Vlees en zuivel zijn slecht voor het klimaat. Voor veel mensen is dat nieuw.
De Impact van Vleesconsumptie op het Klimaat
Minder vlees en zuivel eten is onvermijdelijk als we klimaatverandering willen stoppen. Toch was dit geen onderhandelingspunt op de klimaattop in Parijs. Als we niets veranderen aan onze vleesconsumptie zal de jaarlijkse ontbossing verdubbelen. De gerenommeerde Britse denktank Chatham House verwacht bovendien dat de vleesconsumptie tegen 2050 met 76 procent is gestegen. Dat betekent heel veel extra uitstoot. Als we de tweegradendoelstelling willen halen, moeten we echt overstappen naar een meer plantaardig menu, stelden zij kort voor de top in een rapport.
De rundveehouderij speelt een grote rol bij de wereldwijde ontbossing. Daarnaast zorgt het houden van koeien voor een enorme uitstoot van methaan, een zeer krachtig broeikasgas. Door de rundvleesconsumptie met 20 procent terug te brengen, zullen de methaanemissies met 11 procent dalen. Als de mensheid erin slaagt om de helft van de biefstukken te vervangen door vleesvervangers, dan kan de ontbossing met 80 procent afnemen, stellen de wetenschappers van onder meer het Potsdam Instituut voor Climate Impact Research.
Waarom Wordt Dit Onderwerp Vermeden?
Waarom gaat het daar op zo’n klimaattop dan niet over, vraag je je af. Dierenwelzijnsorganisatie Compassion in World Farming onderzocht voor de top de klimaatplannen die deelnemende landen hadden ingeleverd als basis voor de onderhandelingen. In een blog wees directeur Geert Laugs erop dat niet één ervan vermindering van de productie en consumptie van vlees en zuivel voorstelde. Pas in 2006 met het verschijnen van Livestock’s Long Shadow van de FAO (Food and Agriculture Organization of the United Nations) werd écht duidelijk hoe enorm die voetafdruk is.
Wat ook meespeelt is dat de klimaatonderhandelingen vooral gaan over nationale broeikasgasuitstoot, terwijl de impact van de veehouderij zich uitstrekt over verschillende landen, denkt Kees Kodde, programmaleider Landbouw en Voedsel bij Greenpeace Nederland. De Partij voor de Dieren (PvdD), al sinds het begin een voorloper in deze discussie, vond dat Nederland tijdens de top aandacht moest vragen hiervoor, maar hun moties kregen nauwelijks steun. Enkele andere landen brachten wel in dat ze de broeikasgasuitstoot van landbouw wilden beperken, via slimmere productiemethoden en beter management. “Daarmee verwijst hij naar climate smart agriculture”, lacht ze. “In feite gewoon megastallen met zonnepanelen erop en luchtwassers.
“Niet alleen politici, maar ook sommige ngo’s bekijken klimaatverandering liever als technisch probleem dat door ánderen moet worden opgelost”, valt Floris de Graad, directeur van de Vegetariërsbond op. “Ze bedenken liever een slimmigheidje dan te zeggen: u moet uw gedrag veranderen. Bij vlees komt het toch al snel dichtbij de persoonlijke levenssfeer en moeten mensen zelf in actie komen. Daar krijg je veel minder gemakkelijk de handen voor op elkaar.
“Wij krijgen vaak boze reacties op onze campagnes tegen kiloknallers”, zegt Hanneke van Ormondt, woordvoerder van Wakker Dier. “’Blijf van ons goedkope vlees af, daar hebben wij recht op.’” Wakker Dier richt zich via namen and shamen op de supermarkten die stunten met kiloknallers en plofkippen. “Nu gaat 80 procent van de aanbiedingen over keurmerkloos vlees”, legt Van Ormondt uit. “Daardoor krijgt beter vlees geen kans, mensen denken dat het normaal is dat vlees zo goedkoop is. Consumentenvoorlichting is volgens haar een lange weg. “Consumenten moeten een boodschap ontzettend vaak horen voor ze hun gedrag gaan veranderen.”
Alternatieven en Oplossingen
Zelfs partijen als Wakker Dier en de Partij voor de Dieren hebben het over mínder vlees, niet over stoppen. “En terecht”, vindt de Vegetariërsbond. “Als je dingen gaat verbieden gaan mensen in de weerstand. Je kunt je afvragen of mensen zo boos worden omdat ze nog niet genoeg door hebben hoe groot die voetafdruk van hun lapje vlees is. Laat de milieubeweging daar niet iets liggen? Ja, denken De Graad en Van Ormondt, alleen hebben ze allebei hun eigen doelstelling, dus hopen ze dat anderen het meer doen.
Sinds kort zingt er een nieuwe term rond in foodieland: ‘klimatariër’. Het is een eetpatroon voor mensen die inzien dat klimaatverandering op hun bord ligt, maar vlees en zuivel niet volledig willen afzweren. Speerpunten zijn: eet weinig vlees en kies bewust, eet lokaal, verspil niets en koop onbewerkte en onverpakte producten.
Met het Stop Fout Vlees-burgerinitiatief zei Milieudefensie al in 2007 klip en klaar dat de vleesconsumptie naar beneden moet en de prijs van vlees omhoog. En pleitte dan ook voor een vleestaks. De meeste organisaties vinden dat nog steeds de beste oplossing en steunen het plan, de Tweede Kamer echter niet. “Net als de auto is vlees toch een heilige koe”, zegt Kodde, nu van Greenpeace maar toen directeur Campagnes bij Milieudefensie. “Zo’n vleestaks is een beetje het kwartje van Kok: typisch zo’n onderwerp waar de Telegraaf helemaal op losgaat, daar schrikken partijen als SP en PvdA toch voor terug.
Er is een verschil tussen wat de samenleving wel degelijk wil, namelijk een meer humane, duurzame veehouderij, en de belangen van de gevestigde vee-industrie, de agri-business en de supermarkten. Die houden samen dit systeem draaiende en splitsen mensen de kiloknaller bijna letterlijk in de maag. De bijdrage van vlees aan klimaatverandering was niet het belangrijkste argument maar speelde wel mee in het pleidooi voor een vleestaks; de externe kosten komen niet in de prijs terug en de vervuiler betaalt.
“De bewustwording neemt toe, volgens onderzoek eet nog maar één vijfde van de Nederlanders dagelijks vlees. Die daling is echt een trend.” De tijd lijkt rijp om dit onderwerp meer te agenderen. Dierlijke producten eten is zo verweven met onze cultuur. Het is heel confronterend voor mensen dat daar allerlei nadelen aan kleven”, snapt ook Debby van Velzen van de Nederlandse Vereniging voor Veganisme (NVV). Met hun campagne Melk, je kan zonder!, voor een melkvrij leven, laten zij het echte verhaal achter die zuivelindustrie zien.
Zowel de NVV als de Partij voor de Dieren kiezen ervoor een alomvattend verhaal te vertellen. “Als veganist kijk je niet alleen naar de impact op het milieu en de natuur, maar ook naar de impact op anderen”, legt Van Velzen uit. Dus op dieren, maar ook op mensen. “Hoe minder landbouwgrond er nodig is voor voedsel voor veedieren, hoe meer mensen kunnen eten. In een tijd waarin er nog steeds mensen sterven van de honger, is dat belangrijk. Als je echt iets aan klimaatverandering wilt doen, en je ziet hoeveel impact dierlijke producten hebben, dan is veganisme een logische keuze.
Natuur en Milieu gelooft vooral in mínder vlees en zuivel. Zij redeneren: liever een groot aantal mensen dat kleine stappen zet dan een handjevol dat grote stappen zet. Zij voeren campagne met het Menu van Morgen en promoten flexitarisme. Sijas Akkerman, Hoofd Voedsel: “Als je zegt dat er heel veel vlees wordt gegeten, benoem je impliciet de norm en zijn mensen niet zo gauw geneigd om daarvan af te wijken, we zijn toch kuddedieren. Wij benoemen dat 86 procent van de Nederlanders een of twee keer per week géén vlees eet.” Vervolgens is het uitbreiden van die groep en het aantal vleesloze dagen het doel. “Aan zo’n campagne zit altijd een beleidsinhoudelijk verhaal vast, zoals een vleestaks, strengere normen in de melkveehouderij.” Als organisatie kun je volgens hem maar één boodschap uitzenden. Voor hen is dat: word flexitariër.
Zowel Greenpeace als Milieudefensie richten zich vooral op bedrijfsleven en overheidsbeleid om tot meer structurele veranderingen te komen, en niet op de consument. Kodde: “Je probeert altijd campagne te voeren op de oorzaken. Als vlees zo goedkoop in supermarkten ligt, is het voor burgers lastig om anders te kiezen.
“Op dit moment richten we ons vooral op de ontbossing, een gigantisch probleem dat ons allemaal raakt. Wij willen dat de soja-import uit Zuid-Amerika voor Nederlands veevoer stopt. Nederlandse boeren moeten regionaal veevoer gebruiken om ontbossing tegen te gaan. We hebben al Nederlandse boeren die dit doen. Zij laten zien dat er een alternatief is voor importsoja en vragen bedrijven en overheid om beleid te maken dat bijdraagt aan de overstap naar regionaal veevoer.
Maatschappelijke organisaties hanteren steeds vaker ‘naming and shaming’ campagnes. Voor het grote publiek worden partijen openlijk aan de schandpaal genageld. verschillende partijen in de intensieve veehouderij hebben al ervaring met deze trend. Het is een kwestie van tijd voor de volgende campagne wordt gelanceerd. Hierbij gelden onduidelijkheid en verdeeldheid als grootste valkuil in de strijd tegen emotie. De invloed van maatschappelijke organisatie lijkt toe te nemen.
| Campagne | Resultaat |
|---|---|
| Biggencastratie | Aanwijsbaar resultaat |
| Legbatterijeieren | Aanwijsbaar resultaat |
| Blank kalfsvlees | Aanwijsbaar resultaat |
„Wij willen een einde aan de bio-industrie maken. Al het verkochte vlees moet van biologische afkomst zijn. Grote reputatieschade oplopenOok Varkens in Nood heeft volgens directeur Hans Baaij nog verschillende campagnes. „Varkens in Nood wil een fatsoenlijk leven voor de varkens. Onder fatsoenlijk versta ik een leven dat ruimte biedt aan de behoeftes van varkens die wetenschappelijk zijn bewezen.
„De campagnes van Varkens in Nood en Wakker Dier zijn niets meer dan een ouderwetse schandpaal”, stelt Daan Doorenbos hoogleraar ondernemingsstrafrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. „We moeten vaststellen dat naming & shaming een trend is binnen het handhavingsrecht. Een partij loopt daarmee grote reputatieschade op, terwijl het alleen maar de mening van de organisatie is dat er iets mis is.
„Daarbij is de berichtgeving in de media vaak gekleurd en eenzijdig belicht vanuit maatschappelijke organisaties. Verder heeft de sector zich in het verleden te veel toegespitst op de promotie van vlees. Communicatie over de varkenshouderij zelf was er weinig.
Rik Riezebos algemeen directeur van EURIB (kennisinstituut voor brand en reputation & design management) meent dat campagnes tegen vlees onvermijdelijk zijn. „Vlees is een emotioneel en omstreden product. Analyse zwakke punten„Maatschappelijke partijen zijn geneigd veel emotie in campagnes te stoppen. Gebruikelijk is dat het slachtoffer zich vervolgens feitelijk gaat verweren. Vaak tellen feiten dan echter niet meer.
Monique van Hal is voorstander van een proactieve en transparante varkenssector. „De communicatiestrategie van de sector moet gericht zijn op het zichtbaar, toegankelijk en eenvoudig vindbaar maken van de varkenshouderij. Dit is noodzakelijk voor een verhoogd kennisniveau bij de burger. Monique ziet een uitdaging voor de sector om alle burgers te bereiken en van feitelijke informatie te voorzien. „De consument wordt overladen met informatie door de verschillende mediums en is daarom heel selectief in het ontvangen van informatie.
Om dit bereiken is als eerste integratie van alle marketingcommunicatie en één consistente boodschap vereist. Hiervoor is meer samenwerking tussen de verschillende partijen in de sector nodig. Het doel van de marketingcommunicatie is om de kennis te verhogen bij de burger over de huidige varkenshouderij. De inzet van massamedia is hierbij noodzakelijk om het grote publiek te bereiken.
Monique vindt dat de sector op de goede weg is. „Het publiek wordt op moment door middel van verschillende campagnes als devarkenshouder.nl, Varkens Enzo en Stap in de Stal geïnformeerd. Als direct betrokkene bij de campagne ‘Stap in de Stal’ ervaar ik de reacties als positief. Zo is uit onderzoek van ‘Varkens in Zicht’ onder 686 respondenten gebleken dat 41 procent tegen de huidige manier van varkens houden is. Toch ben ik ervan bewust dat er altijd mensen tegen de intensieve varkenshouderij blijven. Dat is hun volste recht, maar deze burgers moeten dan wel beseffen dat aan duurzaamheid een prijskaartje hangt.
Woordvoerster Pascalle de Ruyter van het PVE vindt dat de reactie vanuit de sector op campagnes voor verbetering vatbaar is. „We hebben uit ervaring geleerd van de verschillende acties tegen de intensieve veehouderij. Door ons en de verschillende partijen is niet altijd goed en eenduidig op de situatie gereageerd. Het gevolg was veel eenzijdige berichtgeving in de media.
Voorzitter, de intensieve veehouderij is een veelkoppig monster. Een stapel van enorme problemen. Nergens ter wereld worden er zoveel dieren op een kluitje gehouden als we toestaan in Nederland. Om economische redenen mishandelen we dieren hun hele leven lang. Niet alleen de dieren, maar ook het klimaat, de natuur, de biodiversiteit en de volksgezondheid worden opgeofferd voor de korte termijn belangen van de agro industrie. De uitstoot van methaan van de vee-industrie draagt substantieel bij aan de opwarming van de aarde, aan overstromingen en een stijgende zeespiegel. Fijnstof uit overvolle stallen, zoönosen, dierziekten zoals Q-koorts en de vogelgriep die van dier op mensen kan overspringen, en antibiotica resistentie bedreigen de volksgezondheid. En de productie van veevoer voor de bio-industrie zorgt voor het verdwijnen van tropische regenwouden aan de andere kant van de wereld.
We verliezen biodiversiteit, waar nog maar gevaarlijk weinig van over is. is. Terwijl de stallen steeds voller gevuld worden met dieren, wordt het in de natuur steeds stiller. Wie denkt dat we best op dezelfde manier door kunnen gaan met de huidige veehouderij, speelt een levensgevaarlijk spel. We verwoesten niet alleen het leven van dieren, na een kort en vaak ellendig leven, maar we zetten ook de levens van toekomstige generaties op het spel. Kinderen die er niets aan kunnen doen dat de overheid erin faalt om hun toekomst te beschermen, maar die hier straks de consequenties van moeten dragen.
De Partij voor de Dieren maakt al 15 jaar in de Tweede Kamer deze keuze. Er moet een einde komen aan de bio-industrie. De demissionaire minister heeft deze keuze niet gemaakt. Terwijl ze zelf ook wel weet dat het niet oké is. Dat het niet oké is dat we meer dan de helft van de grond in Nederland gebruiken voor de veehouderij terwijl de natuur in de verdrukking staat. Voorzitter, deze begroting zorgt ervoor dat alle ellende nog even groot blijft. Voor de dieren, voor de mensen, en dus óók voor de boeren. Voorzitter, het is onze verantwoordelijkheid om te stoppen met het over onszelf afroepen van problemen. Laten we ze oplossen, met politieke moed, want een radicale omslag is dringend noodzakelijk.
Dit is niet de schuld van boeren, maar van het falende landbouwbeleid. Dat Nederland het meest veedichte land ter wereld is en in Europa de hoogste stikstofuitstoot (per hectare landbouwgrond) heeft, is een politieke keuze. In 20 jaar is de helft van de agrarische gezinsbedrijven noodgedwongen gestopt, maar het aantal dieren is niet of nauwelijks kleiner geworden. Per stal zitten er nu juist 2 tot ruim 4 keer zoveel dieren op elkaar gepropt, vaak zelfs zonder ooit daglicht gezien te hebben. Het kabinet wist het, maar sloeg advies na advies in de wind.
Het allereerste burgerinitiatief uit 2007 “Stop fout vlees”, waarbij werd voorgesteld om de intensieve veehouderij met 50% in te krimpen, werd aan de kant geschoven. Elf jaar later constateerde de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) dat een krimp van de veehouderij onvermijdelijk was, willen we de klimaatdoelen halen. Voorzitter, als je zoveel dringende adviezen krijgt, dan moet je daar toch wat mee? Dan kan de minister daar toch niet doodleuk van wegkijken? Ook als het gaat om stikstof.
Nederland ging op slot, we moesten de natuur beschermen. En wat deed de minister van natuur? Ze stapte naar Brussel. Niet om de natuur te beschermen, maar om te vragen of we misschien wat beschermde natuurgebieden konden schrappen. En nu weet het kabinet niet hoe snel ze de ‘stikstofruimte’ die gewonnen wordt door de vrijwillige uitkoop van veehouders, weer kan uitgeven aan nieuwe vergunningen. Want de natuur herstelt alleen wanneer de stikstofkraan dicht wordt gedraaid, en niet direct weer opengezet wordt.
Erken nu eens dat de veehouderij meer dieren fokt en gebruikt dan de natuur kan dragen. We kunnen niet de melkboer en de slager van de wereld zijn. En dat moeten we ook niet willen. We zullen productierechten van stoppende boeren moeten innemen (om schaalvergroting te voorkomen) en we moeten boeren stimuleren om over te schakelen op duurzame plantaardige voedselproductie. We moeten de landbouwproblematiek integraal aan pakken. En eerlijk zijn over wat nodig is.
Door stelselmatig wegkijken is de Nederlandse vee- en vleessector uitgegroeid tot een giga-industrie die alle grenzen overschrijdt. Milieugrenzen, natuurgrenzen, klimaatgrenzen, gezondheidsgrenzen en ethische grenzen. In de Nederlandse veehouderij worden jaarlijks meer dan 600 miljoen dieren in moordend tempo gefokt, gebruikt en gedood. Een koe in Nederland is zo doorgefokt dat zij vandaag bijna de helft meer melk moet produceren dan 20 jaar geleden. Een koe geeft in haar leven inmiddels een bizarre 34.000 liter melk. De dieren krijgen uierontstekingen, raken kreupel en worden tot op de laatste cent uitgemolken. Als de koeien 5-6 jaar oud zijn, dan zijn ze op, ze kunnen niet meer en worden ze totalloss naar het slachthuis afgevoerd. Maar koeien van 5-6 jaar oud horen in de bloei van hun leven te zijn. Koeien kúnnen wel 25 jaar oud worden.
Een zeug, een moedervarken, wordt in de Nederlandse veehouderij zo ver doorgefokt dat ze extra ribben heeft en tepels heeft en ze nóg meer biggetjes kan krijgen. Het gevolg is dat veel biggetjes dood geboren worden, of zwak en ellendig ter wereld komen om snel te sterven aan verzwakking of onderkoeling. En dan moet u zich voorstellen dat deze moederdieren in deze tijd tussen metalen stangen worden gehouden, waar ze zich nauwelijks kunnen bewegen, laat staan omdraaien.
De kippen, die 6 weken nadat ze uit hun ei komen alweer verkocht worden als kipfilet. Daar is weinig kip aan. Het zijn nog kuikens, opgeblazen kuikens die door hun poten zakken omdat ze hun snelgroeiende gewicht niet kunnen dragen en ze het “optimale” gewicht hebben bereikt voor zoveel mogelijk vlees voor op de barbecue.
In de geitenhouderij kon de afgelopen jaren flink wat geld verdiend worden met de productie van geitenmelk en geitenkaas. Maar ook hiervoor geldt dat om melk te produceren, de moeders wel eerst geitenlammetjes moeten krijgen. Geitenlammetjes die vervolgens weer worden weggehaald na de geboorte, want: hoho, nee nee, die melk is niet voor de lammetjes, die is voor de mensen. En de lammetjes, wat te doen met de lammetjes, de bokjes? Die worden steeds vaker gezien als ‘restafval’. In 5,5 jaar tijd werden meer dan 10.000 pasgeboren geitenlammetjes afgevoerd naar het slachthuis, terwijl zij volgens de registratie nog geen week oud waren. Pasgeboren dieren die amper op hun poten kunnen staan volgens een oud-bokkenhouder. Om na de slacht te worden afgevoerd naar destructie.
Waarom knuffelen we het ene dier, en snijden we het andere in stukken. Waarom betalen we voor het ene dier honderden tot duizenden euro’s om hem te verzorgen en hebben we voor het andere dier geen cent over, en negeren we de wettelijk erkende intrinsieke waarde, de eigenwaarde van dieren dat volledig los staat van z’n nut voor de mens. Voorzitter, wat doen we de dieren aan.
De NVWA, de organisatie die hierop zou moeten controleren is immers zwaar uitgekleed na bezuinigingen en reorganisaties. De NVWA kan tweederde van haar taken niet uitvoeren door gebrek aan capaciteit en kwaliteit. Zo zijn er hele sectoren waar de NVWA niet uit zichzelf komt controleren. Miljoenen dieren, weggestopt in stallen, worden aan hun lot overgelaten. Het leed is te groot. Het aantal dieren is te groot.
Zo wordt er al jaren gediscussieerd over de vraag bij hoeveel of hoe weinig drinkwater het lijden van dieren begint. Dieren die aan de lopende band eieren moeten produceren waar vleeskuikens (plofkippen) uitkomen bijvoorbeeld. Als zij naar behoefte zouden eten en drinken, zouden ze uit hun voegen barsten. Dus lijden ze aan dorst. Zelfs op deze basisbehoefte als drinkwater, dit basisrecht zou ik willen zeggen, wordt maximaal beknibbeld en de toezichthouder krijgt geen gereedschap om hier tegen op te treden.
labels: #Vlees
Zie ook:
- Joke Stop Toch Met Koken Lyrics: Vind de Volledige Tekst
- Joke Stop Toch met Koken: Hilarische Kookblunders & Grappige Recepten
- Ontdek Hoe Je Stop Met Overeten: Effectieve Tips en Strategieën Die Werken!
- Stop Toch Met Koken: De Hilarische Carnavalshit Die Iedereen Moet Horen!
- Ontdek Waarom Je Kip Blijft Broeden en Hoe Je Dit Eenvoudig Oplost!
- Gebakken Rijst met Chinese Kool: Het Lekkerste Recept & Tips!




