval is bij tomaat wordt de vruchtschil ruw en roodbruin van kleur en kan er misvorming van de vrucht zelf optreden.
Vooral bij hoge temperaturen kan veel schade ontstaan. De populatieontwikkeling van de galmijten verloopt dan namelijk het snelst, en de aangetaste bladeren drogen snel uit.
Preventie en controle
Nu de weersomstandigheden verbeteren en de temperatuur geleidelijk omhoog gaat, is het belangrijk om de druk van de galmijt op een laag niveau te houden. Bij oplopende temperaturen is het namelijk steeds moeilijker om de aanwezige galmijt onder controle te houden. Dat komt omdat de behandelingen tegen de galmijt het plaaginsect niet voor 100 procent doden. De galmijt is warmteminnend, de ontwikkeling van ei tot adult duurt slechts 5 dagen en een vrouwtje zet in haar leven gemiddeld zo’n 50 eieren af. Bij de juiste temperatuur kunnen de vrouwtjes 26 dagen leven. Wanneer een plant het schadebeeld laat zien, zitten er al vele duizenden galmijten op.
Wekelijkse scouting is essentieel
Wekelijks scouten is dus noodzaak. Maak een goede plattegrond en noteer de aangetaste planten, behandel deze en blijf controleren of het resultaat naar behoren is.
Volveldse bestrijding
Bij een volveldse bestrijding is het raadzaam de uitvloeier Addit te gebruiken, als het mogelijk is om de drie weken. Dit zal de plaag op licht tot matig besmette planten onder controle houden. Het is belangrijk dat de plant van pot tot kop wordt behandeld!
Als al deze maatregelen worden genomen, is al het mogelijke gedaan en hoeft niemand later 'Had ik maar...' te denken. De galmijt is momenteel een te groot gevaar om te laten lopen of te denken dat het wel goed komt.
Onderzoek naar biologische bestrijding
Koppert doet momenteel veel onderzoek naar manieren om de plaag biologisch te bestrijden, zowel met insecten als met microbiologische middelen. We zetten dus alles op alles om snel een goed antwoord te hebben op deze vervelende plaag.
Tomatengalmijt signaleren en bestrijden
De tomatengalmijt Aculops lycopersici (ook wel tomatenroestmijt genoemd) is een kleine mijt en is niet zichtbaar met het blote oog. Het schadebeeld dat deze plaag veroorzaakt, bestaat in eerste instantie uit bruinverkleuring op de stam van de tomatenplant. Naar mate de tomatengalmijt zich gedurende langere tijd in het gewas bevindt, kunnen ook de bladeren en de vruchten van de plant bruin verkleuren.
Optimale leefomstandigheden voor tomatengalmijt
De tomatengalmijt gedijt het beste bij hoge temperaturen en een lage luchtvochtigheid en vermenigvuldigt zich onder deze omstandigheden snel. Hierdoor wordt deze plaag vaak waargenomen in de maanden juli en augustus. Echter is het ontdekken van de eerst aangetaste planten, vaak in het voorjaar, noodzakelijk om te voorkomen dat het een echte plaag wordt.
Tomatengalmijt signaleren
Door het objectiefpaar 2x van een standaard stereomicroscoop te vervangen door objectiefpaar 4x, ontstaat een vergroting van 40x waarmee je je gewas kunt controleren op de aanwezigheid van tomatengalmijt. Bij tijdige signalering zal de aantasting nog gering zijn. In dit geval kan de tomatengalmijt plaatselijk bestreden worden. Wanneer er sprake is van aantasting op grotere oppervlaktes, dan kan het gewas beter volledig behandeld worden. Hiermee voorkom je dat er mijten achterblijven in het gewas.
Het grote probleem met de tomatengalmijt is dat deze plaag vaak te laat gesignaleerd wordt. Het is daarom zaak om uw personeel (met name oogsters en bladplukkers) goed te instrueren zodat zij alert zijn op het signaleren van deze plaag.
Tomatengalmijt bestrijden
Er is slechts een beperkt assortiment van gewasbeschermingsmiddelen beschikbaar om in te zetten tegen deze plaag. Royal Brinkman biedt op dit moment (nog) geen natuurlijke vijanden aan ter bestrijding van tomatengalmijt. Wel kun je gebruik maken van chemische gewasbeschermingsmiddelen. Een goede optie hiervoor is het gebruik van biologische bestuivers (hommels) en natuurlijke bestrijders. Ook maken veel telers gebruik van spuitzwavel, zoals Kumulus. Zwavel kan bij overmatig veel gebruik achter elkaar een negatieve invloed hebben op de biologie. Bij gebruik van zwavel is er kans op residu op het gewas. Voor een overzicht van alle toegelaten middelen voor jouw teelt, kun je gebruik maken van de Adviesgenerator.
Resistentie en alternatieve bestrijdingsmethoden
Momenteel spuit de teler met de stoffen spiromesifen, abamectine en/of zwavel om de gewassen galmijt-vrij te krijgen. De galmijt is met de jaren steeds resistenter tegen spiromesifen geworden en de insecticide mag slechts enkele keren toegepast worden. Beide stoffen hebben een MRL-beperking en zwavel, de derde bestrijdingsoptie, beïnvloed de smaak van de tomaat. Alle drie de stoffen hebben bovendien invloed op nuttige insecten.
Gewaseigen afweermechanisme helpen
Een gewas staat snel onder stress, mede doordat er continu wordt gevraagd maximaal te presteren. Daarom bedacht men bij Cindro dat er wellicht winst behaald kon worden bij het behouden van een gezond gewaseigen afweermechanisme. "Dit kenmerkt zich door de actieve productie van afweerstoffen, zoals salicylzuur en jasmonzuur", legt Thomas uit. "Door de juiste voeding en omstandigheden kan een gewas zijn eigen afweer beter organiseren.
Proef met biostimulant
Bij Wageningen University & Research zijn gewasproeven uitgevoerd naar de ontwikkeling van de populatie tomatengalmijt op tomatenplantjes. De proeven zijn vier keer herhaald. Bij een groep behandeld met een biostimulant op basis van een food-grade orthosiliciumzuuremulsie werd wekelijks steeds minder galmijt aangetroffen. Aan het einde van de proefperiode was de plant nagenoeg vrij van galmijt en was er geen schade zichtbaar. Cindro Agro Consultancy gaat vervolgproeven doen om telers met de extra kennis 'een goede IPM-strategie te kunnen adviseren'.
Naturalis-L en Heliosol: Een krachtige combinatie
Met de komst van het voorjaar en stijgende temperaturen neemt de kans op een snelle toename van spint- en galmijten sterk toe. Waar eerder producten zoals Floramite 240 SC (bifenazaat/ UPL Holdings Coöperative U.A.) en Oberon (spiromesifen/ Bayer CropScience S.A.-N.V.) veelvuldig werden ingezet, zijn deze chemische acariciden inmiddels beperkt of niet langer beschikbaar in de vruchtgroenteteelten. Een krachtige oplossing hiervoor is de combinatie van Naturalis®-L en de natuurlijke uitvloeier Heliosol®.
Spint- en galmijten effectief bestrijden met Naturalis-L
Naturalis-L is een biologisch insecticide en acaricide op basis van de schimmel Beauveria bassiana. Dit middel heeft een bewezen werking tegen diverse soorten spint- & galmijten, zonder negatieve invloed op nuttige insecten. Omdat Naturalis-L werkt op basis van contact, is een nauwkeurige toepassing van groot belang. HortiPro adviseert de combinatie van Naturalis®-L en Heliosol® om spintmijt en galmijt te bestrijden.
Naturalis-L heeft een breed werkingsspectrum en is goed te integreren binnen een ICM (Integrated Crop Management) systeem. Het is geschikt voor toepassing in bedekte teelten van sierteeltgewassen en vruchtgroenten, evenals in zowel bedekte als onbedekte teelten van klein fruit (aardbei, bessen, bramen en frambozen). Dit maakt het een uitstekend middel voor de biologische bestrijding van spintmijten & galmijten."
Optimale spreiding met Heliosol
Heliosol, een natuurlijke uitvloeier op basis van terpenen uit dennenhars, versterkt de effectiviteit van Naturalis-L door een verbeterde verspreiding en dekking van de spuitoplossing. Dit is vooral belangrijk bij het behandelen van moeilijk bereikbare plekken waar spint- en galmijten zich schuilhouden.
Voor een optimaal resultaat wordt een dosering van 150 ml Naturalis-L en 150 ml Heliosol per 100 liter water aanbevolen. Een behandelreeks van drie bespuitingen met een interval van 5-7 dagen wordt aangeraden. Naturalis-L mag tot 15 keer per 12 maanden worden ingezet, met een maximum van 1,5 liter per hectare per toepassing. Hierdoor kunnen gedurende het jaar meerdere behandelblokken worden uitgevoerd.
Duurzame bescherming van gewassen
Met de combinatie van Naturalis-L en Heliosol kunnen telers gewassen op een veilige en effectieve manier beschermen tegen spint- en galmijten.
labels:
Zie ook:
- Japanse Duizendknoop Bestrijden met Zout Water: Werkt Het Echt? Ontdek De Resultaten!
- Ontdek de Waarheid: Paardebloemen en Onkruid Bestrijden met Zout - Effectief of Gevaarlijk?
- Phytophthora bij Tomaten Bestrijden: Ontdek de Meest Effectieve Methoden voor een Gezonde Oogst!
- Zelf Pompoenpitten Roosteren: Simpel & Lekker
- Bakkerij Aan Huis Starten: Tips, Recepten & Benodigdheden




