De vraag of christenen varkensvlees mogen eten is een onderwerp van discussie dat teruggaat tot de wortels van het christendom en zijn relatie tot het jodendom. In zowel de Bijbel als de Koran staat dat varkens onrein zijn. Waarom eten christenen dan wel varkensvlees en Joden en moslims niet?
Oorsprong in het Oude Testament
Het verbod op varkensvlees gaat terug op bepalingen uit het joodse schrift. Het jodendom baseert zich op de Tora, op Leviticus 11:4-7 en Deuteronomium 14:7-8. De islam laat zich gezeggen door de koran, soera 2:173; 5:3; 6:145; 16:115.
De geboden van de Tora laten er geen twijfel over bestaan: ‘Maar van de herkauwers of de dieren met gespleten hoeven mag u de volgende niet eten … (volgt een opsomming: kameel, klipdas, haas) … het varken, want het heeft wel gespleten hoeven, maar het herkauwt niet: het geldt als onrein. Het vlees van deze dieren mag u niet eten en hun kadavers niet aanraken: zij gelden als onrein’ (Lev. 11:7-8; vgl. Deut.
In Leviticus 11 staan de wetten inzake reine en onreine dieren. Specifiek in Leviticus 11:7-8 lezen we de bepaling over varkensvlees. Er staat het volgende: ‘‘(…) het varken, want dat heeft wel gespleten hoeven; de hoef is in tweeën gespleten, maar het herkauwt het gekauwde eten niet; dat is voor u onrein. Van hun vlees mag u niet eten en hun kadavers niet aanraken; ze zijn voor u onrein.’’
Het zwijn/varken mag niet worden gegeten. Het is bij uitstek een onrein dier. Naar de precieze reden kan men slechts gissen. Een oude verklaring is te vinden in het werk van de Romeinse historicus Tacitus die in het eerste decennium van de tweede eeuw naar aanleiding van zijn relaas over de verovering van Jeruzalem door Titus in 70 een uitvoerige beschrijving geeft van het joodse volk en zijn religieuze gewoonten en gebruiken: ‘Ze onthouden zich van het eten van varkensvlees ter herinnering aan een ramp, want de schurft waaraan dat dier vaak lijdt had hen zelf ook eens geteisterd’.
Zoals dat ook met andere oudtestamentische voorschriften (bijvoorbeeld besnijdenis) het geval is, staat de Tora beslist niet alleen in de negatieve waardering van het zwijn/varken.
Culturele Context
Bij andere volken in de antieke wereld -Egyptenaren, Kanaänieten, Babyloniërs - bestond evenwel meer waardering voor zwijnen. Ze werden zelfs als heilig beschouwd. In de Griekse wereld meende men aan hun bloed een reinigende werking te kunnen toeschrijven. In de cultus van de Romeinen speelde het offer van zwijnen een centrale rol.
Na de Babylonische ballingschap en in het bijzonder als gevolg van de veroveringstochten van Alexander de Grote nam de invloed van de Grieks-hellenistische, en naderhand ook van de Romeinse, cultuur in het joodse land steeds verder toe. De jood die zich aan de geboden van de Tora wenste te houden, liep in toenemende mate gevaar door varkens verontreinigd te worden (Jes. 65:4; 66:3,17).
Tot een dramatisch dieptepunt kwam het in de jaren 167-164 v.Chr. toen de Syrische koning Antiochus IV pogingen deed het joodse geloof te helleniseren. Besnijdenis en sabbat werden verboden, in de tempel te Jeruzalem werd een altaar opgericht ter ere van de Griekse oppergod Zeus -in de bijbel wordt dit alles aangeduid als ‘de gruwel der verwoesting’ (Dan. 9:27; 11:31; vgl. Mar. 13:14; Mat. 24:15). Vrome Joden werden gedwongen varkensvlees te eten.
In de periode rondom het begin van de jaartelling woonde een groot aantal niet-Joden in het joodse land. Enkele steden kenden een overwegend Grieks-Romeinse bevolking - bijvoorbeeld Tiberias dat door Joden werd gemeden, omdat zij niet wensten te wonen in een stad waarvan de naam hen onophoudelijk aan de keizer te Rome (Tiberius) zou herinneren.
Uit verhalen in de evangeliën valt af te leiden dat met name in de Decapolis - het gebied aan de overzijde van de Jordaan en ten zuidoosten van het meer van Galilea - grote kudden varkens werden gehoed (Mar. 5:11-13; Mat. 8:30-32; Luc.
Symboliek en Weerzin
In hun speurtochten naar voedsel zijn varkens/zwijnen voortdurend bezig in de grond te wroeten. Daarbij schijnen ze een voorkeur te hebben voor modderige plekken en wentelen ze zich zelfs met genoegen in de modder. Het was de Spreukendichter niet ontgaan en zijn waardering voor de snuit van het varken was dan ook niet groot: ‘Een mooie vrouw die onverstandig is, is als een gouden ring in de snuit van een varken’ (Spr. 11:22).
Een soortgelijke weerzin klinkt in een nieuwtestamentische tekst waarin een spreekwoord wordt geciteerd: ‘Een hond keert terug naar zijn eigen braaksel en een schoongewassen zeug naar de modderpoel’ (2 Petr. 2:22).
In de tweede eeuw, nadat het schisma joden-dom-christendom realiteit is geworden, wordt de christelijke kerk in toenemende mate geconfronteerd met de vraag naar de concrete betekenis van de geboden van de Tora. Is het geoorloofd varkensvlees te eten? De heiden-christelijke kerk kostte het niet veel moeite op die vraag een bevestigend antwoord te geven (vgl. Hand. 10:918; 11:5-18). Maar wat is dan nog de betekenis van de geboden betreffende rein en onrein voedsel?
De bijbelse symboliek van het varken of zwijn is negatief. In sommige godsdiensten is het een onrein dier. Het varken of zwijn heeft weinig raakvlakken met andere begrippen.
Interpretaties in het Nieuwe Testament
De schrijvers van het Nieuwe Testament maken in meerdere boeken duidelijk dat Jahweh er niet alleen voor de Joden is, maar ook voor de heidenen.
De grootste bruggenbouwer tussen deze twee groepen was Paulus, de man die Jezus in een visioen zag en besloot de wijde wereld te vertellen dat hij gestorven en opgestaan was voor hun zonden. Volgens Paulus was het niet nodig om je aan de oude Joodse wet te houden om ‘redding’ te ontvangen. Zo predikte hij dat heidenen zich niet hoefden te besnijden om zich aan te sluiten bij het christendom. Geloof in Jezus was voldoende.
Dat voor niet-Joden andere regels gelden dan voor Joden wordt ook duidelijk in het boek Handelingen der Apostelen. Daar valt te lezen dat de apostel Simon Petrus honger kreeg toen hij op een dak aan het bidden was. Hij zag een tafellaken uit de hemel komen met allemaal (onreine) dieren erop. Hij hoorde een stem zeggen: ‘Kom Petrus, slacht en eet!’
Dat wilde Petrus in eerste instantie niet, want hij had naar eigen zeggen nog nooit iets onreins gegeten. Maar God verzekerde hem dat het voedsel rein was. Een paar passages later begint Petrus te preken en daalt de Heilige Geest neer op zowel Joden als niet-Joden. ‘Toen zei Petrus: ‘Kan iemand er nog bezwaar tegen hebben dat deze mensen gedoopt worden? Ze hebben immers net als wij de Heilige Geest gekregen.’’
Als deze duidelijke wet in de Bijbel staat, waarom mogen wij christenen dan nog wel varkensvlees eten? In Marcus 7:14-23 onderwijst Jezus een menigte en zegt het volgende: ‘‘Luister allen naar Mij en begrijp het goed; Er is niets dat van buitenaf de mens binnengaat, dat hem kan verontreinigen; maar de dingen die van hem uitgaan, die zijn het die de mens verontreinigen.’’
Zijn discipelen vroegen Hem vervolgens naar de gelijkenis, waarop Jezus antwoordde: ‘‘Bent ook u zo onwetend? Ziet u niet in dat alles wat van buitenaf de mens binnen gaat, hem niet kan verontreinigen? Want het komt niet in zijn hart maar in zijn buik en gaat in de afzondering naar buiten. Zo wordt al het voedsel gereinigd.’’ Jezus leert ons dat wij niet verontreinigd kunnen worden van etenswaren, dus ook niet van varkensvlees. Hij maakt geen onderscheid tussen verschillende etenswaren, maar beoordeelt het geheel over dezelfde maat.
Jezus vervolgt dit met: ‘‘wat uit de mens naar buiten komt, dat verontreinigt de mens. Want van binnenuit, uit het hart van de mensen, komen voort kwade overwegingen (…)’’. Jezus noemt op wat ons wél kan verontreinigen; namelijk het kwaad dat uit ons hart komt.
In Handelingen 10 spreekt de Heer met Petrus. In dit hoofdstuk is Petrus op reis en krijgt tijdens zijn reis honger, waarna hij de hemel ziet openen en een groot linnen laken met daarop viervoetige dieren naar hem toekomen. Een stem kwam toen tot hem: “sta op Petrus en slacht het eten!” Maar Petrus wilde dit niet, omdat hij niets wilde eten wat onheilig of onrein zou zijn.
Uit het Nieuwe Testament blijkt dat God de wetten van het Oude Testament, ten aanzien van onrein voedsel, tenietgedaan. Romeinen 14:20 ‘‘Breek niet om wat u eet het werk van God af.
Timotheüs 4:4-5 ‘‘Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets is verwerpelijk, wanneer het onder dankzegging aanvaard wordt.
Gezondheidsoverwegingen
Een artikel uit 2012 van Psychology Today ("Is Pork Still Dangerous?" [Is varkensvlees nog steeds gevaarlijk]) en een artikel uit 2017 op Healthline.com ("4 Hidden Dangers of Pork" [4 verborgen gevaren van varkensvlees]) wijzen beide op mogelijke gezondheidsrisico's gerelateerd aan de consumptie van varkensvlees. Deze bronnen laten, zoals zo vaak het geval is, zien hoe modern onderzoek en wetenschap de Bijbel vaak ondersteunen, zelfs op het gebied van gezondheid en geneeskunde.
Vaak wordt ten onrechte gedacht dat sommige passages in het Nieuwe Testament de wetten van rein en onrein vlees afschaffen. Dit is meestal het resultaat van het uit de context halen van deze verzen en het niet in ogenschouw nemen van de rest van de Bijbel.
Er is significant bewijs dat potentiële gezondheidsrisico's gerelateerd aan de consumptie van varkensvlees aantoont ̶ en het is waarschijnlijk dat niet alle gezondheidsrisico's gerelateerd aan de consumptie van varkensvlees bekend zijn.
God gaf vele richtlijnen en wetten met betrekking tot gezondheid, waaronder dieetwetten, en deze waren allemaal voor de gezondheid en het welzijn van de mensheid (Deuteronomium 10:13). Dit geldt zeker ook voor Gods instructies tegen het eten van varkensvlees.
Statistieken over Vleesconsumptie
Het is interessant om op te merken dat het overgrote deel van de vleesconsumptie in de wereld (vis niet meegerekend) afkomstig is van slechts vijf dieren. Maar het dier dat bovenaan de lijst staat is ook het enige dat de Bijbel uitdrukkelijk verbiedt: varkensvlees.
Volgens de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) is vlees van varkens, kippen, koeien, schapen en geiten goed voor ongeveer 98 procent van al het vlees dat in de wereld wordt gegeten. Recente rapporten van de FAO laten zien dat varkensvlees daarvan met 36 procent het grootste deel uitmaakt, gevolgd door kip (33 procent), rundvlees (24 procent) en geiten- en schapenvlees (5 procent).
| Soort Vlees | Percentage van Totale Consumptie |
|---|---|
| Varkensvlees | 36% |
| Kip | 33% |
| Rundvlees | 24% |
| Geiten- en Schapenvlees | 5% |
labels: #Vlees
Zie ook:
- Ontdek Eten Volgens Je Cyclus: Heerlijke Recepten en Essentiële Tips voor Elke Fase!
- Ontbijt Schijf van Vijf Voorbeelden: Gezonde En Lekker Beginnen Met Je Dag!
- Ontdek Verfrissende Lunch Recepten Geïnspireerd Door De 5 Elementenleer Voor Optimale Energie!
- Ontdek het Oer-Hollandse Geheim van Hachee: Authentiek Recept en Heerlijke Ingrediënten!
- Ontdek De Ultieme Gezond Eten Richtlijnen Voor Een Vitaal Leven!
- Ontdek Jamie Oliver's Pasta Pesto Recept: Supersnel en Overheerlijk!




