Ben je toe aan wat afwisseling en ben je sperziebonen en bloemkool ook al zat? Heb je inspiratie nodig voor groenten in je tuin? Wist je dat er veel Aziatische groenten zijn die je in Nederland ook kan kweken?

In deze blog hopen we je te inspireren met een aantal Aziatische groenten die je in Nederland of België zelf kunt kweken vanuit je eigen tuin of balkon.

1. Paksoi

Waarschijnlijk een van de bekendste Aziatische groenten, tegenwoordig ook goed beschikbaar bij verschillende grote supermarkten. Er zijn verschillende soorten Paksoi's. Zelf gaat mijn voorkeur naar Shanghai Paksoi. Dit is een kleinere compacte soort.

Paksoi is een koolsoort en is mild van smaak. Het is een snelle toevoeging voor in je noedels of bami soep. Ik snij het door de helft en doe het boven op mijn noedels soep. Paksoi doet het ook goed bij Chinese Hot pot. Heb je te veel Paksoi? Geen zorgen. Je kunt Paksoi drogen. Hierdoor krijgt de Paksoi een bijzondere geconcentreerder smaak en kun je het lang bewaren. Chinezen maken graag soep met gedroogde Paksoi.

2. Kai Lan

Kai Lan is een van mijn favoriete aziatische groenten. Ik hou van de stevigheid van Kailan. KaiLan is familie van de broccoli. Het lijkt erg op Bimi (beschikbaar bij de Albert Heijn). Wist je dat Bimi een kruising is tussen broccoli en KaiLan?

KaiLan is net wat bitterder en steviger dan broccoli en Bimi. De stevige vlezige stengel maakt het zo lekker. Even stomen, en dan wat oestersaus erop.

Wil je weten hoe het smaakt voordat je het gaat kweken? Kailan is te koop bij de toko of te bestellen bij een Chinese dimsum restaurant. Ik kon KaiLan niet vinden bij de bekende zaden leveranciers, maar als je Google vind je zeker enkele leveranciers.

3. Wintermeloen (Dong gua in het chinees)

De wintermeloen is familie van de meloen en komkommer. Het heeft de vorm van een grote ovale meloen en heeft een hele milde smaak. De structuur van het vlees zit tussen de komkommer en courgette in.

Wintermeloenen kunnen heel groot worden. Het wordt verkocht in plakken bij de toko. In Nederland kun je wintermeloen het beste in de kast kweken. Buiten kan ook, maar dan wordt de meloen minder groot. Het kan ook klimmend geteeld worden.

Je kunt de meloen (onbesneden) 6 tot 12 maanden bewaren, dus ideaal voor de wintermaanden als er weinig in je tuin groeit. Mijn moeder maakt altijd een lekkere lichte soep/bouillon ermee. De soep is overigens ook snel te maken.

4. Chinese bieslook (Gau Tjsoi/ Jiu cai)

Chinese bieslook wordt in Nederland vaak gebruikt als borderplant ter decoratie. Het geeft prachtige witte bloemen. Maar wist je dat het ook heel lekker was? Chinese bieslook lijkt veel op de sprieten van knoflook en het heeft een lichte knoflook smaak.

Je moet Chinese bieslook consumeren voordat de bloemen bloeien. Chinese bieslook is ook bekend als knoflook bieslook. Je kunt het als kruid gebruiken, maar in Azië eten ze het als groenten op. Ik doe het in de noedels soep, in de hotpot of kort roerbakken met vlees of ei.

Een groot voordeel van Chinese bieslook is dat het een vaste plant is. Dit betekent dat je niets hoeft te doen en het groeit elk jaar vanzelf weer. Je snijdt het aan de onderkant en dan groeit het gewoon weer.

5. Edamame bonen

Bekend van de sushi restaurant. De groene boontjes waarvan je kinderen het geweldig vinden om uit de schil te halen. Het is ook een geweldige gezonde snack. Probeer eens edamame bonen te eten voor de televisie, i.p.v. een zak chips! Het werkt voor mij.

De bonen met water en wat zout koken, en dan heb je een geweldige snack. Wist je de Edamame de Japanse naam was voor sojabonen? Tofu en sojamelk worden van Edamame bonen gemaakt. Ze doen het ook heel goed in de diepvries.

Begin in mei met binnen voorzaaien en in juni kunnen ze in de volle grond. Edamame bonen houden van veel zon en een goed waterdoorlatend grond.

6. KangKong (Ong Choy, Dagoe blad)

De stengels van kangKong zijn hol, hierdoor blijft het knapperig na het roerbakken. Je eet zowel de stengel als het blad op, maar het gaat voornamelijk om de stengel.

kangkong is een tropische plant die graag langs het water groeit. Maar kangKong doet het ook prima in de grond. Je moet de grond wel goed vochtig houden. Het makkelijkste is om kangKong in een pot te planten. Zo kun je de pot vochtig houden, zonder dat de andere gewassen te veel last van krijgen.

Je kunt kangkong vanuit zaad kweken, maar het snelste is vanuit stekjes. Je koopt gewoon kangKong bij de toko, en doe je de stekjes in een pot met water. Over een paar weken ontstaan er wortels. Als de wortels goed ontwikkeld zijn, doe je de stekjes in een grote pot. kangKong kun je pas in de warme maanden kweken (rond juni).

Kangkong groeit snel. Je plukt de stengel aan de onderkant en dan groeit het weer.

7. Hon Tsai Tai (paarse variant van Choy Sum)

Met zijn paarse stengels, groene bladeren en gele bloemetjes, is de Hon Tsai Tai een opvallende verschijning in je groene groentetuin. Het is een zeer bekende groente in China.

Een groot voordeel van Hon Tsai Tai is dat het over een langere periode geteeld kan worden. Het kan goed wat kou hebben. Hon Tsai Tai kan al vanaf april in de volle grond gezaaid worden. Het kiemt en groeit snel. Het is wat pittiger en steviger van smaak dan Paksoi. Het ligt een beetje tussen Paksoi en Kailan in.

Het plant geeft hele grote bladeren. Je eet alleen de binnenste stengel waar de bloem uitkomt. Dit is het hart van de plant. Choy Sum betekent “plant hart” in het chinees. Alles is in principe eetbaar, maar de buitenste bladeren zijn niet zo lekker. Als je een stengel oogst, ontstaan er onder de bladoksels weer nieuwe stengels. Dus hoe meer je oogst hoe meer stengels er ontstaan.

8. Turkse spinazie

We gaan een beetje uit de Chinese hoek en we gaan naar Turkije. Turkse spinazie eet je, in tegenstelling tot de normale spinazie, met steel en blad. De steel geeft het net wat meer structuur en bite dan als je alleen maar het blad eet.

Je moet Turkse spinazie niet te jong afplukken, maar wacht totdat het wat groter wordt. Hierdoor krijgt de Turkse spinazie meer smaak en een stevigere structuur. Als het gaat om smaak vind ik het een beetje tussen snijbiet en spinazie liggen.

9. Tatsoi

Tatsoi is eigenlijk het kleine zusje van de bekende Paksoi. Het heeft stevige groene bladeren. Net als Paksoi is het een koolsoort.

Het is snel en makkelijk te kweken en kan goed tegen de kou. Tatsoi groeit ook nog snel. Na 3 weken zaaien heb je al oogst. Dus ideaal voor degenen die zo lang mogelijk zelfvoorzienend willen zijn.

Kort stomen en met een beetje oestersaus en sojasaus mengen. Of lekker roerbakken met wat knoflook. De jonge bladeren kun je ook rauw in salades gebruiken.

10. Citroengras (Sereh)

Citroengras gebruik je meer als een kruid of een specerij dan als groenten. Het is fris en heeft een citroenachtig aroma. Het wordt vooral veel gebruikt in Zuidoost-Azië (thailand en vietnam) om vlees mee te marineren of in soepen en curry’s.

Zelf zet ik ook weleens thee van. De stengel even met de achterkant van je mes kneuzen en dan de hele stengel in heet water zetten. Eventueel een plak gember toevoegen en een beetje honing erbij. En mengen met de stengel …… Gegarandeerde wow effect bij je bezoekers.

Daarnaast schijnt citroengras goed te zijn tegen koorts, hoest en verkoudheid. De verse stengels zijn veel aromatischer dan de stengels bij de supermarkt of toko, dus echt de moeite waard om zelf te kweken.

Citroengras is een tropisch gewas, en bloeit het beste in warme landen. Het is een vaste plant maar niet winterhard. In Nederland kun je het kweken in de kast of buiten als het warm weer is. Je kunt het makkelijkste Citroengras in een pot kweken. Als het weer koud wordt, kun je de pot naar binnen brengen en in mei weer buiten zetten. Verder houdt citroengras van een vochtige bodem.

Je kunt Citroengras vanaf zaad kweken, maar het gaat sneller met stekken.

11. Sopropo (bittermeloen/ Fu Gua)

Het gewaagdste gewas als het gaat om smaak van deze lijst is toch de Sopropo. In Suriname is het bekend als Sopropo, en onder chinezen als Fu Gua. Fu Gua betekent letterlijk bittere meloen. De smaak is best bitter, vooral als je niet aangewend bent. Door Sopropo eerst met flink wat zout te wassen, wordt het wel minder bitter.

Sopropo lijkt op een sterk gerimpelde komkommer en is een klimplant. Sopropo houdt van warmte.

Sopropo kent veel namen zoals bittermeloen, balsempeer, foekwa (in Suriname) of karela. De tropische vrucht lijkt op een gerimpelde komkommer. De smaak is erg bitter.

Er zijn veel verschillende soorten sopropo. De bekendste zijn Thaise sopropo en Surinaamse sopropo. De Surinaamse variant is vrij groot, vergelijkbaar met een lange komkommer uit de winkel. De Thaise heeft meer het formaat van een snackkomkommertje en is dus een stuk kleiner.

Het soort dat we hier zelf vaak kweken is de Surinaamse en Thaise sopropo, maar vooral de Thaise omdat deze vrij makkelijk groeit.

Sopropo komt uit de komkommerfamilie, net als pompoenen en meloenen. Dat zie je terug in de manier waarop de plant groeit, met kleine hechtrankjes die zich overal omheen draaien. Sopropo zaaien of voorzaaien/voorkiemen kan onder glas van maart tot mei.

Zaaien van Sopropo

Sopropo zaden hebben veel warmte nodig om te kiemen. Die zaaien we dus op een zonnige vensterbank in potjes, en in een mini kweekkasje. Zelf gebruiken we daar een verwarmde propagator voor. Vul een aantal potjes met zaaigrond en druk dit aan. Zaai in elk potje ongeveer twee of drie sopropo zaden, niet dieper dan 2 centimeter. De zaden zijn iets groter dus ook niet te ondiep zaaien, dan kan je plantje omvallen na opkomst. Zaai meerdere zaadjes zodat overal iets opkomt.

Als er meerdere zaailingen opkomen, kies dan één mooie en grote zaailing uit. Verwijder de rest door ze weg te knippen. Trek de kiemplantjes niet uit de grond. Dan beschadig je misschien ook de wortels van het plantje dat je wilt houden.

Geef tijdens en na het kiemen ook steeds water. De grond mag een beetje opdrogen maar laat het niet helemaal droog worden. Ongeveer na half mei kan je sopropo planten in een kweekkas, als je een kweekkas hebt. Dat is sterk aan te raden want buiten groeit sopropo veel minder goed. Wil je het toch buiten proberen, doe dit dan in een grote pot.

Planten van Sopropo

Om je plantje af te harden zet je deze een uurtje buiten of in de kas, op de bestemde plek. Dagelijks een uurtje langer tot je plantje dag en nacht buiten kan blijven staan. Daarna kan je het plantje definitief uitplanten op de bestemde plek. Sopropo planten we in de kas vanaf half mei of buiten pas vanaf begin juni. Je kunt sopropo uitplanten als de wortels onder uit het potje naar buiten komen. Graaf een gat dat groot genoeg is voor het kluitje. Zet de kluit erin en druk de aarde voorzichtig maar goed aan.

Klimplant

Sopropo groeit op dezelfde wijze als de komkommer en meloen of muismeloen, waar de sopropo of bittermeloen familie van is. Het is dus een klimplant en deze maakt hetzelfde soort hechtrankjes. Deze klampen zich vast aan alles wat in de omgeving te vinden is aan houvast. Je kunt dus makkelijk sopropo kweken als klimplant, langs stokken of draden.

Verzorging van Sopropo

Sopropo kweken we zelf altijd in de kweekkas en zijscheuten binden we om de hoofdstengel heen. Zo groeien alle delen van de plant steeds de hoogte in. De plant wordt dan ook vrij bossig maar kan dit heel goed hebben. Laat je sopropo of balsempeer kruipen als plant, houd dan rekening met vochtig weer. De kans op schimmels is groter bij de grond.

Sopropo tolereert bodems waarvan de pH-waarde tussen deze twee waarden in ligt. Links is zuur en rechts is basisch. Sopropo heeft veel behoefte aan extra voeding. Met name kalium is belangrijk voor de weerstand van deze exotische plant. Zo is deze beter bestand tegen weersinvloeden en schommelende temperaturen, evenals schimmels en ziektes. Sopropo wordt meestal langs een hekwerk of gaas gekweekt om deze te laten klimmen.

Bestuiving van Sopropo

Sopropo is een eenhuizige plant maar maakt ook eenslachtige bloemen. Mannelijke en vrouwelijke bloemen groeien dus afzonderlijk van elkaar, maar wel aan dezelfde plant. Het is vaak nodig om sopropo met de hand te bestuiven, maar er zijn ook rassen die zonder bestuiving vruchten kunnen maken. De mannelijke bloemen (zie foto hierboven) verschijnen meestal als eerste. Je ziet dan kleine, gele bloemetjes op een lang en dun steeltje zitten.

Oogsten van Sopropo

Wanneer de vrouweijke bloemetjes met vruchtbeginsel goed zijn bestoven, vallen de bloemblaadjes af. Daarna groeit het vruchtbeginsel al snel verder. Binnen een paar dagen kan de grootte van het vruchtje al meer dan verdubbeld zijn. Je ziet dan een klein vruchtje hangen.

Sopropo oogsten we als deze een mooi formaat heeft gekregen. Weet dan wel goed of je Afrikaanse of Surinaamse sopropo hebt. De Surinaamse worden veel groter. Afrikaanse sopropo zijn vergelijkbaar met snackkomkommers, qua grootte (en zeker niet qua smaak, vergis je dus niet). De vruchten kan je het beste afknippen bij het steeltje. Trek ze liever niet met de hand los want dan trek je de plant stuk of trek je hechtrankjes los waardoor de plant in elkaar zakt. Of pak het steeltje tussen twee handen zodat je het steeltje zelf stuk trekt en dus niet de plant.

Wacht je tot de vruchten geel zijn geworden dan zijn ze echt niet lekker meer. Ze kunnen dan zelfs openbarsten aan de plant. Het puntje van de vrucht knapt open en de inhoud wordt zichtbaar. Het knalrode vruchtvlees contrasteert met de felgeel geworden schil van de vrucht. In het rode vruchtvlees zitten de zaden.

Dit waren mijn Aziatische groenten die je zelf in Nederland/ België kan kweken. Wil je eerst weten hoe de groenten smaken voordat je ze gaat kweken? Koop ze dan eerst bij je dichtstbijzijnde toko.

Als je vooral groenten zoekt die makkelijk te kweken zijn en goed tegen de kou kunnen, zou ik kiezen voor Tatsoi, Hon Tsai Tai en knoflookbieslook.

Je kan de zaden van veel van de bovengenoemde groenten kopen bij www.tuinzaden.eu en www.moestuinland.nl.

Amar Import & Export heeft een kas in de buurt gekocht om het aanbod te kunnen uitbreiden met verse, lokaal gekweekte groente en fruit. De kas, waar we Surinaamse producten kweken, heeft inmiddels een oppervlakte van 40.000 m2. Op het terrein staan twee woningen en er wordt dag en nacht voor onze gewassen gezorgd.

Amar Import & Export

Ruim 25 jaar geleden zijn we overgestapt op moderne tuinbouwtechnieken. We zijn voortdurend bezig de technieken die we gebruiken verder te ontwikkelen, waardoor we de kwaliteit, kwantiteit en prijs van de producten die we leveren nog beter kunnen beheersen. In de loop van de jaren hebben we de omstandigheden geperfectioneerd, van de samenstelling van onze kunstmest, temperatuur, vochtigheid tot en met onze oogsttechnieken.

Kousenband

Kousenband heeft veel warmte nodig. Ze groeit in tropische gebieden en het Nederlandse klimaat is niet erg geschikt voor de teelt van kousenband. Maar met wat kunst- en vliegwerk kun je de kans op een leuke oogst verhogen.

Kousenband geeft zeer lange stevige peulen van wel 30 tot soms wel meer dan 50 centimeter lang (afhankelijk van ras en omstandigheden). Ze smaken een beetje als sperziebonen maar de smaak is wat sterker en de structuur is steviger. Kousenband is net als onze stokboon een eenjarige slingerplant.

Om in de buitenteelt die temperatuur te halen (en lang genoeg vol te houden voor zowel groei en bloei als oogst) is in de volle grond heel lastig. De kans op succes is wat groter als je planten in een verhoogde bak kunt zetten (want dat scheelt enkele graden). Er is dus de teelt onder glas en de teelt buiten.

Stikstof in voeding zorgt voor voldoende groei. Geef vooral in het voorjaar (wanneer het water uit kraan of sloot nog heel koud kan zijn) water dat iets is opgewarmd.

De oogst van de peulen in de buitenteelt ligt wat lager dan die van planten in de kas, en dat ligt dan vooral aan het feit dat je er in de kas langer van kunt oogsten dan van de buitenplanten. De peulen kun je na de oogst wel een paar dagen in de koelkast bewaren (tot je bijvoorbeeld zoveel hebt kunnen oogsten dat je voldoende hebt voor een maaltijd).

Ron van Zwet

In zijn Almeerse kas kweekt hij exotische gewassen als sopropo, een ietwat bittere groente die goed schijnt te zijn voor mensen met diabetes type 2. Met name Surinamers zijn er dol op. Voor veel Nederlanders is sopropo een onbekende groente, maar voor degenen met een migratie-achtergrond niet.

Toen hij zich verdiepte in andere mogelijkheden voor het benutten van de kassen, kwam hij erachter dat veel volkstuincomplexen in Almere vol zaten. Daarom startte hij in 2012 met het concept ‘Volkstuin onder glas’; het verhuren van volkstuinen aan Almeerders die een moestuin wilden. ‘In de kas, zodat onkruid, slakken en last van weer en wind verleden tijd zijn.

Inmiddels heeft Ron het verbouwen van sopropo helemaal onder de knie, en verkoopt hij duizenden kilo’s per jaar. Daarnaast kweekt hij andere exotische producten als tajerblad, pepertjes, kousenband, antroewa, en bitawiri. En ook de bekende gewassen zoals paprika, komkommers en tomaten worden door Ron op kleine schaal verbouwd.

Afgezien van één grote groentewinkel in de Bijlmer, levert Ron niet aan toko’s. Ook doet hij weinig aan promotie. Maar aan mond-tot-mond-reclame geen gebrek; veel klanten geven het aan hun netwerk door wanneer de sopropo weer verkrijgbaar is.

labels:

Zie ook: