Het is zorgwekkend wanneer uw kat weigert te eten. Katten hebben dagelijks voedsel nodig om in goede conditie te blijven. Een hond kan best een dagje niet eten, voor een kat is dat niet aan te raden.

Een kat wordt door niet eten namelijk gauw misselijk. Misselijke katten krijgen al gauw een afkeer van hun brokjes. En misselijk zijn zorgt zo dan voor minder of niet eten en dan wordt het lastig voor de kat. De kat wordt zo steeds zieker en vanzelf beter worden lukt dan niet meer. De kans op spontaan herstel neemt snel af.

Oorzaken van verminderde eetlust bij katten

De oorzaken van minder en niet eten bij de kat zijn zeer divers.

  • Medische aandoeningen: Zo kan er een ziekte (niesziekte, nierfalen, schildklieraandoening, alvleesklierontsteking, suikerziekte of een maag- en/of darmontsteking) spelen.
  • Veranderingen in de omgeving: Stress (andere kat er bij gekomen), heimwee of een slecht gebit.
  • Gedragsproblemen: Angst, depressie of verveling.
  • Kieskeurigheid: Katten kunnen kieskeurige eters zijn en hebben misschien gewoon geen zin in het voedsel dat ze krijgen aangeboden. Het is ook mogelijk dat ze een allergische reactie hebben op het voedsel.
  • Pijn: Als uw kat pijn heeft bij het kauwen of slikken van voedsel, kan dit leiden tot verminderde eetlust. Gebitsproblemen, zoals tandbederf, kunnen ervoor zorgen dat uw kat niet wil eten.
  • Te weinig drinken: Ook te weinig drinken kan leiden tot minder eten.

Acute (virale) infectie

Dit komt echt zeer vaak voor bij katten. De meest voorkomende virale infectie bij de kat is niesziekte. De symptomen zijn een acute, soms hoge, koorts. De katten zijn inactief en stoppen vaak met eten. Daarnaast kunnen er klachten zijn zoals niezen, snotteren, oogontstekingen en kokhalzen. Andere virale infecties zijn bijvoorbeeld darmvirussen zoals het Rotavirus en het Coronavirus. Deze virussen geven darmklachten zoals braken en diarree. Het FIP virus is een speciaal soort Corona virus en geeft ook koorts en anorexie.

Infecties na vechten

Met name katers vechten vaak en ontwikkelen hierdoor ontstekingen zoals abcessen. De klachten beginnen vaak met koorts en niet eten. Na een paar dagen ontstaat er vaak een abces welke soms openbarst.

Het overgrote deel van de katten die plotseling stoppen met eten en minder actief zijn heeft één van deze problemen als oorzaak.

De gevaren van niet eten

Een kat kan niet lang zonder eten. Maximaal 2 dagen. Katten hebben dagelijks voedsel nodig. Katten leven op zichzelf en jagen alleen. Een kat die niet eet, gaat na 2 dagen al vetten uit het lichaam afbreken. Wanneer een kat minder, slecht of niet eet dan gaat de lever van de kat al gauw vervetten. Leververvetting wordt ook wel lipidose genoemd.

Die toename van vet in de lever maakt de kat misselijk. In het bloed zien we dan verhoogde leverwaarden. Let wel die verhoogde bloedwaarden zijn dan een gevolg van het slechte eten en niet de oorzaak. Dat wordt nogal eens verward met elkaar.

Wanneer naar de dierenarts?

Als je kat plotseling niet meer wil eten is het belangrijk om te kijken of je kat, behalve het niet willen eten, ook ziek is. Gedraagt je kat zich anders, is hij/zij slomer dan normaal of is er sprake van braken en/of diarree? Of zie je andere dingen zoals veel drinken en/of plassen, een opgeblazen buik of lijkt je kat benauwd?

Maar als je kat langer dan 1 dag niet wil eten moet je altijd contact opnemen met een dierenarts! Katten die langer dan 1 dag niet eten breken hun vetreserves af. Een kattenlever kan dit niet goed verwerken en je kat krijg leververvetting waardoor hij/zij misselijk wordt. Door de misselijkheid zal je kat helemaal niet meer willen eten en ontstaat een vicieuze cirkel. Je kat heeft een behandeling nodig om deze cirkel te doorbreken en weer beter te worden.

Als uw kat langer dan 24 uur niets eet, is het verstandig contact op te nemen met een dierenarts. Katten die helemaal stoppen met eten kunnen leververvetting ontwikkelen, een serieuze aandoening die snel fataal kan zijn.

Diagnose stellen

Wanneer u met uw kat op het spreekuur van de dierenarts komt met de klacht minder of niet eten dan zal de dierenarts u eerst allerlei vragen stellen. De kat wordt lichamelijk onderzocht en vaak is bloed- en urine onderzoek nodig. Vaak ook een echo en eventueel endoscopie. Alle uitslagen worden op een rij gezet en besproken en in overleg met u komt er een plan.

De dierenarts zal altijd beginnen met een algemeen onderzoek van je kat, waarbij hij/zij van top tot teen wordt nagekeken. Aan de hand van wat de dierenarts vindt bij jouw huisdier kan het nodig zijn om verder onderzoek te doen.

Als de ziektegeschiedenis en het lichamelijk onderzoek geen duidelijke aanwijzing geven over de richting waarin gezocht moet worden, zal vaak begonnen worden met bloed- en urineonderzoek. Bij veel katten is ook een echo of een endoscopie nodig om de oorzaak te achterhalen.

Onderzoeken die de dierenarts kan uitvoeren

  • Bloed- en urineonderzoek: Hierbij kunnen we de o.a. De nierfunctie, leverfunctie, of er bloedarmoede aanwezig is of een ontstekingsbloedbeeld, en of er een urineweg infectie is onderzoeken.
  • Röntgenopname: Een röntgenopname van de borstholte (en soms buikholte) kan aanwijzingen geven voor hartfalen, longklachten (zoals astma) of vocht in de borstholte.
  • Echografie: Met een echografie kunnen we als het ware in de buik kijken. Hiermee kunnen we heel veel problemen in de buikholte goed opsporen.

Wat kunt u zelf doen?

Als uw kat wel vrolijk en speels is, maar slecht eet, kunt u kijken of hij / zij iets anders wil eten dan het normale voedsel. Als uw kat ziek is, braakt, knarsetandt of afwijkend gedrag vertoont, kunt u het beste een afspraak maken bij de dierenarts.

Als uw kat niet zelf eet, moet de kat geholpen worden met eten. Dit kan door het in de mond spuiten van voeding of door het plaatsen van een voedingssonde via de neus of via de hals. Het ingeven van eten via een sonde is makkelijker voor de eigenaar en vaak minder stressvol voor de kat.

U kunt zelf een aantal dingen proberen om een zieke kat weer aan het eten te krijgen:

  • Zorg voor een rustige omgeving: Katten eten het liefst zonder afleiding.
  • Bied zachte voeding aan: Natvoer is vaak makkelijker te eten dan harde brokken.
  • Geef kleine porties: Een volle bak schrikt af.
  • Houd goed bij wat uw kat wel of niet eet.

Als uw kat niet eet en andere symptomen vertoont, is het belangrijk om contact met ons op te nemen. Als u vermoedt dat uw kat kieskeurig is, probeer dan verschillende soorten voedsel uit om te zien of er een smaak is waar uw kat wel interesse in heeft. Als uw kat gestrest lijkt te zijn door een verandering in de omgeving, zorg dan voor een rustige en stabiele omgeving.

Extra tips:

  • Wanneer uw kat iedere dag een beetje minder gaat eten dan geeft u hem voor de verandering iets anders te eten. Liefst een compleet en net iets smakelijker voer. Dat is per kat verschillend. Vooral als uw kat opgewekt en levendig is dan kunt u dit gewoon uitproberen. Vaak helpt het en kunt u met een ander voer verder. Wordt uw kat wel slomer en gaat hij braken dan neemt u het beste contact op met uw dierenarts. Zeker als hij ook gaat knarsetanden of kwijlen (vaak door keelpijn bij niesziekte).
  • Vaak gaat aan het braken van een kat misselijkheid vooraf. Die misselijkheid kan uw kat flink dwars zitten.
  • Om de kans op stress zo klein mogelijk te houden is het belangrijk om grote veranderingen langzaam te introduceren. Laat je huistijger rustig wennen aan veranderingen.
  • Wanneer jouw kat voer krijgt uit een voerbakje dat niet schoon is, kan het dier simpelweg weigeren om te eten. Wanneer er bijvoorbeeld bacteriën achterblijven in de voerbak gaan deze uiteindelijk stinken. Katten vermijden van nature voedsel dat rot of niet meer fris ruikt. Daarom zullen ze ook altijd een voerbak dat rot ruikt vermijden.
  • Een andere tip is om de brokken van jouw kat nat te maken met warm water. Op deze manier gaan de brokken sterker ruiken, dit zet vaak sneller aan tot eten. Wanneer je natvoeding aan je kat geeft kun je deze licht verhitten.
  • Wanneer je jouw kat over wil zetten op een ander merk voeding, doe dit dan geleidelijk aan. Katten kunnen namelijk soms maar moeilijk wennen aan nieuwe voeding. Voor deze dieren zijn smaak, geur en textuur erg belangrijk. Wanneer je in één keer overstapt op een andere voeding kan jouw kleine huistijger zijn neus optrekken voor het voer. Bovendien kan een plotselinge overstap resulteren in maag- en darmklachten. Stap daarom geleidelijk aan over in een periode van zo’n 9 dagen. Op deze manier geef je jouw kat de tijd om te wennen aan een nieuwe geur, smaak en textuur.

Het is belangrijk om de eetgewoonten van uw kat goed in de gaten te houden en snel actie te ondernemen als er iets mis is. Zo zorgt u ervoor dat uw kat gezond blijft en snel weer van zijn eten kan genieten.

labels:

Zie ook: