De warme wintermaanden zijn begonnen en dat betekent automatisch veel feestjes, borrels en gezellige diners. Een goed moment om de tafeletiquette weer even op een rijtje te zetten. Want hoe hoort het eigenlijk ook alweer? In dit blog bespreken we alle etiquetteregels. Zowel vóór het diner, tijdens het diner als na het diner.

Voor het diner

Voor een zakelijk of formeel diner wordt verwacht dat je op tijd komt. Zorg altijd dat je ruim op tijd aanwezig bent. Houd rekening met drukte in het verkeer. Als je binnenkomt groet je de gastheer en gastvrouw. Wel kun je hen bedanken voor de uitnodiging. Als je partner en kinderen ook mee zijn en zij nog nooit eerder kennis hebben gemaakt, stel je hen aan de gastheer en gastvrouw voor.

Volgens etiquette hoor je bij een formeel diner nooit met lege handen aan te komen. Organiseer je zelf een formeel etentje? Een tafel hoort zo mooi mogelijk gedekt te zijn. Als je een diner organiseert is dat ook wat je wilt.

Tijdens het diner

Laten we beginnen met enkele fatsoenregels. Regels die ongeacht formeel of informeel diner gelden aan tafel.

  • Met volle mond praten kan echt niet. Slik altijd eerst je eten door voordat je iemand beantwoord of een gesprek aan gaat.
  • Is het eten warm? Ga dan niet als een gek op het eten blazen. Het ziet er niet erg charmant uit en is onfatsoenlijk. Wacht gewoon rustig tot het eten iets is afgekoeld.
  • Te veel eten opscheppen is ook iets dat we gevoelsmatig nogal graag doen. Maar netjes is het niet. Schep niet te veel op er volgt vast nog wel een tweede ronde.
  • Bij formele etentjes eet of drink je niet eerder tot dat de gastheer of vrouw dit aangeeft.

Het servet

Waar dient het servet ook alweer voor en wat mag je er wel en niet mee? Het servet mag op meerdere plaatsten liggen: links van het bord, onder de vorken, of op het onderbord. Zodra je aan tafel gaat leg je het stoffen servet - niet helemaal uitgevouwen - op schoot. Belangrijk om te weten is dat het servet niet gebruikt dient te worden als slab of zakdoek. Je mond deppen is wel toegestaan.

Het bestek

Voor elke gang ligt er apart bestek op tafel, want na een voorgerecht even je mes en vork aflikken en gebruiken voor de volgende gang is niet zoals het hoort. Gebruik het bestek vervolgens van buiten naar binnen. Je werkt als het ware naar je bord toe. Dus als er tijdens de eerste gang soep wordt geserveerd, dan ligt de soeplepel aan de buitenkant. De vorken liggen links van het bord en de messen rechts. De lepels liggen rechts van het mes. Houd je vork altijd in je linker- en het mes in je rechterhand. Dessertbestek ligt altijd boven het bord. Zodra het dessert wordt geserveerd mag je het betreffende bestek verplaatsen.

Zoals ‘t heurt, zeggen we dan. De etiquette voor het neerleggen van je bestek? Dat lijkt soms wel een escaperoom. Waar begin je? Hoort je vork links of rechts? Die lepels, waar horen die dan? Ligt je vork links of rechts? Vorken liggen altijd links van het bord. Leg je bestek van buiten naar binnen neer. Het bestek dat je nodig hebt voor het voorgerecht, leg je aan de buitenkant. Het bestek voor het dessert leg je niet links en rechts, maar horizontaal boven het bord.

Bestek neerleggen tijdens de maaltijd

Wil je even een pauze inlassen maar daarna nog wel weer verder eten? Leg dan het mes en de vork kruislings op je bord.

Bestek neerleggen na het eten

Ben je uitgegeten? Dan leg je je bestek schuin neer op je bord, met de punten van het bestek naar linksboven gericht. Legt één van de gasten zijn of haar bestek in een punt (als een omgekeerde V) op het bord, met het mes in de vork gehaakt? Dan betekent dat dat diegene het eten niet lekker vond, het geen leuke avond vond… of dat diegene niet op de hoogte is van de juiste tafeletiquette.

Verdere etiquette regels

  • Een botermesje is alleen bedoeld om de boter naar je eigen bord te brengen.
  • Hang ook nooit over tafel om iets te pakken. Vraag gewoon even aan een andere tafelgenoot om het aan te geven. Mocht er iets doorgegeven worden, dan doe je dit altijd naar rechts.
  • Verder is prakken ‘not done’ en vlees snij je hapje voor hapje.
  • En misschien overbodig, maar je snuit je neus héél zachtjes - en alleen als het echt nodig is.
  • Breng het bestek altijd naar je mond.
  • Je ellebogen raken de tafel niet aan en wees vooral niet te hebberig en schep je bord dus niet te vol…Een tweede keer opscheppen mag gewoon.

Drinken

Je zult het misschien niet geloven, maar zelfs voor het drinken van water of wijn gelden speciale regels: zo houd je het wijnglas bijvoorbeeld aan de steel vast, zo wordt de wijn niet door je hand verwarmd. Bij het tafeldekken zet je de wijnglazen rechtsboven: aan de binnenkant van het wijnglas het waterglas, precies boven de messen. Als er meerdere gangen geserveerd worden, is het dichtstbijzijnde glas bedoeld bij de eerste gang, etc.

Voordat je drinkt veeg je eerst je mond met het servet af. Zo worden vetvlekken op het glas voorkomen.

Gang afsluiting

Wenscht men van een gerecht nogmaals te gebruiken dan legge men na het leegeten van het bord vork en mes gekruist neer: de vork met de tanden naar beneden.

Na het diner

Een diner wordt meestal afgesloten met een lekker dessert en vaak wordt er ook nog koffie en thee geschonken na de maaltijd, met eventueel een digestief. Goed om te weten is dat glazen voor dessertwijn vaak pas op tafel worden gezet als het toetje geserveerd wordt en digestiefglazen komen ook pas na afloop van de maaltijd op tafel. Hetzelfde geldt voor koffie- en theeservies. En last but not least: Schuif je servies nooit van je af als je klaar bent met eten.

Informeren over gerechten

Wenscht men van een gerecht niet te gebruiken dan heeft men slechts zacht - neen dank U - te zeggen. Het is volkomen correct om in zoo'n geval b.v. te zeggen: - géén kip meer, dank U - alleen nog wat compôte - of indien men van alles nog wat wil: - ja alsjeblieft.

De gedekte tafel

Een mooi gedekte eettafel zorgt ervoor dat het eten zo mooi mogelijk uitkomt en er smakelijker uitziet. Gebruik een chique damast tafelzeil of kies voor een rustig ogend, het liefst effenkleurig tafelkleed. Zorg dat het tafelzeil of het tafelkleed aan alle kanten van de tafel minstens 20 cm overhang heeft. Zet de borden netjes op tafel en leg er een servet bij. Let op: Er horen geen beschadigingen in de borden te zitten. De servetten kun je mooi vouwen. Het bestek leg je als volgt neer: de vork leg je links van het bord. Aan de rechterkant leg je direct naast het bord het mes. Deze dient met de snijkant naar het bord te liggen. Daarnaast komt de soeplepel. Natuurlijk hoef je niet elk etentje helemaal volgens etiquette uit te voeren. Het ligt vaak aan de mensen die je uitnodigd, de reden van de uitnodiging en waar jij je zelf prettig bij voelt. Het is in ieder geval prettig om wat regeltjes te weten zodat je ze kunt toepassen op momenten wanneer jij dat nodig acht.

Onderwerp Beschrijving
Servet gebruik Niet gebruiken als slab of zakdoek, alleen deppen.
Bestek gebruik Van buiten naar binnen werken, vork links, mes rechts.
Bestek neerleggen na het eten Schuin op het bord, punten naar linksboven.
Drinken Wijnglas aan de steel vasthouden.
Algemene regels Niet met volle mond praten, niet smakken, niet slurpen.

labels:

Zie ook: