In de bijna 150 jaar sinds de publicatie in 1859, is Het Ontstaan der Soorten van Charles Darwin zeker bewezen één van de meest invloedrijke boeken van onze tijd te zijn. Het heeft niet alleen de moderne wetenschap gevormd, maar het heeft een verstrekkend effect gehad op onze samenleving als geheel.

In haar omslagartikel van november 2004 stelt het tijdschrift National Geographic de vraag: "Was Darwin onjuist"? Niet verbazingwekkend antwoordde de schrijver: "Neen"! Zoals typisch is met voorstanders van Darwins theorie, bevestigde het artikel, dat het bewijs voor evolutie "overweldigend" is.

Niettemin gaat de discussie verder tussen degenen, die in evolutie geloven en degenen, die vinden dat haar veronderstellingen scheuren vertonen. De antwoorden op deze vragen kunnen U verrassen. Begrijp het goed: het concept van evolutie door natuurlijke selectie is de basis van een bepaalde wereldbeschouwing, die gedeeld wordt door de meeste leidende personen in zowel het onderwijs als in de media.

Evolutie versus Schepping

Darwin en zijn opvolgers hebben een theorie verschaft, die een verscheidenheid van biologische feiten met elkaar verbindt in een samenhangend geheel, die door velen logisch en aantrekkelijk - zelfs mooi gevonden wordt. National Geographic verkondigde in haar artikel van november 2004: "Evolutie is een zowel mooi als belangrijk concept, tegenwoordig belangrijker als ooit tevoren voor het menselijk welzijn, voor de medische wetenschap en voor ons begrip van de wereld. Het is ook diep overtuigend - een theorie, waarmee men voor de dag kan komen". Dit "mooie concept" heeft belangrijke voortvloeisels, die wij moeten begrijpen.

Ver van "diep overtuigend" te zijn vereist evolutie ook een mate van "blind geloof", veel meer dan wat gevraagd wordt van degenen, die in het bijbelse scheppingsverhaal geloven. Merk de opmerkelijke bekentenis op van National Geographic, dat "de fossielen vermelding net als een film over evolutie is, waarvan 999 van elke 1000 kaders verloren zijn gegaan op de vloer van de montagekamer".

Vraag U zichzelf af: als U naar een film probeert te kijken, die slechts uit één van elke duizend kaders bestaat, bent U dan in staat om het verhaal te volgen of de actie te herkennen, die plaatsvindt? Hoeveel zou U weten over wat er werkelijk gebeurde? Praktisch niets!

Eenvoudig gezegd, zij bedoelen, dat de evolutietheorie laat zien, dat wij in een wereld leven, die het resultaat is van toevallige verandering niet het resultaat van een groot plan en doel. Denk aan de grote morele gevolgtrekking van deze theorie.

Als onze levens een resultaat zijn van een rechtstreekse creatieve handeling door een ware God, dan heeft die God iets te zeggen hoe wij die levens moeten leiden. Hij zal ons verantwoordelijk houden voor onze keuzes. Maar als onze levens slechts een meevaller zijn van biochemische processen dan is er geen Oppermachtige Autoriteit aan wie de mensheid verantwoording schuldig is en is er geen noodzaak om vast te zitten aande verplichtingen van bijbelse moraliteit.

Bovendien, als mensen slechts dieren zijn moeten wij verwachten, dat zij zich gedragen als dieren. Darwins biologische evolutietheorie bracht vanzelfsprekend het concept voort van "sociaal Darwinisme" - waar de samenleving voordeel uit haalt als er niet voor haar zwakke en "ongeschikte" leden gezorgd wordt en.... zelfs vernietigd worden - zoals dit het geval was in Nazi Duitsland.

Evolutie verschaft één stel antwoorden op deze vragen. De Bijbel verschaft een zeer verschillend stel antwoorden. Zelfs vóór Darwin hebben wetenschappers het denkbeeld besproken, dat leven zich ontwikkelde van het simpele tot het complexe. Darwin voegde er echter iets nieuws aan toe. Door zijn uitleg van evolutie door natuurlijke selectie trachtte Darwin het fenomeen van ontwerp uit te leggen zonder een Ontwerper te moeten erkennen.

Wijlen Stephen Jay Gould, een bekende professor aan de Harvard Universiteit, die jaren onvermoeibaar werkte om de evolutietheorie populair te maken, besprak dit punt in een beroemd gesprek, getiteld: "De Darwinistische Revolutie in Het Denken". In tegenstelling daarmee verschaft de Bijbel het fundament voor een wereldbeschouwing, die enorm verschilt van wat de evolutietheorie voorstelt.

Als mensen naar onze wereld kijken, vervuld van zo veel pijn, verdriet en dood vragen wij ons natuurlijk af: "Waarom"? De evolutietheorie zegt, dat er geen plan, doel of middel is om deze vraag te beantwoorden. De Bijbel leert ons echter, dat verdriet en dood het directe gevolg van zonde is - van ongehoorzaamheid aan de Schepper. (zie Genesis 3)

In feite, zoals de Apostel Paulus schreef: "Daarom, gelijk door een mensde zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood, zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben". (Romeinen 5:12) Paulus legde vervolgens uit dat er verzoening en verlossing is van de dood en vernietiging. "Want, dewijl de dood er is door een mens, is ook de opstanding der doden door een Mens. Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden".

Evolutie geeft een materialistische wereldbeschouwing, waarin de dood altijd het leven vergezelde; dood wordt gezien als gewoon een andere functie van de natuurlijke selectie. Volgens Darwin was er geen Adam noch een Eva. Er was geen slang. Er was geen Hof van Eden. Er was geen eerste zonde.

Maar als wij niet in Genesis 3 kunnen geloven aangaande de oorsprong van zonde en de huidige menselijke omstandigheden, hebben wij geen logische basis om Johannes 3 te geloven betreffende Gods oplossing voor zonde en dood door de gift van Zijn Zoon en onze Verlosser, Jezus Christus! Als men Genesis 3 als een beeldspraak beschouwd of als een leugen, dan is het offer van Christus per definitie ook gereduceerd tot een beeldspraak of een leugen.

Evolutie en de Bijbel zijn eenvoudig niet verenigbaar. Iedereen kan, zoals Darwin, een theorie uitdenken. Als de mensheid en de andere schepsels, die onze wereld bewonen zich geleidelijk aan over vele miljoenen jaren ontwikkeld hebben van een ééncellige levensvorm, moet er zeker fossiel bewijs zijn van overgangssoorten.

Het Fossielenverslag en de "Ontbrekende Schakels"

Het fysieke bewijs voor evolutie is zo minimaal (zoals boven opgemerkt, 999 van de 1000 vereiste bewijsstukken ontbreken), dat evolutionisten vaak lichtgelovig lijken in hun onderzoek naar bewijs. Kijkt U bijvoorbeeld naar de opwinding, die vergezeld ging met de ontdekking in 1999 van fossiele bewijs, die zogenaamd een belangrijke stap in de evolutie van dinosaurussen "bewees".

In november 1999 bazuinde een kop van het tijdschrift National Geographic trots het nieuws rond: "Nieuwe vogelachtige fossielen zijn de ontbrekende schakels in de evolutie van de Dinosaurus". Onder een foto van de fossielen verkondigde een onderschrift dat "dit schepsel, gevonden in de provincie Liaoning China, een echt ontbrekende schakel is in de ingewikkelde keten, die dinosaurussen verbindt met vogels". Het fossiel werd een tussenliggende soort genoemd en kreeg van wetenschappers de naam Archaeoraptor.

Verder onderzoek liet zien dat wetenschappers de "ontbrekende schakel" tussen vogels en dinosaurussen helemaal niet hebben gevonden. News & World Report konden de redacteuren het niet weerstaan om hun, in verlegenheid gebrachte tegenhangers bij National Geographicte hekelen met een artikel, dat zij betitelden met: "De geplukte kip". Zoals het artikel uitlegde: "de paleontologen moeten door het stof.

In plaats van "een echte ontbrekende schakel", die dinosaurussen verbindt met vogels blijkt het exemplaar een samenstelling te zijn, waarvan het ongebruikelijke aanhangsel waarschijnlijk toegevoegd was door een Chinese boer, niet door evolutie. Een onschuldige museumbezoeker, die naar de tentoonstellingen kijkt in een museum van natuurlijke historie kan gemakkelijk verleid worden te geloven, dat het fossielenverslag veel bewijs verschaft over de overgang van de ene soort in de andere.

Kijkend naar levensechte herscheppingen van, door de moderne mens veronderstelde, op mensaap - lijkende afstammelingen, zou de doorsnee mens verbaasd zijn om te horen op hoe weinig bewijs uitvoerige "reconstructies" gewoonlijk zijn gemaakt. Neem bijvoorbeeld het geval "Lucy", die door sommigen aangeprezen werd als de "oudste mens". Een klein stuk van de top van een schedel, samen met een tand en een stuk scheenbeen - verspreid gevonden in het vuil, meer dan 12 meter uit elkaar - dienden als de basis voor deze "wetenschappelijke" reconstructie!

Onherleidbare Complexiteit en Intelligent Ontwerp

Soms komen evolutionisten zo vreemd tot conclusies, dat men zich met recht afvraagt of zij echt serieus zijn. Neem deze verklaring van National Geographic betreffende een ontdekking, die gedaan is door paleontoloog Philip Gingerich, die jaren besteed heeft aan het onderzoeken van het voorgeslacht van walvissen:

"In het jaar 2000 koos Gingerich een nieuw gebied in Pakistan, waar één van zijn studenten één stuk fossiel vond, dat de gangbare zienswijze in de paleontologie veranderde. Het was de helft van een schijfvormig kootbeen, bekend als een Astragalus..... Plotseling realiseerde hij zich hoe walvissen nauw verbonden waren aan antilopen. Zo wordt verondersteld dat de wetenschap te werk gaat.

Denkbeelden komen en gaan, maar de sterkste overleeft. Beneden in zijn kantoor opende Phil Ginrerich een lade met monsters en liet mij enkele actuele fossielen zien, waar de tentoonstelling skeletten boven naar gemodelleerd waren. Hij plaatste een kleine brok van versteend been, niet groter dan een noot in mijn hand. Het was de beroemde astragalus van de soort, die hij uiteindelijk Artioocetus clavis noemde".

Evolutionaire wetenschappers zoeken ondersteuning door te verwijzen naar variatie in één enkel soort. Duiven bijvoorbeeld variëren in grootte en kleur. Op zijn reis naar de Galapagos eilanden verzamelde Darwin kleine bruinachtige vogels, waarvan de snavels een verscheidenheid vertoonden in hun grootte en vorm.

Er is echter een groot verschil tussen de "micro-evolutie", dat is enkel de verscheidenheid in een bepaald soort schepsel en de "macro-evolutie", dat de ontwikkeling van een totaal ander soort schepsel zou veroorzaken. Honden bijvoorbeeld, vertonen een enorme verscheidenheid aan grootte, vorm en kleur. Het zijn nochtans allemaal honden en zij hebben zich ontwikkeld in hun verscheidenheid, niet in iets anders.

Evolutionisten zeggen, dat al het leven zich "simpel" ontwikkeld heeft van ééncellige organismen. Maar hoe "simpel" is de simpele cel? Jonathan Sarfati is een wetenschappelijke onderzoeker in Australië. Aan de Victoria Universiteit in Wellington, Nieuw Zeeland haalde hij een doctorstitel in de fysische chemie en hij heeft over de complexiteit van de "simpele" levensvormen geschreven.

Zijn onderzoek heeft bevestigd, dat zelfs de eenvoudigste, zichzelf voortplantende organismen encyclopedische hoeveelheden ingewikkelde informatie bevatten. Maar er is zelfs meer. De ontdekking van DNA (deoxyribonucleic acid) en de genetische code van leven was één van de meest gewichtige wetenschappelijke ontdekkingen van de 20ste eeuw.

Wetenschappers ontdekten, dat elk levend organisme DNA bezit, een bepaalde molecuul, die de "code" bevat, die de stofwisseling, het herstel, de reproductie en bijzondere functie regelt. Hoe werkt DNA? Onderzoekers hebben een vierletter genetisch "alfabet" geïdentificeerd, die gevormd wordt door drieletter reeksen, codons genoemd. Deze verschaffen de "instructies" voor DNA.

Zelfs de eenvoudigste bacterie heeft een genoom van ongeveer een miljoen codons. Zoals Dr. John Baumgardner, een geofysicus aan het Los Alamos Nationaal Laboratorium vroeg: "Ontstaan gecodeerde algoritmen spontaan bij elk bekend naturalistisch proces, die een lengte hebben van een miljoen woorden? Baumgardner beantwoordde zijn eigen vragen met een openhartige wetenschappelijke waardering: "Het eerlijke antwoord is simpel.

Als de evolutietheorie de miljoen-codon cellen niet kan uitleggen, wat is dan de uitleg? Bestaat er bewijs van intelligent ontwerp achter de wereld, die wij om ons heen zien? Steeds meer wetenschappers erkennen, dat dit inderdaad het geval is. één van de meest bekende voorstanders van intelligent ontwerp is Dr. Michael Behe, een biochemisch professor aan de Lehigh Universiteit en de schrijver van Darwin's Black Box.

Dr. Behe ziet "onherleidbaar complexiteit" in de microscopische werkingen van de flagel en het oog. Flagels - kleine zweepachtige aanhangsels op microben - hebben een moleculaire bewegende spier, die zo ingewikkeld is, dat zelfs vele wetenschappers toegeven, dat het lijkt alsof het ontworpen was. Sommigen spreken tegen, dat de flagel zelf "onherleidbaar complex" is; anderen suggereren dat het twee onherleidbare complexe ondergeschikte systemen bevat, waarvan de ordening niet door evolutie kan worden verklaard.

Dr.Behe daagde evolutionisten uit om, aangaande het oog de 11-cis-netvlies molecuul, die op licht reageert om het biochemische proces op gang te brengen dat beeld produceert, uit te leggen. Wij kunnen nog doorgaan met het bespreken van bijzondere schepsels, van bombardeerkevers tot spechten.

Wij kunnen de levenscyclus en trekpatronen van monarchvlinders of de sonarbezittende vleermuizen onderzoeken. Hoe meer U naar de schepping kijkt, hoe meer bewijs U vindt van ontwerp en van onherleidbare complexiteit.

Met alle fysieke bewijzen, die naar intelligent ontwerp wijzen, is het onbegrijpelijk dat zo veel ontwikkelde mensen hardnekkig vasthouden aan een onbewezen theorie, die zelfs geen theorie is! Bijna tweeduizend jaar geleden voorspelde de Apostel Petrus de verdeeldheid over het ontstaan van de wereld en verklaarde de reden er achter: "Dit vooral moet gij weten, dat er in de laatste dagen spotters met spotternij zullen komen, die naar hun eigen begeerten wandelen, en zeggen: Waar blijft de belofte van zijn komst? Want sedert de vaderen ontslapen zijn, blijft alles zo, als het van het begin der schepping af geweest is. Want willens en wetens ontgaat hun, dat door het woord van God de hemelen er sedert lang geweest zijn....".

Door het verwerpen van het bewijs van catastrofes in de afgelopen eeuwen, die getuigen van Gods eerdere interventie en oordeel, houden zij zich vast aan een leerstelling van uniformitarianisme. Begrijpt U goed: het bewijs van de schepping vereist een Schepper! Die Schepper openbaart in Zijn Woord, de Bijbel, dat Hij spoedig tussenbeide zal komen om Zijn schepping te oordelen.

Degenen, die de evolutietheorie accepteren moeten veel bewijs van Gods bestaan en Zijn plan voor de mensheid niet willen zien. God heeft voor een reden de mensheid geschapen - en die reden zal U verbazen! "De aanhanger van het Darwin materialistische voorbeeld..... moet dezelfde revolutie onder ogen zien, als waar de Newtoniaanse natuurwetenschap 100 jaar geleden tegenover stond.

Alternatieve Visies op de Afstamming van Vogels

Wetenschappers gingen er eigenlijk al heel lang vanuit dat vogels afstammen van tweevoetige, op de grond levende dinosaurussen die uiteindelijk leerden vliegen. De onderzoekers bestudeerden de fossiele resten van Scansoriopteryx. Het organisme behoort tot de Coelurosauria. Uit deze tweevoetige, op de grond levende dinosaurussen zouden later de vliegende dinosaurussen en in een nog later stadium de vogels zijn voortgekomen.

Volgens de onderzoekers mist het skelet van Scansoriopteryx de fundamentele en structurele kenmerken die nodig zijn om deze als een dinosaurus te classificeren. In andere woorden: het organisme dat lang gezien werd als een voorouder van de uit dinosaurussen voortgekomen vogels, is helemaal geen dinosaurus.

Volgens de onderzoekers moeten we Scansoriopteryx zien als een primitieve vogel wiens voorouders behoren tot de Archosauria: reptielen die lang voor de dinosaurussen leefden. De onderzoekers wijzen in hun paper met name op de lange veren op de voor- en achterpoten van Scansoriopteryx (zie afbeelding hiernaast). Deze wijzen erop dat Scansoriopteryx een soort primitieve vogel was die al enkele aerodynamische trucjes kende.

De onderzoekers stellen dat de dinosaurussen niet de primitieve voorouders van de vogels zijn. “We moeten vogels niet zien als afstammelingen van de dinosaurussen, maar als een aparte klasse,” stelt onderzoeker Alan Feduccia.

Recente Ontdekkingen en Onderzoek

Zo’n twintig jaar geleden groef Maarten van Dinther, werkzaam bij het Leids Universitair Medisch Centrum, botjes op in een steengroeve op de grens Nederland-België. De amateurfossielenjager trof het fossiel aan in de Formatie van Maastricht die afzettingen bevat van een ondiepe subtropische zee. sindsdien lag te verstoffen.

Op basis van CT-scans denkt het onderzoeksteam dat de kop van Asteriornis maastrichtensis overeenkomsten vertoonde met die van zowel de moderne kippen als eenden. “Dit is het oudste bewijs van moderne vogels dat we tot nu toe hebben”, zegt paleontoloog Daniel Field van de Universiteit van Cambridge.

Moderne vogels hebben geen tanden en missen vaak de benige staarten en klauwvleugels die hun voorgangers (Archaeopteryx bijvoorbeeld) hadden. Het Natuurhistorisch Museum van Maastricht noemt het fossiel van groot belang, omdat het de vroegste stadia van de evolutie van moderne vogels illustreert.

De Complexiteit van Fossiel Behoud

Er was nogal wat opwinding toen Mary Schweitzer bekend maakte dat ze ‘zacht weefsel’ had aangetroffen in dinosaurus fossielen. Het lukte zelf om restjes collageen aan te tonen. Zij vertelde toen al bezig te zijn met onderzoek om uit te vinden hoe het kan dat eiwitten miljoenen jaren (deels) intact kunnen blijven.

Afgelopen week publiceerde Schweitzer een mogelijk begin van een oplossing van het raadsel. In Proceedings of the Royal Society B meldt ze dat in de fossielen zeer veel ijzer aanwezig is. Kan het ijzer hebben gezorgd voor een betere conservering van het weefsel?

Zij behandelde een deel met een hemoglobine oplossing. Behandelde bloedvaten waren na twee jaar bij kamertemperatuur nog grotendeels intact, onbehandelde vaten waren na drie dagen al bijna helemaal vergaan. Het ijzer zorgt er dus niet alleen voor dat het weefsel wordt geconserveerd, het voorkomt ook dat de componenten met antilichamen zijn te identificeren.

Schweitzer laat zien dat ijzer uit hemoglobine weefsel kan conserveren. Natuurlijk niet dat dit 70 miljoen jaar lang kan - dat zou een wat ingewikkeld experiment vragen. Sinds de ontdekking van het zachte weefsel (in 2005 en 2009) wordt dit regelmatig aangevoerd als argument tegen een hoge ouderdom van de fossielen.

Conclusie

De afstamming van kippen van dinosaurussen blijft een onderwerp van discussie en onderzoek. Terwijl de evolutietheorie een kader biedt voor het begrijpen van deze afstamming, werpen creationistische perspectieven vragen op over de interpretatie van het fossielenverslag en de mechanismen van evolutie. Nieuwe ontdekkingen en voortdurend onderzoek blijven ons begrip van de oorsprong van vogels en de complexiteit van het leven op aarde verdiepen.

labels: #Kip

Zie ook: